Artikel
1
Begripsbepalingen
1
In deze regeling wordt verstaan onder:
-
beschermingszone: gebied als bedoeld in artikel 2, eerste lid, onderdeel a;
-
bewakingszone: gebied als bedoeld in artikel 2, eerste lid, onderdeel b;
-
commercieel gehouden vogels: pluimvee of in gevangenschap levende vogels die worden gekweekt of gehouden met de bedoeling geld te verdienen;
-
hygiëneprotocol: set praktische hygiëneregels ter bevordering van de bioveiligheid in een specifieke situatie, zoals bekendgemaakt op de website van de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit;
-
loopvogels: Struthioniformes (struisvogels), Rheiformes (nandoes), Casuariiformes (kasuarissen en emoes) en Apterygiformes (kiwi's);
-
minister: Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit;
-
sierwatervogels: watervogels die worden gehouden met een ander doel dan de productie van vlees of eieren;
-
verordening (EU) nr. 2016/429: verordening (EU) 2016/429 van het Europees Parlement en de Raad van 9 maart 2016 betreffende overdraagbare dierziekte en tot wijziging en intrekking van bepaalde handelingen op het gebied van diergezondheid (‘diergezondheidwetgeving’) (PbEU 2016, L 84);
-
verordening (EU) nr. 2020/687: gedelegeerde verordening (EU) 2020/687 van de Commissie van 17 december 2019 tot aanvulling van Verordening (EU) 2016/429 van het Europees Parlement en de Raad wat regels voor de preventie en bestrijding van bepaalde in de lijst opgenomen ziekten betreft (PbEU 2020, L 174);
-
vervoermiddel: voertuig en materieel, met inbegrip van een combinatie van een voertuig en één of meer door dat voertuig voortbewogen aanhangwagens, opleggers of containers;
-
vogelverblijfplaats kooi, volière, terrein of gebouw, met uitzondering van woonruimte, waar vogels aanwezig zijn of gewoonlijk worden gehouden en aanverwante ruimtes waar materiaal ten behoeve van vogels is opgeslagen of gewoonlijk wordt opgeslagen;
-
watervogels: zwanen, ganzen, eenden, duikers, aalscholvers, reigers, ooievaars, ibissen, flamingo’s, futen, kraanvogels, rallen, steltlopers, meeuwen en sterns.
2
De definities, opgenomen in de volgende bepalingen, zijn van toepassing:
-
–
artikel 4 van verordening (EU) nr. 2016/429;
-
–
bijlage I bij verordening (EG) 853/2004 van het Europees Parlement en de Raad van 29 april 2004 houdende vaststelling van specifieke hygiënevoorschriften voor levensmiddelen van dierlijke oorsprong (PbEU 2004, L 139);
-
–
artikel 2 van verordening (EU) nr. 2020/687.