Regeling van de Minister van Veiligheid en Justitie van 19 oktober 2016, nr. 2002490 tot vaststelling van regels omtrent de vliegtoelage voor de vliegers bij de Landelijke eenheid (Regeling vliegtoelage vliegers Landelijke eenheid)

Regeling vliegtoelage vliegers Landelijke eenheid

De Minister van Veiligheid en Justitie,

Besluit:

Artikel

1

Artikel

2

Deze regeling is niet van toepassing op de vlieger die als vlieger na de datum van inwerkingtreding van deze regeling in dienst is getreden bij de politie.

Artikel

3

Artikel

4

Artikel

5

Artikel

6

Artikel

7

Voor de toepassing van deze regeling wordt onder vlieger tevens verstaan de ambtenaar, bedoeld in artikel 3, eerste lid, onderdeel a, van de Politiewet 1993, in de periode van 1 november 2008 tot en met 1 januari 2013 aangesteld bij het Korps Landelijke Politiediensten, bij wie operationeel vliegen onderdeel uitmaakte van de functie.

Artikel

8

Uiterlijk drie jaar na inwerkingtreding van dit artikel en daarna telkens uiterlijk om de drie jaar wordt geëvalueerd of, gelet op de positie van vliegers op de arbeidsmarkt, nog voldoende grond aanwezig is voor het voortbestaan van deze regeling.

Artikel

9

Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst en werkt, met uitzondering van artikel 8, terug tot en met 1 november 2008.

Artikel

10

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling vliegtoelage vliegers Landelijke eenheid.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De Minister van Veiligheid en Justitie,G.A. van derSteur