Beleidsregel vergoeding voor rechtsbijstand binnen de Wet Verplichte GGZ

Het bestuur van de Raad voor Rechtsbijstand,
Gelet op de uitkomsten van het in opdracht van het ministerie van Justitie en Veiligheid door bureau Significant uitgevoerde onderzoek naar de gevolgen van de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (verder: Wvggz) op de gesubsidieerde rechtsbijstand waarin dit bureau op 13 maart 2020 adviseert om voor bepaalde procedures binnen de Wvggz een afwijkende vergoeding toe te kennen;
Overwegende dat het gewenst is dat de raad een beleidsregel vaststelt waarin hij aangeeft op welke wijze hij gebruik maakt van de mogelijkheid om op grond van artikel 4:23, derde lid, onderdeel a, van de Algemene wet bestuursrecht de vergoeding voor het verlenen van rechtsbijstand in het kader van de Wvggz tijdelijk aan te passen;

BESLUIT

De volgende beleidsregel vast te stellen:

Artikel

2

Vergoedingsregeling

Artikel

3

Inwerkingtreding en duur

Aldus vastgesteld op 7 oktober 2020

Het bestuur van de raad voor rechtsbijstand,
Namens deze
I.D. Nijboer Bestuurder