bijdragen aan de verdere ontwikkeling en innovatie van het bibliotheeknetwerk; en
b.
passen binnen de doelstellingen genoemd in artikel 3 en de geldende innovatieagenda van het bibliotheeknetwerk.
2
De doorlooptijd van een project is maximaal twee jaar.
3
Niet in aanmerking voor subsidie komen:
a.
projecten die vergelijkbaar zijn met projecten die al eerder in het bibliotheeknetwerk zijn uitgevoerd;
b.
projecten waarbij de subsidie in hoofdzaak ten goede komt aan de ontwikkeling of verkoop van een product van een commerciële partij.
Artikel
5
Subsidieontvanger
1
Subsidies worden uitsluitend verstrekt aan bibliotheken en aan POI’s voor zover zij fungeren als rechtspersoon voor en subsidie aanvragen ten behoeve van lokale bibliotheekvestigingen.
2
Op grond van deze regeling kan een bibliotheek of POI maximaal twee subsidies ontvangen gedurende de looptijd van deze Tijdelijke subsidieregels.
Artikel
6
Het indienen van de aanvraag
1
De aanvraag om subsidieverlening moet worden ingediend tussen 1 februari en 1 april van het jaar waarin met uitvoering van het project wordt gestart. De aanvraag wordt ingediend op het aanvraagformulier dat beschikbaar wordt gesteld op de website van de KB.
De bij de aanvraag overgelegde begroting moet voldoende gespecificeerd, sluitend en door te rekenen zijn.
Artikel
7
Beslistermijn
Het Algemeen Bestuurscollege beslist op een aanvraag uiterlijk op 1 juli van het jaar waarin de aanvraag is ingediend.
Artikel
8
Wijze van verdeling van het subsidieplafond
1
Het Algemeen Bestuurscollege verdeelt het beschikbare bedrag op volgorde van rangschikking van de aanvragen die in aanmerking komen voor een subsidie.
2
Het Algemeen Bestuurscollege rangschikt een aanvraag hoger naarmate de activiteit waarop de aanvraag betrekking heeft hoger scoort op de criteria, genoemd in het vierde lid.
3
De Innovatieraad adviseert het Algemeen Bestuurscollege over de rangschikking van de subsidieaanvragen.
4
Het Algemeen Bestuurscollege rangschikt subsidieaanvragen hoger naarmate de activiteit:
a.
van hogere kwaliteit is;
b.
meer afwijkt van wat bekend of gebruikelijk is;
c.
beter aansluit bij de behoefte van de doelgroep;
d.
beter aansluit bij de in de innovatieagenda beschreven prioriteiten en werkwijze;
e.
aantrekkelijker is voor de deelnemers aan het bibliotheeknetwerk om uit te voeren en meer van belang is om beschikbaar te stellen aan het gehele bibliotheeknetwerk;
f.
meer gericht is op de digitale transitie in het bibliotheeknetwerk;
g.
financieel, technisch en organisatorisch beter haalbaar is;
h.
regionaal of landelijk beter op te schalen is.
5
Het Algemeen Bestuurscollege kent per onderdeel van het vierde lid ten minste één en ten hoogste tien punten toe.
6
Het Algemeen Bestuurscollege verleent jaarlijks voor de uitvoering van maximaal drie projecten per project een subsidie van € 30.000,– of hoger, tenzij het subsidieplafond niet wordt uitgeput door de resterende in de rangschikking opgenomen subsidieaanvragen.
7
In het geval een subsidie niet volledig verleend kan worden ter voorkoming van overschrijding van het subsidieplafond, vindt verlening plaats ter hoogte van het nog beschikbare bedrag.
8
Indien naar het oordeel van het Algemeen Bestuurscollege niet aannemelijk is dat de subsidieaanvrager na gedeeltelijke verlening van de subsidie op grond van het vorige lid de activiteiten zal uitvoeren, is het Algemeen Bestuurscollege bevoegd de subsidie te weigeren en deze te verlenen aan de eerstvolgende subsidieaanvrager die daar op basis van de rangschikking als bedoeld in het eerste lid voor in aanmerking komt.
Artikel
9
Hoogte subsidie
1
De subsidie per project bedraagt maximaal:
a.
€ 15.000,– voor een project met een doorlooptijd van maximaal één jaar;
b.
€ 50.000,– voor een omvangrijk project met een doorlooptijd van maximaal twee jaar.
2
Subsidie wordt verstrekt voor de rechtstreeks aan de activiteiten toe te rekenen kosten, voor zover deze naar het oordeel van het Algemeen Bestuurscollege noodzakelijk, sober en doelmatig zijn.
3
De subsidie voor kosten van activiteiten die niet op te schalen en niet over te dragen zijn, bedraagt maximaal 20% van het totale subsidiebedrag. Tot deze kosten behoren in ieder geval kosten voor PR- en marketing en aanschaf van materiële zaken zoals computerapparatuur.
Artikel
10
Verplichtingen
Naast de verplichtingen die voor ontvangers van projectsubsidies zijn opgenomen in het Subsidiereglement Koninklijke Bibliotheek 2015 legt het Algemeen Bestuurscollege tevens de volgende verplichtingen op:
1.
De uitvoering van het project start na 1 februari en voor 1 oktober van het jaar waarin de subsidie is aangevraagd.
2.
De subsidieontvanger is verplicht een voortgangsrapportage op te leveren voor 15 december van elk jaar waarin het project nog loopt, voor zover het project niet voor die tijd is afgerond.
3.
De subsidieontvanger is verplicht om informatie over het project in te voeren op de Innovatiebieb-website en deze informatie na afloop van het project te actualiseren en uit te breiden met de behaalde resultaten.
4.
De subsidieontvanger is verplicht om de intellectuele eigendomsrechten die eventueel worden gevestigd bij het verrichten van de gesubsidieerde activiteiten, na afronding van de activiteiten op verzoek daartoe van de KB over te dragen aan de KB voor zover deze rechten wettelijk overdraagbaar zijn. Op grond van artikel 4.10, vierde lid van het Subsidiereglement Koninklijke Bibliotheek 2015 is de subsidieontvanger verplicht om bij akte mee te werken aan de overdracht van deze rechten.
5.
Op verzoek is de subsidieontvanger eveneens verplicht een kopie van de gecreëerde werken aan de KB te verstrekken.
Deze regels treden in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij worden geplaatst en vervallen met ingang van 1 januari 2023.
Artikel
13
Citeertitel
Deze regels worden aangehaald als: Tijdelijke subsidieregels Innovatiegelden 2019 tot en met 2022.
Aldus vastgesteld in de vergadering van het Algemeen bestuurscollege d.d. 16 oktober 2018
De voorzitter van het Algemeen BestuurscollegeT.H.J.Joustra