Rijkswet van 15 juni 2016, houdende bepalingen omtrent de toepassing in Aruba, Curaçao en Sint Maarten van beperkende maatregelen met het oog op de handhaving of het herstel van de internationale vrede en veiligheid of de bevordering van de internationale rechtsorde dan wel de bestrijding van terrorisme, vastgesteld in het kader van het Gemeenschappelijk Buitenlands en Veiligheidsbeleid van de Europese Unie (Rijkssanctiewet)

Rijkssanctiewet

Wij, Willem-Alexander, bij de gratie Gods, Koning der Nederlanden, Prins van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.
Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:
Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het voor de eenheid van de buitenlandse betrekkingen van het Koninkrijk wenselijk is om bepalingen vast te stellen met het oog op de toepassing in Aruba, Curaçao en Sint Maarten van besluiten, vastgesteld in het kader van het Gemeenschappelijk Buitenlands en Veiligheidsbeleid van de Europese Unie, houdende beperkende maatregelen met het oog op de handhaving of het herstel van de internationale vrede en veiligheid of de bevordering van de internationale rechtsorde dan wel de bestrijding van terrorisme;

Zo is het, dat Wij, de Raad van State van het Koninkrijk gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, de bepalingen van het Statuut voor het Koninkrijk in acht genomen zijnde, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

Artikel

1

Artikel

2

Aruba, Curaçao en Sint Maarten treffen alle voorzieningen die noodzakelijk zijn voor de uitvoering van de rechtshandelingen, bedoeld in artikel 1, eerste lid, en de besluiten betreffende beperkende maatregelen, vastgesteld op voet van artikel 29 van het Verdrag betreffende de Europese Unie in het kader van het Gemeenschappelijk Buitenlands en Veiligheidsbeleid van de Europese Unie, onverminderd het overigens bij of krachtens rijkswetgeving bepaalde.

Artikel

3

Aruba, Curaçao en Sint Maarten worden betrokken bij de standpuntbepaling van Nederland met het oog op de totstandkoming van rechtshandelingen, bedoeld in artikel 1, eerste lid, en besluiten betreffende beperkende maatregelen, vastgesteld op voet van artikel 29 van het Verdrag betreffende de Europese Unie in het kader van het Gemeenschappelijk Buitenlands en Veiligheidsbeleid van de Europese Unie die hen raken.

Artikel

4

Reeds bij inwerkingtreding van deze rijkswet geldende bepalingen van bindende EU-rechtshandelingen, bedoeld in artikel 1, eerste lid, zijn van overeenkomstige toepassing vanaf het tijdstip waarop deze rijkswet in werking is getreden.

Artikel

5

Deze rijkswet treedt in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip, dat voor invoering van de verschillende artikelen of onderdelen voor de afzonderlijke landen verschillend kan worden vastgesteld.

Artikel

6

Deze rijkswet wordt aangehaald als: Rijkssanctiewet.

Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad, in het Afkondigingsblad van Aruba, in het Publicatieblad van Curaçao en in het Afkondigingsblad van Sint Maarten zal worden geplaatst en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren die zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.

Gegeven te

Wassenaar
Willem-Alexander
De Minister van Buitenlandse Zaken, A.G. Koenders
De Minister van Veiligheid en Justitie, G.A. van der Steur