Artikel
1
In deze regeling en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:
-
a)
Bank: De Nederlandsche Bank N.V.;
-
b)
beheerder: een beheerder van een beleggingsinstelling of een beheerder van een icbe als bedoeld in artikel 1:1 van de Wet op het financieel toezicht;
-
c)
beleggingsfonds: een instelling als bedoeld in artikel 2, eerste lid, van Verordening (EU) 2024/1988 van de Europese Centrale Bank van 27 juni 2024 betreffende statistieken inzake beleggingsfondsen en tot intrekking van Besluit (EU) 2015/32;
-
d)
Bijzondere Financiële Instellingen: ondernemingen of instellingen, ongeacht de rechtsvorm, die ingezetenen zijn en waarin niet-ingezetenen, direct of indirect, via aandelenkapitaal of anderszins deelnemen of invloed uitoefenen en die tot doel hebben en/of zich in belangrijke mate bezighouden met het, al dan niet in combinatie met andere binnenlandse groepsmaatschappijen:
-
1.
hoofdzakelijk in het buitenland aanhouden van activa en passiva en/of
-
2.
doorgeven van omzet bestaande uit in het buitenland verkregen royalty- en licentieopbrengsten aan buitenlandse groepsmaatschappijen en/of
-
3.
het genereren van omzet en kosten die hoofdzakelijk afkomstig zijn uit herfacturering van en naar buitenlandse groepsmaatschappijen;
-
1.
-
e)
Captive financial institutions and money lenders (CFI): Financiële instellingen en kredietverstrekkers binnen concernverband. De Bijzondere Financiële Instellingen vallen onder deze categorie van instellingen;
-
f)
CFI-benchmark: benchmark van rapporteurs uit de categorie CFI voor wie een jaarrapportage voor de informatieverzameling van balansgegevens en overige gegevens volstaat in plaats van kwartaalrapportages;
-
g)
cryptoactivadienstverlener (Crypto-asset Service Provider, CSP): een aanbieder van cryptoactivadiensten als bedoeld in artikel 3, eerste lid, onder 15 en 16 van Verordening (EU) 2023/1114 van het Europees Parlement en de Raad van 31 mei 2023 betreffende cryptoactivamarkten en tot wijziging van Verordeningen (EU) nr. 1093/2010 en (EU) nr. 1095/2010 en Richtlijnen 2013/36/EU en (EU) 2019/1937;
-
h)
effecten: kort- en langlopend schuldpapier, participaties in geldmarktfondsen en beleggingsinstellingen, en beursgenoteerde aandelen;
-
i)
eHerkenning: partij die het elektronisch verkeer tussen de Bank en erkende authenticatiediensten, middelenuitgevers en machtigingsdiensten routeert teneinde toegang tot elektronische dienstverlening te faciliteren;
-
j)
gecentraliseerde rapportage: rapportage onder een enkel registratienummer betreffende meerdere ingezetenen binnen een groep;
-
k)
groep: economische eenheid waarin rechtspersonen en vennootschappen organisatorisch zijn verbonden;
-
l)
kredietinstelling: een kredietinstelling als bedoeld in artikel 4 van de verordening kapitaalvereisten, niet zijnde een kredietunie met zetel in Nederland, met dien verstande dat, tenzij anders bepaald, met een kredietinstelling wordt gelijkgesteld de houder van een vergunning als bedoeld in artikel 3:4 van de Wet op het financieel toezicht;
-
m)
Lege Financiële Instellingen die securitisatietransacties verrichten (Financial Vehicle Corporations engaged in securitisation transactions, FVC): een instelling als bedoeld in artikel 1, eerste lid, van de Verordening (EU) 1075/2013 van de Europese Centrale Bank van 18 oktober 2013 houdende statistieke betreffende de activa en passiva van lege financiële instellingen die securitisatietransacties verrichten;
-
n)
MER: Maandeffectenrapportage voor informatieverzameling over gehouden en uitgegeven effecten;
-
o)
MER-profiel: een selectie van rapportageformulieren voor een categorie van rapporteurs die vergelijkbare attributen over hun effectenhouderschap en -uitgifte dienen te rapporteren;
-
p)
MESRAP: Macro-Economische Statistiek Rapportage voor informatieverzameling over balansgegevens en overige gegevens;
-
q)
MESRAP-profiel: een selectie van rapportageformulieren voor een categorie van rapporteurs die vergelijkbare activiteiten ontplooien;
-
r)
rapportage: uit hoofde van de Wet en deze rapportagevoorschriften door de Bank gevraagde inlichtingen en gegevens voor de samenstelling van de betalingsbalans van Nederland;
-
s)
rapporteur: ingezetene als bedoeld in artikel 1, onderdeel a, van de Wet, die door de Bank is aangewezen rapportages op te stellen en aan te leveren;
-
t)
vertegenwoordiger: ingezetene die de, al dan niet gecentraliseerde, rapportages namens één of meer rapporteurs opstelt en aanlevert;
- u)