Besluit van de directeur-generaal Bedrijfsleven en Innovatie van het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat van 17 januari 2019, nr. 19008742, houdende verlening van ondermandaat, volmacht en machtiging voor het directoraat-generaal Bedrijfsleven en Innovatie van het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat 2019 (Besluit ondermandaat, volmacht en machtiging voor het directoraat-generaal Bedrijfsleven en Innovatie van het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat 2019)

Besluit ondermandaat, volmacht en machtiging voor het directoraat-generaal Bedrijfsleven en Innovatie van het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat 2019

De directeur-generaal Bedrijfsleven en Innovatie van het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat,

Besluit:

§

1

Algemene bepalingen

Artikel

1

In dit besluit wordt verstaan onder:

  • a.

    de directeur-generaal: de directeur-generaal Bedrijfsleven en Innovatie van het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat;

  • b.

    de directeuren: de directeuren van het directoraat-generaal Bedrijfsleven en Innovatie van het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat;

  • c.

    het hoofd Algemene Zaken: het hoofd Algemene Zaken van het directoraat-generaal Bedrijfsleven en Innovatie van het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat;

  • d.

    de Chief Analyst: de hoofdanalist van het directoraat-generaal Bedrijfsleven en Innovatie van het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat;

  • e.

    het MT-B&I: het collectief van de onder a tot en met d genoemde functionarissen;

  • f.

    het MT-lid van een directie: een lid van het managementteam van een directie met uitzondering van de directeur;

  • g.

    de coördinator Economische Zaken en Klimaat bij de Rijksdienst Caribisch Nederland: de coördinator Economische Zaken en Klimaat bij de Rijksdienst Caribisch Nederland van het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat;

  • h.

    het hoofd BTI: het hoofd Bureau Toetsing Investeringen van het directoraat-generaal Bedrijfsleven en Innovatie van het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat;

  • i.

    de regioambassadeurs: de regioambassadeurs van het directoraat-generaal Bedrijfsleven en Innovatie van het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat;

  • j.

    de secretaris ATR: de secretaris Adviescollege toetsing regeldruk;

  • k.

    de Commissaris Militaire Productie: de Commissaris Militaire Productie van het directoraat-generaal Bedrijfsleven en Innovatie van het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat;

  • l.

    de Compensatieadviseurs Militaire Productie: de compensatieadviseurs Militaire Productie van het directoraat-generaal Bedrijfsleven en Innovatie van het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat;

  • m.

    de Compensatieadministrateurs Militaire Productie: de Compensatieadministrateurs Militaire Productie van het directoraat-generaal Bedrijfsleven en Innovatie van het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat;

  • n.

    het bedrag: het bedrag inclusief de verschuldigde omzetbelasting (BTW).

§

2

Taakverdeling tussen de directeur-generaal en de onder hem ressorterende functionarissen

Artikel

2

Aan de directeur-generaal is voorbehouden: het nemen van besluiten, het verrichten van privaatrechtelijke rechtshandelingen en het verrichten van andere handelingen dan een besluit of een privaatrechtelijke rechtshandeling betreffende de volgende aangelegenheden:

  • a.

    onderwerpen die twee of meer directies van zijn dienstonderdeel raken, tenzij daarover tussen de betrokken directeuren overeenstemming bestaat;

  • b.

    aangelegenheden op het werkterrein van een directeur, respectievelijk het hoofd Algemene Zaken:

    • 1°.

      ten aanzien waarvan de directeur-generaal in een incidenteel geval mededeling heeft gedaan dat zij door hem zullen worden behandeld, of

    • 2°.

      die door een directeur, respectievelijk het hoofd Algemene Zaken aan de directeur-generaal ter afhandeling worden voorgelegd, tenzij zij naar het oordeel van de directeur-generaal door een andere functionaris moeten worden behandeld;

  • c.

    aangelegenheden op het werkterrein van onderzoek, monitoring, effectmeting en beleidsexperimenten, met uitzondering van aangelegenheden waarvoor mandaat, volmacht en machtiging is verleend aan de Chief Analyst.

Artikel

3

Artikel

4

Artikel

5

Artikel

6

Artikel

6a

Vervallen

Artikel

7

Aan de coördinator Economische Zaken en Klimaat bij de Rijksdienst Caribisch Nederland wordt ondermandaat, volmacht en machtiging verleend voor aangelegenheden op zijn werkterrein met dien verstande dat het aangaan van financiële verplichtingen een bedrag van € 20.000 per verplichting niet te boven gaat.

Artikel

7a

Aan het hoofd BTI wordt ondermandaat en machtiging verleend voor de uitvoering en handhaving van het stelsel van investeringstoetsen en het houden van toezicht op de naleving van dit stelsel, alsmede het houden van toezicht op de naleving van de Sanctiewet 1977 door niet-beursgenoteerde Nederlandse ondernemingen, met uitzondering van:

Artikel

8

Aan de regioambassadeurs wordt, ieder voor zich, ondermandaat, volmacht en machtiging verleend voor aangelegenheden op zijn werkterrein met dien verstande dat het aangaan van financiële verplichtingen een bedrag van € 100.000 per verplichting niet te boven gaat.

Artikel

9

Artikel

10

Aan de Commissaris Militaire Productie wordt ondermandaat, volmacht en machtiging verleend op zijn werkterrein, met uitzondering van:

  • a.

    door de Tweede Kamer der Staten-Generaal goedgekeurde defensieprojecten die een compensatiewaarde of industriële-participatiewaarde van een bedrag van € 100.000.000 te boven gaan;

  • b.

    niet vooraf door de Tweede Kamer der Staten-Generaal goedgekeurde defensieprojecten.

Artikel

11

Aan de industriële-participatieadviseurs Militaire Productie wordt, ieder voor zich, ondermandaat, volmacht en machtiging verleend voor aangelegenheden met betrekking tot een in het kader van een compensatieovereenkomst of industriële-participatieovereenkomst ingediende claim die een bedrag van € 2.500.000 niet te boven gaan.

Artikel

12

Aan de industriële-participatieadministrateurs Militaire Productie wordt, ieder voor zich, ondermandaat, volmacht en machtiging verleend voor aangelegenheden met betrekking tot een in het kader van een compensatieovereenkomst of industriële-participatieovereenkomst ingediende claim die een bedrag van €250.000 niet te boven gaan.

§

3

Vervanging

Artikel

13

§

4

Slotbepalingen

Artikel

15

Dit besluit treedt in werking met ingang van de eerste dag na uitgifte van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst en werkt terug tot en met 1 januari 2019.

Artikel

16

Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit ondermandaat, volmacht en machtiging voor het directoraat-generaal Bedrijfsleven en Innovatie van het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat 2019.

Dit besluit zal in de Staatscourant worden geplaatst.

’s-Gravenhage
F.W. Vijselaar directeur-generaal Bedrijfsleven en Innovatie