Artikel
1
1
In januari 2019 wordt de Eenmalige uitkering 2019 uitgekeerd aan ambtenaren die op 1 januari 2019 zijn aangesteld binnen de sector Rijk.
2
De Eenmalige uitkering 2019 bedraagt € 450 vermenigvuldigd met de voor de ambtenaar geldende arbeidsduurfactor, bedoeld in artikel 2, onderdeel h, van het Bezoldigingsbesluit Burgerlijke Rijksambtenaren 1984.
3
Geen Eenmalige uitkering 2019 ontvangen ambtenaren die in verband met buitengewoon verlof geen bezoldiging ontvangen op 1 januari 2019, tenzij het een buitengewoon verlof van maximaal zes weken betreft.
4
In afwijking van het derde lid heeft de ambtenaar met een aanspraak op een uitkering als bedoeld in artikel 3, eerste lid, van de Regeling uitruil stimuleringspremie voor buitengewoon verlof of een uitkering als bedoeld in artikel 6 van de Regeling uitkering substantieel bezwarende functies 2006 zoals deze gold op 31 maart 2015, recht op de Eenmalige uitkering 2019.