Besluit van 22 september 2020, houdende regels ter uitwerking van hoofdstuk 14a van de Telecommunicatiewet (Besluit ongewenste zeggenschap telecommunicatie)

Besluit ongewenste zeggenschap telecommunicatie

Wij Willem-Alexander, bij de gratie Gods, Koning der Nederlanden, Prins van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.
Op de voordracht van de Staatssecretaris van Economische Zaken en Klimaat van 14 juli 2020, nr. WJZ /20162959;
De Afdeling advisering van de Raad van State gehoord (advies van 22 juli 2020, nr. W18.20.0264/IV);
Gezien het nader rapport van de Staatssecretaris van Economische Zaken en Klimaat van 17 september 2020, nr. WJZ / 20216702;

Hebben goedgevonden en verstaan:

Artikel

1

Artikel

2

Artikel I, onderdeel A tot en met C, en artikel II van de Wet ongewenste zeggenschap telecommunicatie (Stb. 2020, 165) en dit besluit treden in werking met ingang van 1 oktober 2020.

Artikel

3

Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit ongewenste zeggenschap telecommunicatie.

Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.

’s-Gravenhage
Willem-Alexander
De Staatssecretaris van Economische Zaken en Klimaat, M.C.G. Keijzer
De Minister van Justitie en Veiligheid, F.B.J. Grapperhaus