Artikel
1
Deze beleidsregel heeft betrekking op:
-
a.
De vergoedingen die de raad voor rechtsbijstand op grond van de artikelen 37 en 33e, derde lid, van de Wet op de rechtsbijstand verstrekt aan respectievelijk rechtsbijstandverleners en mediators en waarop de artikelen 3, eerste lid, en 27, eerste lid, van het Besluit vergoedingen rechtsbijstand 2000 respectievelijk artikel 7, eerste en vierde lid, van het Besluit toevoeging mediation van toepassing zijn, en;
-
b.
die verband houdt met de afgifte van een toevoeging op grond waarvan rechtsbijstand is verleend op of na 1 januari 2019 of het tijdstip waarop rechtsbijstand is verleend in een piketzaak op of na 1 januari 2019.