Besluit van 16 september 2020 nr. 2020001673, houdende departementale herindeling met betrekking tot de coördinatie van de uitvoeringswerkzaamheden voortkomende uit richtlijn nr. 2005/36/EG van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 7 september 2005 betreffende de erkenning van beroepskwalificaties (PbEU, L 255)
Besluit departementale herindeling m.b.t. coördinatie uitvoeringswerkzaamheden uit richtlijn nr. 2005/36/EG betreffende erkenning van beroepskwalificaties (PbEU, L 255)
Wij Willem-Alexander, bij de gratie Gods, Koning der Nederlanden, Prins van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.
Op de voordracht van Onze Minister- President, Minister van Algemene Zaken d.d. 11 september 2020, kenmerk 3745464;
Onze Minister van Economische Zaken en Klimaat wordt belast met de behartiging van aangelegenheden betreffende de coördinatie van de uitvoeringswerkzaamheden voortkomende uit richtlijn nr. 2005/36/EG van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 7 september 2005 betreffende de erkenning van beroepskwalificaties (PbEU, L 255) voor zover deze voor 1 januari 2021 was opgedragen aan Onze Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap.
Artikel
2
De taken van het ministerie van Economische Zaken en Klimaat en van het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap worden dienovereenkomstig gewijzigd.
Artikel
3
De organisatorische, personele en rechtspositionele aspecten van de in de artikelen 1 en 2 bedoelde herindeling van departementale taken worden uitgewerkt in overleg tussen Onze Minister van Economische Zaken en Klimaat, Onze Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap en Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties.
Artikel
4
Dit besluit treedt in werking met ingang van 1 januari 2021
Onze Minister-President, Minister van Algemene Zaken en Onze Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, Onze Minister van Economische Zaken en Klimaat en Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties zijn belast met de uitvoering van dit besluit dat in de Staatscourant zal worden geplaatst en waarvan afschrift zal worden gezonden aan de Hoge Colleges van Staat, de ministerraad, de Gevolmachtigde Ministers van Aruba, Curaçao en Sint Maarten, de ministeries, de lidstaten van de Europese Unie en de Europese Commissie.
’s-Gravenhage
Willem Alexander
De Minister-President, Minister van Algemene Zaken,M.Rutte