Besluit van de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties van 8 juli 2020, houdende mandaatverlening aan de directeur-generaal van de Algemene Inlichtingen- en Veiligheidsdienst voor het verlenen van toestemming voor het aangaan van een samenwerkingsrelatie met een inlichtingen- en veiligheidsdienst van een ander land en het verlenen van technische en andere vormen van ondersteuning in het kader van een samenwerkingsrelatie (Mandaatbesluit AIVD ten aanzien van samenwerking met inlichtingen- en veiligheidsdiensten van andere landen 2020)
Mandaatbesluit AIVD ten aanzien van samenwerking met inlichtingen- en veiligheidsdiensten van andere landen 2020
De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties,
weging: de beoordeling die op grond van artikel 88, tweede lid, van de wet heeft plaatsgehad en waaruit de mogelijkheden tot samenwerking blijken.
Artikel
2
Het hoofd van de dienst heeft mandaat om toestemming te verlenen voor het aangaan van een samenwerkingsrelatie met een inlichtingen- of veiligheidsdienst van een ander land, tenzij het gaat om een inlichtingen- of veiligheidsdienst van een ander land waarvan het eindoordeel van de weging is dat samenwerking onder strikte voorwaarden mogelijk is.
Artikel
3
Het hoofd van de dienst heeft mandaat om toestemming te verlenen voor het verlenen van technische en andere vormen van ondersteuning aan een inlichtingen- of veiligheidsdienst van een ander land in die gevallen zoals bepaald in artikel 89, zesde lid, van de wet, tenzij het gaat om een inlichtingen- of veiligheidsdienst van een ander land waarvan het eindoordeel van de weging is dat samenwerking onder aanvullende voorwaarden of samenwerking onder strikte voorwaarden mogelijk is.