Artikel
1
Begripsbepalingen
-
a.
Minister: de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport;
-
b.
commissie: de commissie, bedoeld in artikel 2.
Besluit:
Minister: de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport;
commissie: de commissie, bedoeld in artikel 2.
De commissie heeft tot taak:
Het voeden van de lokale en landelijke coalities van het actieprogramma met kennis en inzichten door:
kennis te synthetiseren: kennis over eenzaamheid samenbrengen en inbrengen bij landelijke en lokale coalities.
onderzoek te programmeren: kennisbehoeften uit praktijk en wetenschap bundelen, op basis daarvan een onderzoeksagenda opstellen en deze jaarlijks actualiseren.
Landelijke en lokale coalities adviseren over de monitoring van de effectiviteit van het programma door middel van jaarlijkse meting van proces- en uitkomstindicatoren.
De commissie wordt ingesteld met ingang van 1 september 2018 en wordt opgeheven per 1 juli 2021.
Te rekenen vanaf 1 september worden voor de periode van 1 september 2018 tot en met 30 juni 2021 tot lid van de commissie benoemd:
de heer H. Smid te Den Haag, tevens voorzitter;
de heer dr. C. van Campen, te Utrecht;
mevrouw prof. dr. C.M. T. Fokkema, te Leiden;
mevrouw prof. dr. J. Gierveld, te Den Haag;
mevrouw dr. ir. M.H. Kwekkeboom, te Weesp;
mevrouw prof. dr. J.E.M. Machielse, te Breda;
mevrouw dr. L.S. Moonen, te Hasselt (België);
de heer dr. E.C. Schoenmakers, te Berkel-Enschot,
de heer prof. dr. T.G. van Tilburg, te Amsterdam.
De commissie verstrekt aan de Minister desgevraagd de door hen gewenste inlichtingen. De Minister kan inzage vorderen van zakelijke gegevens en bescheiden, voor zover dat voor de vervulling van zijn taak redelijkerwijs nodig is.
De voorzitter en de andere leden (alsmede de personen als bedoeld in artikel 7, tweede lid) ontvangen per vergadering een vergoeding, voor zover zij niet vallen onder de uitzondering van artikel 2, derde lid, van de Wet vergoedingen adviescolleges en commissies en hiermee niet het in artikel 6, eerste lid, van het Besluit vergoedingen adviescolleges en commissies bedoelde maximumbedrag overschrijden.
De vergoeding per vergadering van de leden (alsmede de personen als bedoeld in artikel 7, tweede lid) bedraagt 3% van het maximum van salarisschaal 18 van bijlage B van het Bezoldigingsbesluit Burgerlijke Rijksambtenaren 1984.
De kosten van de commissie komen, voor zover goedgekeurd, voor rekening van de Minister. Onder kosten worden in ieder geval verstaan:
de kosten voor de faciliteiten van vergaderingen en voor secretariële ondersteuning,
de kosten voor het inschakelen van externe deskundigheid en het laten verrichten van onderzoek, en
de kosten voor het beschikbaar stellen van de opgedane kennis aan de lokale coalities.
De commissie doet jaarlijks verslag aan de Minister over de activiteiten van de commissie in het betreffende jaar.
De commissie brengt vóór 1 juli 2021 haar eindverslag uit aan de Minister.
Adviezen, notities, verslagen en andere producten die door of namens de commissie worden vervaardigd of vergaard, zijn openbaar en worden door de Minister aan de landelijke coalitie en lokale coalities beschikbaar gesteld.
De commissie draagt zo spoedig mogelijk na beëindiging van haar werkzaamheden of, zo de omstandigheden daartoe aanleiding geven, zoveel eerder, de bescheiden betreffende die werkzaamheden over aan het archief van de Directie Maatschappelijke Ondersteuning van het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport.
Dit besluit wordt aangehaald als: Instellingsbesluit Wetenschappelijke Adviescommissie ‘Eén tegen eenzaamheid’.
Dit besluit zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst en in afschrift worden gezonden aan betrokkenen.