Beleidsregel van de Minister voor Medische Zorg van 24 september 2020, kenmerk 1747388-2100365-CZ, houdende het subsidiëren van regionale zorgnetwerken ABR (Beleidsregel subsidiëring regionale zorgnetwerken ABR)

Beleidsregel subsidiëring regionale zorgnetwerken ABR 2021–2023

Artikel

1

Definities

In deze beleidsregel wordt verstaan onder:

  • Antibioticaresistentie (ABR): het niet of verminderd gevoelig zijn van specifieke bacteriën voor antibiotica waarvoor zij voorheen wel gevoelig waren;

  • BRMO: bijzonder resistente micro-organismen;

  • Centrum Infectieziektebestrijding (CIb): het Centrum Infectieziektebestrijding, dat onderdeel is van het RIVM en de bestrijding van infectieziekten coördineert;

  • Infectiepreventie: preventie, opsporing en bestrijding van uitbraken van zorginfecties of pathogenen die deze kunnen veroorzaken;

  • Minister: de Minister voor Medische Zorg;

  • One Health benadering: de integrale aanpak van ABR op alle domeinen, zoals zorg, dieren, voedsel en milieu, waar de transmissie van resistente bacteriën kan plaatsvinden;

  • Penvoerder: het Amsterdam UMC, het Erasmus MC, het Leids Universitair Medisch Centrum, het Maastricht UMC+, het Universitair Medisch Centrum Groningen, het Radboud universitair medisch centrum, het Universitair Medisch Centrum Utrecht, het Amphia ziekenhuis en het Isala ziekenhuis die afzonderlijk van elkaar en namens hun zorgnetwerk optreden als aanvrager van de subsidie;

  • RIVM: Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu;

  • Regionale actoren: de zorginstellingen, zorgorganisaties en professionals die (geneeskundige) zorg verlenen binnen de openbare gezondheidszorg, cure en care en de (koepel)organisaties in de regio die instellingen of professionals vertegenwoordigen of andere partijen met een aantoonbare verantwoordelijkheid op het gebied van antibioticaresistentie en infectiepreventie, die onderdeel uitmaken van het Regionaal zorgnetwerk;

  • Regionaal zorgnetwerk ABR: een zorgnetwerk bestaande uit zorginstellingen, zorgorganisaties, zorgprofessionals en zorgverleners die (geneeskundige) zorg verlenen binnen de openbare gezondheidszorg, cure en care (zoals ziekenhuizen, verpleeghuizen, gehandicaptenzorginstellingen, GGD’en, revalidatieklinieken, apothekers, huisartsen, wijkverpleegkundigen) en de (koepel)organisaties in de regio die instellingen of professionals vertegenwoordigen of andere partijen met een aantoonbare verantwoordelijkheid op het gebied van ABR en infectiepreventie ten aanzien van de zorg, met uitzondering van zorg ten aanzien van dieren, voedsel en milieu.

  • Zorgaanbieder: een zorginstelling dan wel een solistisch werkende zorgverlener;

  • Zorginstelling: een rechtspersoon die bedrijfsmatig zorg verleent, een organisatorisch verband van natuurlijke personen die bedrijfsmatig zorg verlenen of doen verlenen, alsmede een natuurlijke persoon die bedrijfsmatig zorg doet verlenen;

  • Zorgverlener: een natuurlijke persoon die beroepsmatig zorg verleent;

Artikel

2

Subsidiabele activiteiten

De minister kan subsidie verstrekken aan de penvoerder van een regionaal zorgnetwerk ABR voor de periode van 1 mei 2021 tot 1 mei 2023, voor het verrichten van activiteiten met betrekking tot het voorkomen en bestrijden van ABR en het bevorderen van infectiepreventie in Nederland.

Artikel

3

Activiteiten regionale zorgnetwerken ABR

Artikel

4

Subsidiebedrag

Artikel

5

Subsidievoorwaarden

Artikel

6

Subsidieverplichtingen

Artikel

7

Aanvraag tot subsidieverlening

Artikel

8

Tussentijdse voortgangsrapportage

De minister maakt afspraken met de penvoerder van een regionaal zorgnetwerk ABR met betrekking tot het uitbrengen van (tussentijds) inhoudelijk en financieel verslag en gaat daarbij in op onder andere de voortgang van de activiteiten zoals beschreven in het activiteitenplan. De voortgangsrapportage dient dezelfde opbouw te hebben als de ingediende subsidieaanvraag.

Artikel

9

Besluit tot subsidieverlening, bevoorschotting en betaling

De minister verleent bij het besluit tot subsidieverlening een voorschot van 100% van het bedrag van de verleende subsidie, bedoeld in artikel 3, eerste lid. De voorschotten worden gelijkmatig betaald over het aantal maanden waarvoor de subsidie wordt verleend.

Artikel

10

Aanvraag tot vaststelling

Voor de aanvraag tot vaststelling van de subsidie wordt een door de minister vastgesteld formulier gebruikt.

Artikel

11

Inwerkingtreding, vervaldatum en overgangsrecht

Artikel

12

Citeertitel

Deze beleidsregel wordt aangehaald als: Beleidsregel subsidiëring regionale zorgnetwerken ABR 2021–2023.

Deze beleidsregel zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De Minister voor Medische Zorg, T. van Ark