Wij Willem-Alexander, bij de gratie Gods, Koning der Nederlanden, Prins van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.
Op de voordracht van Onze Minister van Infrastructuur en Milieu van 13 maart 2017, nr. IenM/BSK-2016/260276, Hoofddirectie Bestuurlijke en Juridische Zaken, gedaan in overeenstemming met Onze minister voor Wonen en Rijksdienst;
De Afdeling advisering van de Raad van State gehoord (10 mei 2017, nr.W14.17.0076/IV);
Gezien het nader rapport van Onze Minister van Infrastructuur en Milieu van 6 juni 2017, nr. IenM/BSK-2017/127280, Hoofddirectie Bestuurlijke en Juridische Zaken, uitgebracht in overeenstemming met Onze minister voor Wonen en Rijksdienst;