In dit besluit wordt onder tekenbevoegdheid verstaan de bevoegdheid om namens de directeur-generaal van de Algemene Inlichtingen- en Veiligheidsdienst besluiten te nemen, stukken af te doen en uitgaande brieven te ondertekenen op grond van de Wet veiligheidsonderzoeken.
In afwijking van het eerste lid, onder b, is de aldaar bedoelde bevoegdheid voorbehouden aan de directeur Veiligheidsonderzoeken en Bedrijfsvoering indien het weigeren volgt op een veiligheidsonderzoek dat verricht is ten behoeve van de afgifte van een verklaring voor beoogd eigen personeel van de Algemene Inlichtingen- en Veiligheidsdienst.
In afwijking van het eerste lid, onder c, is de aldaar bedoelde bevoegdheid voorbehouden aan de directeur Veiligheidsonderzoeken en Bedrijfsvoering indien de uitoefening van deze bevoegdheid betrekking heeft op het eigen personeel van de Algemene Inlichtingen- en Veiligheidsdienst en het gevolg is van nieuwe feiten en omstandigheden die een hernieuwd onderzoek rechtvaardigen.
De onder de directeur-generaal van de Algemene Inlichtingen- en Veiligheidsdienst ressorterende hoofden van de teams van de Unit Veiligheidsonderzoeken bezitten tekenbevoegdheid ten aanzien van:
In afwijking van het eerste lid, onder a, is de aldaar bedoelde bevoegdheid voorbehouden aan het hoofd van de Unit Veiligheidsonderzoeken indien een verklaring wordt afgegeven na een aanvankelijk voornemen tot weigeren van deze verklaring.
4
In afwijking van het tweede lid is de aldaar bedoelde bevoegdheid voorbehouden aan de directeur Veiligheidsonderzoeken en Bedrijfsvoering indien het weigeren volgt op een veiligheidsonderzoek dat verricht is ten behoeve van de afgifte van een verklaring voor beoogd eigen personeel van de Algemene Inlichtingen- en Veiligheidsdienst.
5
In afwijking van het tweede lid is de aldaar bedoelde bevoegdheid voorbehouden aan de directeur Veiligheidsonderzoeken en Bedrijfsvoering indien bij de uitoefening van deze bevoegdheid geheel of gedeeltelijk gebruik wordt gemaakt van gegevens bedoeld in artikel 7, tweede lid, onder b en c van de Wet veiligheidsonderzoeken.
6
In afwijking van het eerste lid, onder b, is de aldaar bedoelde bevoegdheid voorbehouden aan het hoofd van de Unit Veiligheidsonderzoeken indien deze mededeling ten opzichte van betrokkene nadelige conclusies bevat.
Artikel
5
Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na datum van uitgifte van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst.
Artikel
6
Het Besluit tekenbevoegdheid vertrouwensfuncties en veiligheidsonderzoeken AIVD 2015 wordt ingetrokken.
Artikel
7
Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit tekenbevoegdheid vertrouwensfuncties en veiligheidsonderzoeken AIVD 2020.
Dit besluit zal in afschrift worden gezonden aan de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties en belanghebbende functionarissen.
Directeur-generaal van de Algemene Inlichtingen- en Veiligheidsdienst,E.S.M.Akerboom