Wet van 4 november 2021 tot wijziging van het Wetboek van Strafrecht en het Wetboek van Strafvordering en enige andere wetten in verband met versterking van de strafrechtelijke aanpak van ondermijnende criminaliteit (versterking strafrechtelijke aanpak ondermijnende criminaliteit)

Wijzigingswet Wetboek van Strafrecht, enz. (versterking strafrechtelijke aanpak ondermijnende criminaliteit)

Wij Willem-Alexander, bij de gratie Gods, Koning der Nederlanden, Prins van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.
Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:
Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het wenselijk is het strafrechtelijk instrumentarium uit te breiden om de ondermijnende criminaliteit beter te kunnen bestrijden;

Zo is het, dat Wij, de Afdeling advisering van de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

Artikel

I

Wijzigt het Wetboek van Strafrecht.

Artikel

II

Wijzigt het Wetboek van Strafvordering.

Artikel

III

Wijzigt de Opiumwet.

Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden

Artikel

IV

Wijzigt de Wet op de economische delicten.

Artikel

V

Wijzigt de Wet voorkoming misbruik chemicaliën.

Artikel

VI

Wijzigt de Wet wapens en munitie.

Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden

Artikel

VIII

Deze wet treedt in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip, dat voor de verschillende artikelen of onderdelen daarvan verschillend kan worden vastgesteld.

Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren die zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.

Gegeven te

’s-Gravenhage
Willem-Alexander
De Minister van Justitie en Veiligheid, F.B.J. Grapperhaus
De Minister voor Rechtsbescherming, S. Dekker
De Minister voor Medische Zorg, T. van Ark
De Minister van Justitie en Veiligheid, F.B.J. Grapperhaus