Artikel
1
In dit besluit wordt verstaan onder:
-
a.
de Minister: de Minister van Defensie;
-
b.
de commissie: de Visitatiecommissie Defensie en Veiligheid.
Besluit:
In dit besluit wordt verstaan onder:
de Minister: de Minister van Defensie;
de commissie: de Visitatiecommissie Defensie en Veiligheid.
Er is een Visitatiecommissie Defensie en Veiligheid.
De commissie heeft tot taak jaarlijks op onafhankelijke wijze de voortgang en de doelbereiking van het plan van aanpak ‘Een veilige defensieorganisatie’ voor de periode 2018–2020 te toetsen.
Tot lid van de commissie worden benoemd:
mevrouw G.A. Verbeet tevens voorzitter;
Generaal-majoor der mariniers (bd) P. Cammaert;
mevrouw ir. J.P.M. van Doorn-Spronken;
de heer prof. dr. I. Helsloot.
Gedurende de visitatieperiode hanteren de commissieleden verschillende visitatiemethoden, zoals overleg met medewerkers van Defensie, beoordeling van op schrift gestelde informatie en werkbezoek aan Defensieonderdelen.
De informatie die de leden van de commissie en de secretaris ontvangen in het kader van hun werkzaamheden voor de commissie is vertrouwelijk. Zij hanteren daarom strikte geheimhouding.
Na afloop van haar jaarlijkse werkzaamheden biedt de voorzitter van de commissie uiterlijk 15 juni van 2019, 2020 en 2021 haar visitatiebevindingen in rapportvorm aan de Minister aan.
De voorzitter en de andere leden alsmede personen als bedoeld in artikel 5 die de commissie bijstaan, ontvangen per vergadering een vergoeding, voor zover zij niet vallen onder de uitzondering van artikel 2, derde lid, van de Wet vergoedingen adviescolleges en commissies en hiermee niet het in artikel 6, eerste lid, van het Besluit vergoedingen adviescolleges en commissies bedoelde maximumbedrag overschrijden.
De vergoeding per vergadering van de leden, alsmede personen zoals bedoeld in artikel 5, tweede lid, bedraagt 3% van het maximum van salarisschaal 18 van bijlage B van het Bezoldigingsbesluit Burgerlijke Rijksambtenaren 1984.
De commissie draagt zo spoedig mogelijk na beëindiging van haar werkzaamheden of, zo de omstandigheden daartoe aanleiding geven, zoveel eerder de bescheiden betreffende die werkzaamheden over aan het archief van het Ministerie van Defensie.
Dit besluit wordt aangehaald als: Instellingsbesluit Visitatiecommissie Defensie en Veiligheid.
Dit besluit zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst en in afschrift worden gezonden aan de leden van de commissie.