Artikel
1
De ambtenaar van het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap die in aanmerking komt voor een stimuleringspremie als bedoeld in artikel 49tt van het Algemeen Rijksambtenarenreglement (ARAR) kan deze premie, overeenkomstig het bepaalde in de Regeling uitruil stimuleringspremie voor buitengewoon verlof, uitsluitend in het persoonlijk belang en direct voorafgaand aan de ingangsdatum van zijn ontslag op eigen verzoek, bedoeld in artikel 94, eerste lid, ARAR, geheel of gedeeltelijk inruilen voor een periode van buitengewoon verlof als bedoeld in artikel 34 ARAR.