Artikel
1
1
In dit besluit wordt verstaan onder:
-
–
de ministers: de Minister van Justitie en Veiligheid, de Minister van Financiën en de Minister van Defensie;
-
–
de korpschef: de korpschef, bedoeld in artikel 27 van de Politiewet 2012;
-
–
het MIT: het samenwerkingsverband, bedoeld in artikel 2, eerste lid;
-
–
samenwerkende organisaties: de politie, de Douane, de Belastingdienst, de Fiscale inlichtingen- en opsporingsdienst, de Koninklijke marechaussee en andere operationele onderdelen van het Ministerie van Defensie en het openbaar ministerie;
-
–
deelnemende operationele organisaties: de politie, de Douane, de Belastingdienst, de Fiscale inlichtingen- en opsporingsdienst, de Koninklijke marechaussee en andere operationele onderdelen van het Ministerie van Defensie;
-
–
de stuurgroep MIT: de stuurgroep, bedoeld in artikel 4, eerste lid;
-
–
het programmateam MIT: het programmateam, bedoeld in artikel 5, eerste lid;
-
–
het SKO: het strategisch kaderoverleg, bedoeld in artikel 7;
-
–
het MIO: het multi interventie overleg, bedoeld in artikel 8;
-
–
bevoegd gezag: degene die als zodanig is benoemd in de toepasselijke rechtspositionele regelgeving van een ambtenaar van een deelnemende operationele organisatie;
-
–
gezag: degene die beslissingsbevoegdheid heeft over de inzet en het optreden van een ambtenaar van een deelnemende operationele organisatie.
2
Voor de toepassing van dit besluit worden met mandaat en ondermandaat gelijkgesteld de verlening en het doorgeven van een machtiging om in naam van de Minister van Justitie en Veiligheid, de Minister van Financiën of de Minister van Defensie, dan wel om in naam van de korpschef handelingen te verrichten die noch een besluit, noch een privaatrechtelijke rechtshandeling zijn.