Regeling 1- en 2-jarig activiteitenprogramma 2023–2024

Het bestuur van de stichting Stimuleringsfonds Creatieve Industrie, gelet op artikel 10, vierde lid van de Wet op het specifiek cultuurbeleid, besluit vast te stellen de navolgende regeling, houdende regels voor het verstrekken van 1- of 2-jarige subsidies aan instellingen ter bevordering van de kwaliteit van de creatieve industrie.

Hoofdstuk

1

Begripsbepalingen

Artikel

1

Taakopvatting van het Stimuleringsfonds

Artikel

2

Begrippen

De in deze regeling gehanteerde begrippen hebben dezelfde betekenis als in de Regeling op het specifiek cultuurbeleid, met dien verstande dat wordt verstaan onder:

  • 1.

    Bestuur: de directeur-bestuurder van het Stimuleringsfonds Creatieve Industrie, als bedoeld in artikel 5 van de statuten;

  • 2.

    Creatieve industrie: het werkterrein van de disciplines vormgeving, architectuur en digitale cultuur inclusief mogelijke cross-overs tussen deze disciplines;

  • 3.

    Koninkrijk: het Koninkrijk der Nederlanden, bestaande uit de landen Nederland, Aruba, Curaçao en Sint Maarten en de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba;

  • 4.

    Culturele instelling of organisatie: een non-profit-, privaatrechtelijke rechtspersoon met een ondersteunende, producerende of initiërende functie binnen de creatieve industrie zoals een lab of werkplaats, een platform of een presentatieplek;

  • 5.

    Activiteitenprogramma: een reeks van met elkaar samenhangende activiteiten die verspreid van elkaar, binnen de looptijd van één, dan wel twee kalenderjaren worden uitgevoerd. De onderdelen kunnen verschillen in opzet en uitvoering, maar dragen gezamenlijk bij aan de missie, visie en verdere ontwikkeling van de instelling of organisatie.

  • 6.

    Kerntaak: het doel en activiteiten die de hoofdzaak vormen van het programma dat de instelling uitvoert. De kerntaak en -activiteit vloeit zowel in vorm als inhoud voort uit de visie en missie van de instelling.

  • 7.

    Eigen inkomsten: onder eigen inkomsten worden in deze regeling de volgende baten, welke terug te vinden zijn in de jaarrekening aan de batenkant van de exploitatierekening, verstaan:

    • a.

      publieksinkomsten; en

    • b.

      overige inkomsten, zijnde:

      • 1.

        directe opbrengsten in de vorm van sponsorinkomsten en overige inkomsten;

      • 2.

        indirecte opbrengsten;

        en

      • 3.

        overige bijdragen.

      Onder eigen inkomsten worden in elk geval niet begrepen de volgende baten:

      • 4.

        subsidies die zijn verstrekt door een bestuursorgaan;

      • 5.

        overige bijdragen uit publieke middelen;

      • 6.

        rentebaten;

      • 7.

        bijdragen in natura;

      • 8.

        kapitalisatie van vrijwilligers;

      • 9.

        waardering vrijkaarten; en

      • 10.

        overige baten die geen relatie hebben met cultureel ondernemerschap.

Hoofdstuk

2

Algemene bepalingen

Artikel

3

Reikwijdte en doelstelling Regeling 1- en 2-jarig activiteitenprogramma 2023–2024

Artikel

4

Voorwaarden voor ondersteuning 1-jarig activiteitenprogramma

Een subsidie wordt alleen verstrekt als aan de volgende voorwaarden is voldaan:

  • 1.

    De culturele instelling of organisatie is gevestigd binnen het Koninkrijk en staat ingeschreven in het Handelsregister van het betreffende land.

  • 2.

    De aanvragende partij onderschrijft en verhoudt zich tot de codes:

    • a.

      Fair Practice Code;

    • b.

      Governance Code Cultuur 2019;

    • c.

      Code Diversiteit en Inclusie;

  • 3.

    De culturele instelling of organisatie draagt vanuit zijn kerntaak bij aan de versterking van de domeinen vormgeving, architectuur of digitale cultuur.

  • 4.

    Het activiteitenprogramma vormt de kerntaak van de instelling.

  • 5.

    Het programma van de culturele instelling of organisatie is minimaal van regionale betekenis.

Artikel

5

Voorwaarden voor ondersteuning 2-jarig activiteitenprogramma

Voor het verstrekken van een subsidie voor een 2-jarig activiteitenprogramma gelden de voorwaarden zoals beschreven in Artikel 4 onder lid 1 t/m 4.

In aanvulling daarop geldt dat:

  • 1.

    De culturele instelling of organisatie voor de periode 2021–2022 tweejarig is ondersteund binnen de Regeling 1- en 2-jarig activiteitenprogramma.

  • 2.

    Het programma van de culturele instelling of organisatie van landelijke betekenis is.

Artikel

6

Voorwaarden met betrekking tot financiën en andere subsidierelaties

Artikel

7

Weigeringsgronden

Er wordt geen subsidie verleend aan of voor:

  • 1.

    Instellingen die een structurele subsidierelatie hebben met de rijksoverheid of die gedurende de subsidieperiode subsidie ontvangen op grond van een meerjarige regeling van een van de Rijkscultuurfondsen.

  • 2.

    Activiteiten die al hebben plaatsgevonden of die starten voor het jaar waarop de subsidieperiode betrekking heeft;

  • 3.

    Aanvragen die niet op tijd zijn ingediend of niet volledig zijn;

  • 4.

    Onderwijsprogramma’s en aanverwante activiteiten van onderwijsinstellingen;

  • 5.

    Instellingen voor hbo en aan universiteiten;

  • 6.

    Studiereizen;

  • 7.

    Arbeidskosten voor medewerkers van rijks-, provinciale en gemeentelijke instellingen;

  • 8.

    Het verwerven van eigendommen;

  • 9.

    Reguliere bouw- en restauratiekosten;

  • 10.

    Inrichtings-, restauratie- en verbouwingsplannen;

  • 11.

    Kosten die de aanvrager op andere wijze vergoed kan krijgen.

Hoofdstuk

3

Subsidieaanvraag

Artikel

8

Wijze van indiening

Artikel

9

Inhoud van de aanvraag

Artikel

10

Indiening van de begroting bij de aanvraag

Artikel

11

Aanvullende bescheiden

Hoofdstuk

4

Subsidieverlening

Artikel

12

Advisering 2-jarig activiteitenprogramma

Artikel

13

Advisering 1-jarig activiteitenprogramma

Artikel

14

Beoordeling 1-jarig activiteitenprogramma

Artikel

15

Subsidieplafond

Artikel

16

Verlening van een subsidie

Artikel

17

Wijziging subsidiebedrag

Als de instellingssubsidie aan het Stimuleringsfonds door de minister wordt verhoogd, rekening houdend met de ontwikkeling van de kosten in de arbeidsvoorwaarden of de kosten van het prijspeil, kan het Stimuleringsfonds de subsidie van de subsidieontvanger verhogen met het percentage waarmee de instellingssubsidie aan het Stimuleringsfonds is verhoogd, waarbij tevens de verhouding loon- en prijsgevoeligheid die daarbij door de minister is bepaald, wordt toegepast.

Artikel

18

Voorschotten

Hoofdstuk

5

Verplichtingen van de subsidieontvanger

Artikel

19

Administratie

Artikel

20

Periodieke verslaglegging

Artikel

21

Vermelding Stimuleringsfonds

In alle publieke uitingen over de gesubsidieerde activiteiten vermeldt de subsidieontvanger het Stimuleringsfonds Creatieve Industrie als subsidieverstrekker. Het logo van het Stimuleringsfonds Creatieve Industrie wordt opgenomen in publicaties en verslagen die betrekking hebben op de gesubsidieerde activiteiten, net als op uitnodigingen, aankondigingen, websites en audiovisuele producties die hierop betrekking hebben. Als een subsidieontvanger logo’s opneemt van andere partijen wordt in verhouding tot de bijdrage het logo van het Stimuleringsfonds Creatieve Industrie in een vergelijkbare grootte en opmaak weergegeven.

Artikel

22

Melding bij het bestuur

De subsidieontvanger meldt onverwijld aan het bestuur als:

  • 1.

    de activiteiten waarvoor subsidie is verstrekt niet of niet geheel zullen doorgaan;

  • 2.

    de aanvrager betrokken raakt bij een strafzaak;

  • 3.

    niet geheel aan de aan het subsidie verbonden verplichtingen zal worden voldaan; of

  • 4.

    er aanzienlijke artistieke of zakelijke wijzigingen zijn ten opzichte van het plan op basis waarvan subsidie is verstrekt.

Hoofdstuk

6

Subsidievaststelling

Artikel

23

Aanvraag voor vaststelling van subsidie

Artikel

24

Jaarrekening

Artikel

25

Accountantsverklaring en rapport van feitelijke bevindingen

Hoofdstuk

7

Overgangs- en slotbepalingen

Artikel

26

Bezwaar

Een belanghebbende kan bezwaar maken door een bezwaarschrift in te dienen bij het bestuur. De termijn voor het indienen van een bezwaarschrift bedraagt zes weken. De termijn vangt aan op de dag nadat het besluit bekend is gemaakt. De procedure voor bezwaren is gepubliceerd op de website www.stimuleringsfonds.nl.

Artikel

27

Bescherming persoonsgegevens

Het bestuur verstrekt geen vertrouwelijke informatie over een aanvraag aan derden. Het gaat hier om bedrijfs- en fabricagegegevens die door een aanvrager vertrouwelijk aan het Stimuleringsfonds zijn medegedeeld en om persoonsgegevens als bedoeld in de artikelen 22 tot en met 33 van de Uitvoeringswet Algemene Verordening Gegevensbescherming, tenzij de verstrekking voortvloeit uit een wettelijke verplichting dan wel kennelijk geen inbreuk op de persoonlijke levenssfeer maakt.

Artikel

30

Inwerkingtreding en expiratie

Artikel

31

Citeertitel

Deze regeling wordt aangehaald als Regeling 1- en 2-jarig activiteitenprogramma 2023–2024.

Deze regeling zal in de Staatscourant worden geplaatst. De stichting Stimuleringsfonds Creatieve Industrie,

S. Groeneveld (directeur-bestuurder)