Regeling van de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid van 16 januari 2019, nr. 2019-0000004561, houdende de inrichting van de Rijksschoonmaakorganisatie alsmede doorverlening van vertegenwoordigingsbevoegdheden van de directeur van de Rijksschoonmaakorganisatie (Organisatie-, mandaat- en volmachtbesluit Rijksschoonmaakorganisatie 2018)

Organisatie-, mandaat- en volmachtbesluit Rijksschoonmaakorganisatie 2018

§

1

Algemeen

Artikel

1

In deze regeling en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:

  • a.

    directie: de directie Rijksschoonmaakorganisatie van het ministerie;

  • b.

    de directeur: de directeur van de Rijksschoonmaakorganisatie;

  • c.

    de manager: de functionaris die leiding geeft aan een afdeling;

  • d.

    de dienstverleningsmanager: de functionaris die rechtstreeks ressorteert onder de manager Operatie en die, in samenwerking met collega dienstverleningsmanagers, leiding geeft aan het aan hen toegewezen verzorgingsgebied;

  • e.

    De coördinator Servicecentrum Operatie: de functionaris die rechtstreeks ressorteert onder de manager Operatie en die leiding geeft aan het Servicecentrum Operatie.

§

2

Organisatie

Artikel

2

§

3

Verantwoordelijkheden

Artikel

3

Elk van de managers is verantwoordelijk voor:

  • a.

    het bijdragen aan het directieplan van de directie;

  • b.

    het rapporteren aan de directeur over de uitvoering van het directieplan betreffende de eigen afdeling;

  • c.

    het uitoefenen van budgethouderschap ten aanzien van aan de afdeling toegewezen budgetten;

  • d.

    het leiding geven aan de eigen afdeling, waaronder begrepen de HRM-taken ten aanzien van de medewerkers die direct onder hen ressorteren, de coaching van de medewerkers en het bevorderen van de sociale en functionele cohesie van de eigen afdeling.

Artikel

4

De manager Operatie is verantwoordelijk voor:

  • a.

    het doorontwikkelen van de Operatie waarbij invulling wordt gegeven aan de visie en waarden van de Rijksschoonmaakorganisatie;

  • b.

    het aansturen van de operationele schoonmaak en het Servicecentrum Operatie en hiervoor eindverantwoordelijkheid dragen;

  • c.

    het accorderen van addenda op de dienstverleningsafspraken;

  • d.

    het inrichten van de operationele bedrijfsadministratie, waaronder het beheer van de informatie over dienstverleningsafspraken, het ruimtebeheer van de panden en ruimtes, en het beheer van de afspraken over de budgetten met betrekking tot de panden.

Artikel

5

De dienstverleningsmanagers zijn verantwoordelijk voor:

  • a.

    de organisatie van de operationele schoonmaakwerkzaamheden en alle bijbehorende processen in het eigen verzorgingsgebied;

  • b.

    het voeren van accountgesprekken en het in overleg treden met opdrachtgevers in het eigen verzorgingsgebied op operationeel niveau;

  • c.

    de pandinventarisaties en de vertaling naar de benodigde schoonmaakcapaciteit;

  • d.

    de leiding, planning en inzet van medewerkers, ingehuurde dienstverlening en middelen, de toegekende budgetten en de voortgangsbewaking van de resultaten in het eigen verzorgingsgebied;

  • e.

    de coördinatie van de inzet van marktpartijen ten behoeve van glasbewassing en specialistische werkzaamheden zoals dieptereiniging;

  • f.

    het gezamenlijk afleggen van verantwoording aan de manager Operatie over het eigen verzorgingsgebied;

  • g.

    de tactische en operationele voorbereiding van de start van schoonmaakdienstverlening bij nieuwe opdrachtgevers die aansluiten op de dienstverlening van de Rijksschoonmaakorganisatie.

  • h.

    het organiseren van kwaliteitsmetingen en het rapporteren hierover aan de manager Operatie.

Artikel

6

De coördinator Servicecentrum Operatie is verantwoordelijk voor:

  • a.

    de uniforme uitvoering van de ondersteuning van het primaire proces op het gebied van personeel, informatie, organisatie, facilitair, administratie, communicatie, financiën, inkoop en huisvesting;

  • b.

    de leiding, planning en inzet van medewerkers en de toegekende budgetten en voortgangsbewaking hiervan;

  • c.

    het verantwoording afleggen aan de manager Operatie.

Artikel

7

De manager Staf, Kaderstelling & Advies is verantwoordelijk voor:

  • a.

    het opstellen en monitoren van het jaarplan, de managementinformatie, de sturingsinformatie en het jaarverslag;

  • b.

    het financieel beheer van de directie en de aansturing van de financiële administratie die belegd is bij de Uitvoeringsorganisatie Bedrijfsvoering Rijk van het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties;

  • c.

    het stellen van kaders en het adviseren op het gebied van personeel, informatie, organisatie, facilitair, administratie, communicatie, financiën, inkoop en huisvesting, mede op basis van Rijksbrede en departementale kaders;

  • d.

    de regievoering op de dienstverlening belegd bij collega Shared Service Organisaties;

  • e.

    het aanbesteden, het contracteren, het contractbeheer en de voortgangsbewaking van de dienstverlening die door externe leveranciers wordt verricht.

Artikel

8

De manager Programmateam is verantwoordelijk voor:

  • a.

    de strategische en bestuurlijke advisering over de doorontwikkeling van de Rijksschoonmaakorganisatie en de regievoering van projecten op dit terrein;

  • b.

    de politiek-bestuurlijke en juridische voorbereiding van de start van de schoonmaakdienstverlening bij nieuwe opdrachtgevers die aansluiten op de dienstverlening van de Rijksschoonmaakorganisatie;

  • c.

    de politiek-bestuurlijke en juridisch aangelegenheden en advisering van de Rijksschoonmaakorganisatie.

§

4

Bevoegdheden

Artikel

9

Artikel

10

Artikel

11

Artikel

12

§

5

Slotbepalingen

Artikel

13

Deze regeling zal met toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

Den Haag
De Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid,
namens deze,
N.T.C.M. Dukker directeur Rijksschoonmaakorganisatie