Artikel
7.1
Wijzigingen Wet inkomstenbelasting 2001 met ingang van 1 januari 2019
Wijzigt de Wet inkomstenbelasting 2001.
Zo is het, dat Wij, de Afdeling advisering van de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:
[Vervallen]
Wijzigt de Wet inkomstenbelasting 2001.
[Vervallen]
Wijzigt de Wet op de vennootschapsbelasting 1969.
Wijzigt de Wet op de vennootschapsbelasting 1969.
Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden
Wijzigt de Wet op de vennootschapsbelasting 1969.
Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden
[Vervallen]
Wijzigt de Wet werken aan winst.
Wijzigt de Wet maatregelen woningmarkt 2014 II.
Met betrekking tot een gebouw in eigen gebruik waarop de belastingplichtige reeds vóór 1 januari 2019 heeft afgeschreven doch nog niet over drie volledige jaren heeft kunnen afschrijven, vindt de in artikel 7.3, onderdeel A, opgenomen wijziging van artikel 8, zesde lid, van de Wet op de vennootschapsbelasting 1969 voor het eerst toepassing met ingang van het boekjaar dat volgt op het boekjaar waarin die periode van drie volledige jaren is geëindigd.
In afwijking van artikel 20, vierde lid, van de Wet op de vennootschapsbelasting 1969 wordt een verlies:
dat wordt geleden in het boekjaar dat aanvangt in het kalenderjaar 2019 verrekend vóór verliezen die zijn of worden geleden in de boekjaren die zijn aangevangen in de kalenderjaren 2017 en 2018;
dat wordt geleden in het boekjaar dat aanvangt in het kalenderjaar 2020 verrekend vóór een verlies dat is of wordt geleden in het boekjaar dat is aangevangen in het kalenderjaar 2018.
[Vervallen]
[Vervallen]
Deze wet treedt in werking met ingang van 1 januari 2019, met dien verstande dat:
artikel 7.3, onderdelen A, B, C, D, E, F, G, H, J, K, L, M, N, O, P, Q, R, T en U, en de artikelen 7.8 en 8.1 voor het eerst toepassing vinden met betrekking tot boekjaren die aanvangen op of na 1 januari 2019;
artikel 7.3, onderdeel Ta, terugwerkt tot en met 1 maart 2018.
In afwijking van het eerste lid treedt artikel 7.4 in werking met ingang van 1 januari 2020, met dien verstande dat artikel 7.4, onderdelen E tot en met H, voor het eerst toepassing vindt met betrekking tot boekjaren die aanvangen op of na 1 januari 2020.
Deze wet wordt aangehaald als: Wet bedrijfsleven 2019.
Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren die zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.