Besluit van de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport van 1291327-172939-OBP, houdende de vaststelling van het Organisatiebesluit VWS (Organisatiebesluit VWS 2018)
Organisatiebesluit VWS 2018
De Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport,
Minister: de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport;
b.
ministerie: het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport;
c.
ressorteren: vallend onder het gezagsbereik van de genoemde functionaris.
Hoofdstuk
2
Hoofdstructuur van de organisatie
Artikel
2
Het ministerie bestaat uit de volgende organisatieonderdelen:
a.
de Algemene Leiding;
b.
het Directoraat-Generaal Volksgezondheid (DGV);
c.
het Directoraat-Generaal Curatieve Zorg (DGCZ);
d.
het Directoraat-Generaal Langdurige zorg (DGLZ);
e.
de (staf-)directies;
f.
de diensten en instellingen;
g.
de secretariaten van raden en commissies.
Hoofdstuk
3
Algemene leiding
Artikel
3
1
De Algemene Leiding ressorteert onder de Minister.
2
De Algemene Leiding bestaat uit:
a.
de Secretaris-Generaal (SG);
Onder de SG ressorteren de volgende diensten en (staf-)directies:
1.
Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ);
2.
de directie Macro-Economische Vraagstukken en Arbeidsmarkt (MEVA);
3.
de directie Financieel-Economische Zaken (FEZ);
4.
de directie Communicatie (DCo);
5.
het programma Innovatie en Zorgvernieuwing (IenZ).
b.
de plaatsvervangend Secretaris-Generaal (pSG);
De pSG is belast met de interne organisatie en het beheer van het ministerie en vervangt de SG bij diens afwezigheid. Onder de pSG ressorteren de volgende (staf-)directies en programma’s:
1.
de directie Bestuurlijke en Politieke Zaken (BPZ);
2.
de directie Organisatie, Bedrijfsvoering en Personeel (OBP);
3.
de directie Wetgeving en Juridische Zaken (WJZ);
4.
de directie Informatiebeleid-CIO (DI-CIO);
5.
de directie Eenheid Secretariaten Tuchtcolleges en Toetsingscommissies (ESTT);
6.
het programma PGB;
7.
het project EMA.
c.
de Directeur-Generaal Volksgezondheid (DGV);
Onder de DGV ressorteren de volgende directies:
1.
de directie Publieke Gezondheid (PG);
2.
de directie Sport (S);
3.
de directie Voeding, Gezondheidsbescherming en Preventie (VGP);
4.
de directie Internationale Zaken (IZ).
d.
de Directeur-Generaal Curatieve Zorg (DGCZ);
Onder de DGCZ ressorteren de volgende directies:
1.
de directie Curatieve Zorg (CZ);
2.
de directie Geneesmiddelen en Medische Technologie (GMT);
3.
de directie Patiënt en Zorgordening (PZo).
e.
de Directeur-Generaal Langdurige Zorg (DGLZ).
Onder de DGLZ ressorteren de volgende directies:
1.
de directie Langdurige Zorg (LZ);
2.
de directie Zorgverzekeringen (Z);
3.
de directie Maatschappelijke Ondersteuning (DMO);
4.
de directie Jeugd (DJ).
Artikel
4
De volgende diensten en instellingen ressorteren onder de pSG:
1.
de baten-lastendienst Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM);
2.
de baten-lastendienst agentschap College ter Beoordeling van Geneesmiddelen (aCBG);
3.
de baten-lastendienst CIBG;
4.
de Dienst Uitvoering Subsidies aan Instellingen (DUS-I);
5.
het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP);
6.
de projectdirectie Antonie van Leeuwenhoekterrein (Pd-Alt).
Artikel
5
De volgende secretariaten van raden en commissies maken deel uit van het Ministerie.
Onder de pSG ressorteren:
1.
het secretariaat van de Raad voor Volksgezondheid en Samenleving (RVS);
2.
Het secretariaat van de Gezondheidsraad (GR).
3.
het secretariaat van de Centrale Commissie Mensgebonden Onderzoek (CCMO).
Onder de Directeur-Generaal Volksgezondheid ressorteert:
1.
het secretariaat van Nederlandse Sportraad (NL SR);
Artikel
6
1
Het RIVM, het Directoraat-Generaal Volksgezondheid, het Directoraat-Generaal Curatieve Zorg en het Directoraat-Generaal Langdurige Zorg ressorteren onder een Directeur-Generaal.
2
De IGJ staat onder leiding van een Inspecteur-Generaal
3
De directies, de stafdirecties, DUS-I, het agentschap CBG, CIBG en SCP staan onder leiding van een directeur.
4
De programma’s staan onder leiding van een programmamanager of programmadirecteur.
Hoofdstuk
4
Secretaris Generaal
Artikel
7
Onder de SG ressorteren de volgende onderdelen:
a.
De directie Macro-Economische Vraagstukken en Arbeidsmarkt (MEVA);
b.
De directie Financieel Economische Zaken (FEZ);
c.
De directie Communicatie (DCo);
d.
Het programma Innovatie en Zorgvernieuwing (IenZ).
Artikel
8
De directie Macro-Economische Vraagstukken en Arbeidsmarkt bestaat uit de volgende onderdelen:
a.
Algemeen Economisch Beleid;
b.
Opleidingen en Financiën;
c.
Beroepen en Arbeidsmarkt.
Artikel
9
De directie Financieel-Economische Zaken bestaat uit de volgende onderdelen:
a.
Beleidstoetsing en Advies;
b.
Budgettaire Zaken;
c.
Ontwikkeling Financieel Beleid en Beheer.
Artikel
10
De directie Communicatie bestaat uit de volgende onderdelen:
a.
Beleidscommunicatie;
b.
Concerncommunicatie.
Hoofdstuk
5
De plaatsvervangend Secretaris Generaal
Artikel
11
Onder de pSG ressorteren de volgende onderdelen:
a.
de directie Bestuurlijke en Politieke Zaken (BPZ);
b.
de directie Organisatie, Bedrijfsvoering en Personeel (OBP);
c.
de directie Informatiebeleid – CIO (DI CIO);
d.
de directie Wetgeving en Juridische Zaken (WJZ);
e.
de directie Eenheid secretariaten tuchtcolleges en toetsingscommissies (ESTT);
f.
het programma PGB;
g.
het project EMA.
Artikel
12
De directie Bestuurlijke en Politieke Zaken bestaat uit de volgende onderdelen:
a.
Bestuurlijke Politieke Advisering;
b.
Logistiek, Kabinet en Secretariaat;
c.
Concernsturing;
d.
Stukkenstroom.
Artikel
13
De directie Organisatie, Bedrijfsvoering en Personeel bestaat uit de volgende onderdelen:
a.
Bedrijfsbureau;
b.
Afdeling Informatievoorziening en Facilitair Management;
c.
Afdeling Personeel en Organisatie;
d.
Afdeling VWS Flex;
e.
Afdeling Bureau Integrale Veiligheid.
Artikel
14
De directie Informatiebeleid – CIO bestaat uit de volgende onderdelen:
a.
Cluster Informatiebeleid;
b.
Cluster Kaderstelling en Toetsing.
Artikel
15
De directie Wetgeving en Juridische Zaken staat onder leiding van een collegiaal managementteam. Onder eindverantwoordelijkheid van de directeur stuurt het managementteam op de koers, prioritaire thema’s, flexibele inzet van medewerkers en organisatie van de directie.
Artikel
16
De directie Eenheid secretariaten tuchtcolleges en toetsingscommissies bestaat uit de volgende onderdelen:
a.
EST (eenheid secretariaten tuchtcolleges);
b.
RTE (regionale toetsingscommissies euthanasie).
Hoofdstuk
6
Directoraat-Generaal Volksgezondheid
Artikel
17
Het Directoraat-Generaal Volksgezondheid (DGV) bestaat uit de volgende onderdelen:
a.
de directie Publieke Gezondheid (PG);
b.
de directie Sport (S);
c.
de directie Voeding, Gezondheidsbescherming en Preventie (VGP);
d.
de directie Internationale Zaken (IZ).
Artikel
18
De directie Publieke Gezondheid bestaat uit de volgende onderdelen:
a.
Financieel Beleid en Ethiek;
b.
Crisisbeheersing en Infectieziekten;
c.
Openbare en Jeugdgezondheidszorg.
Artikel
19
De directie Sport staat onder leiding van een collegiaal managementteam. Onder eindverantwoordelijkheid van de directeur stuurt het managementteam op de koers, prioritaire thema’s, flexibele inzet van medewerkers en organisatie van de directie.
Artikel
20
De directie Voeding, Gezondheidsbescherming en Preventie staat onder leiding van een collegiaal managementteam. Onder eindverantwoordelijkheid van de directeur stuurt het managementteam op de koers, prioritaire thema’s, flexibele inzet van medewerkers en organisatie van de directie.
Artikel
21
De directie Internationale Zaken staat onder leiding van een collegiaal managementteam. Onder eindverantwoordelijkheid van de directeur stuurt het managementteam op de koers, prioritaire thema’s, flexibele inzet van medewerkers en organisatie van de directie.
Hoofdstuk
7
Directoraat-Generaal Curatieve Zorg
Artikel
22
Het Directoraat-Generaal Curatieve Zorg (DGCZ) bestaat uit de volgende directies:
a.
de directie Curatieve Zorg (CZ);
b.
de directie Geneesmiddelen en Medische Technologie (GMT);
c.
de directie Patiënt en Zorgordening (PZo).
Artikel
23
De directie Curatieve Zorg staat onder leiding van een collegiaal managementteam. Onder eindverantwoordelijkheid van de directeur stuurt het managementteam op de koers, prioritaire thema’s, flexibele inzet van medewerkers en organisatie van de directie.
Artikel
24
De directie Geneesmiddelen en Medische Technologie staat onder leiding van een collegiaal managementteam. Onder eindverantwoordelijkheid van de directeur stuurt het managementteam op de koers, prioritaire thema’s, flexibele inzet van medewerkers en organisatie van de directie.
Artikel
25
De directie Patiënt en Zorgordening staat onder leiding van een collegiaal managementteam. Onder eindverantwoordelijkheid van de directeur stuurt het managementteam op de koers, prioritaire thema’s, flexibele inzet van medewerkers en organisatie van de directie.
Hoofdstuk
8
Directoraat-Generaal Langdurige Zorg
Artikel
26
Het Directoraat-Generaal Langdurige Zorg (DGLZ) bestaat uit de volgende directies:
a.
de directie Langdurige Zorg (LZ);
b.
de directie Zorgverzekeringen (Z);
c.
de directie Maatschappelijke Ondersteuning (DMO);
d.
de directie Jeugd (DJ).
Artikel
27
De directie Langdurige Zorg bestaat uit de volgende onderdelen:
a.
Kwaliteitsbeleid Zorginstellingen;
b.
Sturing, financiering en informatie;
c.
Toegang;
d.
Financieel Advies en Beleidsondersteuning.
Artikel
28
De directie Zorgverzekeringen staat onder leiding van een collegiaal managementteam. Onder eindverantwoordelijkheid van de directeur stuurt het managementteam op de koers, prioritaire thema’s, flexibele inzet van medewerkers en organisatie van de directie.
Artikel
29
De directie Maatschappelijke Ondersteuning staat onder leiding van een collegiaal managementteam. Onder eindverantwoordelijkheid van de directeur stuurt het managementteam op de koers, prioritaire thema’s, flexibele inzet van medewerkers en organisatie van de directie.
Artikel
30
De directie Jeugd staat onder leiding van een collegiaal managementteam. Onder eindverantwoordelijkheid van de directeur stuurt het managementteam op de koers, prioritaire thema’s, flexibele inzet van medewerkers en organisatie van de directie.
Het secretariaat van de Transitie Autoriteit Jeugd (TAJ) ressorteert onder de directie Jeugd.
Hoofdstuk
9
De diensten en instellingen
Artikel
31
Het agentschap College Beoordeling Geneesmiddelen bestaat uit de volgende onderdelen:
1.
Regulatoir Informatie Centrum;
2.
Farmaco Therapeutische-groep I;
3.
Farmaco Therapeutische-groep II;
4.
Farmaco Therapeutische-groep III;
5.
Farmaco Therapeutische-groep IV;
6.
Afdeling Botanicals en Nieuwe Voedingsmiddelen;
7.
Bureau Diergeneesmiddelen;
8.
Geneesmiddelenbewaking;
9.
Kwaliteit;
10.
Farmacologie, Toxicologie en Kinetiek;
11.
Afdeling Bestuurlijke Regulatoire & Internationale Zaken;
12.
Programmabureau;
13.
Afdeling Communicatie;
14.
Afdeling Financiën, Kwaliteit en Control;
15.
Afdeling HRM en Opleidingen;
16.
Afdeling Facilitaire Dienst;
17.
Afdeling Managementondersteuning.
Artikel
32
Het CIBG bestaat uit de volgende onderdelen:
1.
Stafafdeling Juridische Zaken;
2.
Stafafdeling HRM en Opleidingen;
3.
Afdeling Account- en Projectmanagement;
4.
COO; onder de COO vallen de volgende afdelingen:
a.
Registers en Knooppunten 1;
b.
Registers en Knooppunten 2;
c.
Registers en Knooppunten 3;
d.
Registers en Knooppunten 4;
e.
Klant & Communicatie.
5.
CFO/CIO; onder de CFO/CIO vallen de volgende afdelingen:
a.
ICT;
b.
Informatievoorziening;
c.
Stafafdeling Financiën Kwaliteit en Control.
Artikel
33
De Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ) staat onder leiding van een inspecteur-generaal (IG).
1.
Onder de IG ressorteren:
a.
de Hoofdinspecteurs die belast zijn met bepaalde gebieden van de zorg en tevens aangewezen kunnen worden als plaatsvervangend I-G:
1°.
de Hoofdinspecteur Cure en GMT;
2°.
de Hoofdinspecteur Maatschappelijke Zorg;
3°.
de Hoofdinspecteur Jeugd.
b.
de directeur Beleid, Juridische Zaken en Communicatie;
c.
de directeur Bedrijfsvoering;
d.
het hoofd Bureau Opsporing en Boetes;
e.
de directeur Bureau Toezicht Sociaal Domein/Samenwerkend Toezicht Jeugd.
2.
Onder de Hoofdinspecteur Cure en GMT ressorteren de volgende onderdelen:
a.
Eerstelijnszorg;
b.
Medisch Specialistische Zorg 1;
c.
Medisch Specialistische Zorg 2;
d.
Farmaceutische Bedrijven;
e.
Producten en Mondzorg;
f.
Medische Technologie.
3.
Onder de Hoofdinspecteur Maatschappelijke Zorg ressorteren de volgende onderdelen:
a.
Verpleging en Verzorging 1;
b.
Verpleging en Verzorging 2;
c.
Gehandicaptenzorg en Zorg voor Asielzoekers en Justitiabelen;
d.
Geestelijke Gezondheidszorg;
e.
Netwerkzorg en Preventie;
f.
Meldpunt Inspectie gezondheidszorg en jeugd;
g.
het Landelijk Meldpunt Zorg.
4.
Onder de Hoofdinspecteur Jeugd ressorteren de volgende onderdelen:
a.
Jeugd 1;
b.
Jeugd 2.
5.
Onder de directeur Beleid, Juridische Zaken en Communicatie ressorteren de volgende onderdelen:
a.
Bestuursondersteuning en Beleidsregie;
b.
Juridische Zaken;
c.
Communicatie.
6.
Onder de directeur Bedrijfsvoering ressorteren de volgende onderdelen:
a.
Financiën, Kwaliteit en Control;
b.
Personeel en Organisatie;
c.
Risicodetectie en Ontwikkeling;
d.
Informatie en ICT;
e.
Facilitaire Dienst en DIV;
f.
Administratieve en Management Ondersteuning.
Artikel
34
De baten-lastendienst Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu staat onder leiding van een Directeur-Generaal (DG). De Chief Financial Officer (CFO) is tevens plaatsvervangend Directeur-Generaal (pDG) en is verantwoordelijk voor de bedrijfsvoering.
1.
Onder de DG ressorteren:
a.
de CFO/pDG;
b.
de directeur Volksgezondheid en Zorg;
c.
de directeur Centrum Infectieziektebestrijding;
d.
de directeur Milieu en Veiligheid;
e.
de stafeenheid Bureau Directieraad;
f.
het Projectbureau Nieuwe Huisvesting RIVM.
2.
Onder de pDG ressorteren:
a.
de stafeenheid Communicatie en Documentaire Informatievoorziening;
b.
de stafeenheid Organisatie, Bedrijfsvoering en Personeel;
c.
de stafeenheid Finance, Compliance en Control;
d.
de Dienst Vaccinvoorziening en Preventieprogramma’s;
e.
het Shared Service Centrum Campus.
3.
Onder de directeur Volksgezondheid en Zorg ressorteren de volgende onderdelen:
a.
Centrum Gezondheid en Maatschappij;
b.
Centrum Gezondheidsbescherming;
c.
Centrum Voeding, Preventie en Zorg;
d.
Centrum voor Bevolkingsonderzoek.
4.
Onder de directeur Centrum Infectieziektebestrijding ressorteren de volgende onderdelen:
a.
Centrum Epidemiologie en Surveillance van Infectieziekten;
b.
Centrum Landelijke Coördinatie Infectieziektebestrijding;
c.
Centrum Infectieziekteonderzoek, Diagnostiek en Screening;
d.
Centrum Zoönosen en Omgevingsmicrobiologie;
e.
Centrum Immunologie van Infectieziekten en Vaccins;
f.
Centrum antibioticaresistentie.
5.
Onder de directeur Milieu en Veiligheid ressorteren de volgende onderdelen:
a.
Centrum Veiligheid van Stoffen en Producten;
b.
Centrum Duurzaamheid, Milieu en Gezondheid;
c.
Centrum Milieukwaliteit;
d.
Centrum Veiligheid.
Artikel
35
De Dienst Uitvoering Subsidies aan Instellingen staat onder leiding van een collegiaal managementteam. Onder eindverantwoordelijkheid van de directeur stuurt het managementteam op de koers, prioritaire thema’s, flexibele inzet van medewerkers en organisatie van de dienst.
Artikel
36
Het Sociaal en Cultureel Planbureau staat onder leiding van een directeur en twee adjunct-directeuren.
Het Planbureau werkt met een flexibele programmastructuur en kent daarnaast de volgende vaste onderdelen:
a.
Bedrijfsvoering;
b.
Methodologie.
Artikel
37
De projectdirectie Antonie van Leeuwenhoekterrein (Alt) bestaat uit de volgende onderdelen:
a.
Projectdirectie;
b.
Instituut voor Translationele Vaccinologie (Intravacc).
Hoofdstuk
10
De secretariaten van de raden en commissies
Artikel
38
Het secretariaat van de Gezondheidsraad staat onder leiding van de Algemeen Secretaris en bestaat uit de volgende onderdelen:
a.
Wetenschappelijke staf;
b.
Afdeling bedrijfsvoering
Artikel
39
Het secretariaat van de Raad voor Volksgezondheid en Samenleving staat onder leiding van een Algemeen Secretaris/Directeur en een adjunct Algemeen Secretaris.
Artikel
40
Het Secretariaat van de Centrale Commissie Mensgebonden Onderzoek staat onder leiding van een Algemeen Secretaris en bestaat uit de volgende onderdelen:
a.
Bedrijfsvoering;
b.
Landelijk Bureau;
c.
Bureau CCMO.
Artikel
41
Het Secretariaat van de Nederlandse Sportraad staat onder leiding van een Algemeen Secretaris.
Artikel
42
Het secretariaat van de Commissie Genetische Modificatie staat onder leiding van een secretaris en is ambtelijk ondergebracht bij het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu.
Hoofdstuk
11
Slotbepalingen
Artikel
43
De directeur Organisatie, Bedrijfsvoering en Personeel is belast met het beheer van dit besluit.
Artikel
44
1
Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst en werkt terug tot en met 1 januari 2018.