Regeling van de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties van 29 juni 2018, nr. 8f0daaaa-or1-1.0., tot vaststelling van procedureregels voor het omgaan met een melding van een vermoeden van een misstand bij de AIVD (Procedureregeling met betrekking tot het behandelen van meldingen inzake vermoedens van misstanden AIVD)

Procedureregeling met betrekking tot het behandelen van meldingen inzake vermoedens van misstanden AIVD

De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties,
Handelende in overeenstemming met de Minister van Defensie;

Besluit:

Hoofdstuk

1

Algemene bepalingen

Artikel

1

In deze regeling wordt verstaan onder:

  • a.

    afdeling klachtbehandeling: de afdeling klachtbehandeling van de commissie van toezicht op de inlichtingen- en veiligheidsdiensten;

  • b.

    AIVD: Algemene Inlichtingen- en Veiligheidsdienst;

  • c.

    BVA: afdeling beveiligingsambtenaar;

  • d.

    CTIVD: commissie van toezicht op de inlichtingen- en veiligheidsdiensten;

  • e.

    diensten: Algemene Inlichtingen- en Veiligheidsdienst en Militaire Inlichtingen en Veiligheidsdienst;

  • f.

    directeur-generaal: directeur-generaal van de Algemene Inlichtingen- en Veiligheidsdienst;

  • g.

    gezamenlijke commissie: een commissie, die is aangewezen door of namens de secretaris-generaal en de secretaris-generaal van het Ministerie van Defensie, die onderzoek verricht naar het vermoeden van een misstand bij een of meer gezamenlijke teams van de AIVD en de MIVD dat door de melder is gemeld;

  • h.

    interne commissie: een commissie, die is aangewezen door of namens de secretaris-generaal, die onderzoek verricht naar het vermoeden van een misstand dat door de melder is gemeld;

  • i.

    melder: een ieder die betrokken is of is geweest bij de uitvoering van de Wet op de inlichtingen- en veiligheidsdiensten 2017 of de Wet veiligheidsonderzoeken en een melding van een vermoeden van een misstand doet;

  • j.

    melding: de melding van een vermoeden van een misstand door een melder;

  • k.

    minister: minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties;

  • l.

    MIVD: Militaire Inlichtingen- en Veiligheidsdienst;

  • m.

    vermoeden van een misstand: het vermoeden dat binnen een dienst of bij de coördinator, waarbij de melder werkt of heeft gewerkt of waarmee hij in het kader van de uitvoering van de Wiv 2017 of de Wet veiligheidsonderzoeken in aanraking is gekomen, sprake is van een misstand voor zover het vermoeden gebaseerd is op redelijke gronden, die voortvloeien uit de kennis die de melder bij de desbetreffende dienst heeft opgedaan of voortvloeien uit de kennis die de melder heeft gekregen in verband met diens betrokkenheid bij de uitvoering van de Wiv 2017 of de Wet veiligheidsonderzoeken en het maatschappelijk belang in het geding is bij de schending van een wettelijk voorschrift, een gevaar voor de veiligheid van personen, of een gevaar voor het goed functioneren van de openbare dienst als gevolg van een onbehoorlijke wijze van handelen of nalaten;

  • n.

    vertrouwenspersoon: de daartoe aangewezen functionaris binnen de AIVD tot wie de melder zich kan wenden voor advies en ondersteuning rondom het melden van een vermoeden van een misstand;

  • o.

    Wiv 2017: Wet op de inlichtingen- en veiligheidsdiensten 2017;

  • p.

    Wvo: Wet veiligheidsonderzoeken.

Artikel

2

Hoofdstuk

2

Procedure voor het melden van een misstand

Artikel

3

Artikel

4

Artikel

5

Degene bij wie een melding is gedaan, stelt de secretaris-generaal, door tussenkomst van de directeur-generaal of bij diens afwezigheid de plaatsvervangend directeur-generaal, onverwijld in kennis van de melding en de datum waarop deze is ontvangen.

Artikel

6

Diegenen die betrokken zijn bij de behandeling van de melding gaan vertrouwelijk met de melding en de identiteit van de melder om.

Artikel

7

De secretaris-generaal bevestigt de ontvangst van de melding schriftelijk aan de melder, al dan niet door tussenkomst van de vertrouwenspersoon, en informeert de persoon of personen op wie de melding betrekking heeft over de melding, tenzij daardoor een onderzoeksbelang of een belang van de melder onnodig of onevenredig kan worden geschaad.

Artikel

8

Artikel

9

Artikel

10

Hoofdstuk

3

Financiële tegemoetkoming

Artikel

11

Artikel

13

Artikel

14

Degene aan wie een tegemoetkoming, zoals bedoeld in dit hoofdstuk, is toegekend, kan worden verplicht tot terugbetaling, indien hij de procedure waarop de tegemoetkoming betrekking heeft voortijdig staakt. Deze verplichting geldt niet, indien het staken van de procedure direct voortvloeit uit de intrekking door de minister van de beslissing of het herzien van de handeling, waartegen de procedure is gericht.

Artikel

15

Als een beslissing of handeling of een voorgenomen beslissing of handeling waarvoor op grond van dit hoofdstuk aanspraak bestaat op een tegemoetkoming in de kosten van de procedures, in de bezwaarprocedure of zienswijzeprocedure wordt herroepen wegens een aan het bevoegd gezag te wijten onrechtmatigheid of de bestreden beslissing of handeling als gevolg van een uitspraak van de rechter die onherroepelijk is geworden wordt vernietigd, waarbij de rechtsgevolgen niet in stand worden gelaten, worden alle daadwerkelijk en in redelijkheid door hem gemaakte kosten als bedoeld in artikel 1 van het Besluit proceskosten bestuursrecht vergoed voor iedere afzonderlijke procedure, met dien verstande dat:

  • a.

    de vergoeding wordt toegekend zonder toepassing van het tariefsysteem in voornoemd besluit;

  • b.

    de kosten van door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand worden vergoed voor een bedrag van ten hoogste € 253,75 per uur tot een bedrag van ten hoogste € 6.090, beide bedragen exclusief BTW en kantoorkosten;

  • c.

    aan de betrokkene toegekende bedragen waarop hij op grond van een ander wettelijk voorschrift of een uitspraak van een gerechtelijke instantie aanspraak heeft in verband met de vergoeding van kosten als bedoeld in dit artikel, in aftrek worden gebracht op de vergoeding.

Hoofdstuk

4

Slotbepalingen

Artikel

16

Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst en werkt terug tot en met 1 mei 2018.

Artikel

17

Deze regeling wordt aangehaald als: Procedureregeling met betrekking tot het behandelen van meldingen inzake vermoedens van misstanden AIVD.

Deze regeling wordt met de nota van toelichting in de Staatscourant geplaatst.

De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, K.H. Ollongren