Besluit van de raad van bestuur van de Nederlandse Organisatie van Wetenschappelijk Onderzoek van 22 mei 2019, nr. 2019 RvB 139, houdende vaststelling van de Klachtenregeling wetenschappelijke integriteit NWO

Klachtenregeling Wetenschappelijke Integriteit NWO

De raad van bestuur van NWO;

gelet op artikel 3, eerste lid, en artikel 6, tweede lid, van de Wet op de Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek;

gelet op de Nederlandse gedragscode wetenschappelijke integriteit 2018;

BESLUIT:

Preambule

Het is van essentieel belang dat wetenschappelijk onderzoek volgens de leidende principes van wetenschappelijke integriteit – eerlijkheid, zorgvuldigheid, transparantie, onafhankelijkheid en verantwoordelijkheid – wordt uitgevoerd. Niet-integer onderzoek kan leiden tot directe schade (bijvoorbeeld aan de omgeving of patiënten), en kan het publieke vertrouwen in de wetenschap en het vertrouwen tussen wetenschappers onderling aantasten. NWO beschouwt het daarom als haar taak om te waken over de kwaliteit van het door NWO gefinancierde wetenschappelijk onderzoek.

In dit kader heeft NWO het NWO Meldpunt wetenschappelijke integriteit ingesteld. Bij dit meldpunt worden klachten in behandeling genomen omtrent (mogelijke) schendingen van wetenschappelijke integriteit betreffende een persoon die projectleider is (geweest) of werkzaam is (geweest) op een (deels) door NWO gefinancierd onderzoeksproject.

De raad van bestuur van NWO benoemt voor het meldpunt een of meerdere vertrouwenspersonen. De raad van bestuur kan een commissie wetenschappelijke integriteit NWO benoemen. Op basis van het advies van de commissie wetenschappelijke integriteit NWO stelt de raad van bestuur een aanvankelijk oordeel vast. Dit aanvankelijk oordeel kan door klager en/of beklaagde worden voorgelegd aan het Landelijk Orgaan voor Wetenschappelijke Integriteit (LOWI).

De Klachtenregeling Wetenschappelijke Integriteit NWO is uitsluitend van toepassing op klachten over (mogelijke) schendingen van de wetenschappelijke integriteit, door personen die niet in dienst zijn bij NWO. Op meldingen van (mogelijke) schendingen van de wetenschappelijke integriteit door onderzoekers die in dienst zijn bij één van de NWO-instituten is de Klachtenregeling wetenschappelijke integriteit NWO-I van toepassing.

Algemeen

Artikel

1

Definities

Klachten

Artikel

2

Klachten

Vertrouwenspersonen Meldpunt

Artikel

3

Benoeming vertrouwenspersoon

Artikel

4

Taken vertrouwenspersoon

De vertrouwenspersoon:

  • a)

    fungeert als aanspreekpunt voor vragen en klachten over wetenschappelijke integriteit;

  • b)

    probeert – indien hij daartoe mogelijkheden ziet – door middel van bemiddeling tussen de betrokken partijen de klacht in der minne op te lossen;

  • c)

    adviseert de raad van bestuur om de klacht te laten onderzoeken door de commissie wetenschappelijke integriteit NWO, wanneer deze niet in der minne kan worden opgelost;

  • d)

    legt over zijn werkzaamheden achteraf verantwoording af aan de raad van bestuur in een jaarlijkse rapportage.

Commissie wetenschappelijke integriteit NWO

Artikel

5

Benoeming en samenstelling commissie wetenschappelijke integriteit

Voor de inhoudelijke beoordeling van één of meerdere klachten stelt de raad van bestuur een commissie wetenschappelijke integriteit in. Dit kan een ad hoc commissie of permanente commissie zijn.

  • 1.

    De commissie bestaat uit een voorzitter en minimaal twee andere leden. Tenminste één van de leden is jurist.

  • 2.

    Leden van de commissie dienen over ten minste de volgende kwalificaties te beschikken:

    • a)

      geniet een onbesproken wetenschappelijke reputatie;

    • b)

      is geen werknemer van NWO en vervult geen bestuurlijke functie bij NWO;

    • c)

      ontvangt van NWO geen financiering ten behoeve van wetenschappelijk onderzoek.

  • 3.

    De raad van bestuur kan de benoeming tussentijds beëindigen:

    • a)

      op eigen verzoek van de voorzitter of lid van de commissie;

    • b)

      indien de voorzitter of lid van de commissie niet langer voldoet aan de in lid 3 genoemde vereisten voor benoembaarheid;

    • c)

      wegens disfunctioneren als voorzitter of lid van de commissie.

  • 4.

    Vertrouwenspersonen van het meldpunt komen niet in aanmerking voor benoeming tot voorzitter of lid van de commissie.

  • 5.

    Op de werkzaamheden van de commissie is de Gedragscode Belangenverstrengeling, dan wel een opvolgende regeling van toepassing.

Secretariaat Meldpunt

Artikel

6

Secretariaat meldpunt

Procedure behandeling klacht

Artikel

7

Ontvangst klacht

Artikel

8

Bemiddeling door vertrouwenspersoon

Artikel

9

Behandeling door commissie wetenschappelijke integriteit NWO

Artikel

10

Besluitvorming en vervolgprocedure

Overige bepalingen

Artikel

11

Rechten en plichten betrokkenen

Artikel

12

Onvoorziene gevallen

In gevallen waarin deze regeling niet voorziet beslist de raad van bestuur.

Artikel

13

Inwerkingtreding en bekendmaking