Artikel
1
Begripsbepalingen
In dit besluit wordt verstaan onder:
-
a.
Minister: Minister van Defensie;
-
b.
commissie: commissie, bedoeld in artikel 2.
Besluit:
In dit besluit wordt verstaan onder:
Minister: Minister van Defensie;
commissie: commissie, bedoeld in artikel 2.
Er is een Commissie onderzoek naar de werkwijzen die hebben geleid tot het mortierongeval in Mali.
De commissie heeft tot taak:
het mede aan de hand van het rapport van de Onderzoeksraad voor veiligheid inzake het mortierongeval Mali doen van onderzoek naar de werkwijzen die de door de Onderzoeksraad voor veiligheid geconstateerde tekortkomingen mogelijk hebben gemaakt, waarbij de focus zal liggen op besluitvorming, cultuur en mentaliteit in het kader van missies en operaties;
een oordeel te geven in hoeverre er op enigerlei moment sprake is geweest van nalatig en/of verwijtbaar handelen.
De commissie wordt ingesteld voor de duur van het onderzoek, te rekenen vanaf de datum van inwerkingtreding van dit besluit.
Tot lid van de commissie worden benoemd:
de heer J. van der Veer, tevens voorzitter;
mevrouw C.J.M. Klaassen;
de heer D.L. Berlijn;
de heer A.H.M. de Jong.
De leden van de commissie zijn bevoegd zich voor het inwinnen van inlichtingen te wenden tot personen en instellingen en hen te verzoeken die medewerking te verlenen die redelijkerwijs nodig is voor de uitvoering van de taken van de commissie.
De commissie verstrekt aan de Minister desgevraagd de door de Minister gewenste inlichtingen.
De commissie brengt uiterlijk 1 januari 2018 eindrapport met concrete aanbevelingen uit aan de Minister.
De voorzitter en de andere leden alsmede personen als bedoeld in artikel 7 die de commissie bijstaan, ontvangen per vergadering een vergoeding, voor zover zij niet vallen onder de uitzondering van artikel 2, derde lid, van de Wet vergoedingen adviescolleges en commissies en hiermee niet het in artikel 6, eerste lid, van het Besluit vergoedingen adviescolleges en commissies bedoelde maximumbedrag overschrijden.
De vergoeding per vergadering van de leden, alsmede personen als bedoeld in artikel 7 bedraagt 3% van het maximum van salarisschaal 18 van bijlage B van het Bezoldigingsbesluit Burgerlijke Rijksambtenaren 1984.
Dit besluit wordt aangehaald als: Instellingsbesluit Tijdelijke commissie onderzoek naar geconstateerde tekortkomingen mortierongeval Mali.
Dit besluit zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst en in afschrift worden gezonden aan betrokkenen.