Artikel
1
Begripsbepalingen
In dit besluit wordt verstaan onder:
Besluit:
In dit besluit wordt verstaan onder:
De Stuurgroep heeft tot taak maatregelen uit te werken die invloed hebben op het structureel benodigde budget voor jeugdhulp. Bij het uitwerken van de maatregelen zal worden gekeken naar het financiële effect, mogelijke aanpassingen van het wettelijke en beleidstheoretische stelsel, als ook de uitvoeringsconsequenties hiervan. Daarnaast dient inzicht te worden geboden in de implementatietermijn van de maatregel(en). In deze Stuurgroep wordt gewerkt aan zowel maatregelen die invloed hebben op de uitvoering van de Jeugdwet door gemeenten, als maatregelen die beleidsmatig zijn en een aanpassing van de Jeugdwet vergen door de wetgever.
De Stuurgroep heeft tot taak een rapport op te leveren met een bundel van fiches, waarin de maatregelen zijn uitgewerkt met een neutrale beschrijving van de effecten. Daarnaast dient het rapport een aantal technische varianten voor een aantal logisch bij elkaar passende maatregelpakketten te bevatten, die elk de beheersbaarheid van de jeugdzorg moeten waarborgen. Ook deze varianten dienen voorzien te zijn van een neutrale (budgettaire) effectbeschrijving.
De Stuurgroep bestaat uit een onafhankelijke voorzitter en leden die de ministeries van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, Financiën, Justitie en Veiligheid, Volksgezondheid, Welzijn en Sport, respectievelijk de Vereniging Nederlandse Gemeenten (VNG) en Nederlandse gemeenten vertegenwoordigen. Vanuit de ministeries zijn de leden minimaal werkzaam op directeursniveau.
Tot leden van de Stuurgroep worden benoemd:
de Directeur Jeugd en de Directeur Financieel-Economische Zaken (FEZ), namens het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport;
de Directeur Sanctietoepassing en Jeugd (SJ), tevens plaatsvervangend Directeur-Generaal Straffen en Beschermen (SenB) en het MT-lid FEZ van het Ministerie van Justitie en Veiligheid;
het Sectiehoofd VWS van de Inspectie der Rijksfinanciën (IRF) van het Ministerie van Financiën;
de Directeur Bestuur, Financiën en Regio’s van het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties;
een Directeur van de VNG;
de Stedelijk Directeur Cluster Sociaal van de gemeente Amsterdam;
een Manager van de gemeente Amersfoort.
De Stuurgroep wordt opgeheven twee weken nadat het rapport, zoals bedoeld in artikel 2, door de Staatsecretaris, na kennisgeving in de ministerraad, is aangeboden aan de Tweede Kamer van de Staten-Generaal.
De Werkgroep die de Stuurgroep in haar werkzaamheden bijstaat, bestaat uit medewerkers van de leden van de Stuurgroep.
De Werkgroep kan advies vragen aan het Nederlands Jeugdinstituut (NJi). Het NJi maakt echter geen deel uit van de Werkgroep.
De Werkgroep is verantwoordelijk voor i) het opstellen van een groslijst van mogelijke maatregelen die invloed hebben op het structureel benodigde budget voor jeugdhulp (zonder beperkingen) en ii) het uitwerken van maatregelen in fiches die benut kunnen worden tijdens de kabinetsformatie.
De Werkgroep kan gebruik maken van een ondersteuning van een onderzoeksbureau, bij het maken van berekeningen ten aanzien van de financiële effecten.
De voorzitter ontvangt een vaste vergoeding per maand ter hoogte van het maximum van salarisschaal 18, zoals genoemd in de op datum inwerkingtreding van dit besluit geldende collectieve arbeidsovereenkomst voor ambtenaren die krachtens arbeidsovereenkomst voor de sector Rijk werkzaam zijn. De arbeidsduurfactor voor de voorzitter is 0,4 fte per maand.
De voorzitter en leden van de Stuurgroep ontvangen een vergoeding van reis- en verblijfkosten overeenkomstig hetgeen daarover is overeengekomen in de laatstelijk afgesloten collectieve arbeidsovereenkomst voor rijksambtenaren, voor zover zij niet vallen onder de uitzondering van artikel 2, derde lid, van de Wet vergoedingen adviescolleges en commissies.
De kosten van de Stuurgroep komen, voor zover goedgekeurd, voor rekening van de Staatssecretaris. Onder kosten worden in ieder geval verstaan de vergoeding van de voorzitter, reis- en verblijfkosten en kosten voor de faciliteiten van vergaderingen en voor de inzet van het onderzoeksbureau als bedoeld in artikel 5.
Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst en werkt terug tot en met 1 januari 2021.
Dit besluit vervalt twee weken nadat het rapport, zoals bedoeld in artikel 2, aan de Tweede Kamer van de Staten-Generaal is aangeboden.
Dit besluit wordt aangehaald als: Instellingsbesluit Stuurgroep Maatregelen financiële beheersbaarheid Jeugdwet.
Dit besluit zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst en in afschrift worden gezonden aan betrokkenen.