Artikel
I
Wijzigt de Wet inkomstenbelasting 2001.
Zo is het, dat Wij, de Afdeling advisering van de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:
Wijzigt de Wet inkomstenbelasting 2001.
Wijzigt de Wet inkomstenbelasting 2001.
Wijzigt de Wet op de loonbelasting 1964.
Wijzigt de Wet op de belasting van personenauto’s en motorrijwielen 1992.
Wijzigt de Wet belasting zware motorrijtuigen.
Wijzigt de Wet belasting zware motorrijtuigen.
Wijzigt de Wet belastingen op milieugrondslag.
Artikel 90 van de Wet belastingen op milieugrondslag vindt bij het begin van het kalenderjaar 2019 geen toepassing op de bedragen genoemd in artikel 28 van die wet.
Wijzigt het Belastingplan 2018.
Wijzigt de Wet uitwerking Autobrief II.
Wijzigt de Wet maatregelen woningmarkt 2014 II.
Deze wet treedt in werking met ingang van 1 januari 2019, met dien verstande dat:
artikel V in werking treedt op een bij koninklijk besluit vast te stellen tijdstip en, indien dit tijdstip is gelegen op of na 1 januari 2020, toepassing vindt alvorens artikel VI toepassing vindt;
artikel VI in werking treedt met ingang van 1 januari 2020, dan wel, indien artikel V in werking treedt op een later tijdstip dan 1 januari 2020, op dat latere tijdstip;
indien artikel 90 van de Wet belastingen op milieugrondslag bij het begin van het kalenderjaar 2019 wordt toegepast, artikel VII, onderdelen B en C, eerst toepassing vindt nadat artikel 90 van de Wet belastingen op milieugrondslag bij het begin van genoemd kalenderjaar is toegepast;
artikel X toepassing vindt voordat artikel XXVII van de Wet uitwerking Autobrief II wordt toegepast;
artikel XI, onderdelen A, B, C, D en E, in werking treedt op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip, dat voor de verschillende artikelen of onderdelen daarvan verschillend kan worden vastgesteld.
Deze wet wordt aangehaald als: Fiscale vergroeningsmaatregelen 2019.
Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren die zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.