Wet van 13 oktober 2022 tot wijziging van de Mijnbouwwet (aanpassing van het vergunningsstelsel voor opsporen en winnen van aardwarmte)

Wijzigingswet Mijnbouwwet, enz. (aanpassing vergunningsstelsel voor opsporen en winnen van aardwarmte)

Wij Willem-Alexander, bij de gratie Gods, Koning der Nederlanden, Prins van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.
Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:
Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het wenselijk is het vergunningstelsel voor het opsporen en winnen van aardwarmte aan te passen teneinde de procedure voor vergunningverlening te laten aansluiten bij de specifieke kenmerken van aardwarmte en directe winning na opsporing mogelijk te maken alsmede om de veiligheid van de opsporing en winning te bevorderen;

Zo is het, dat Wij, de Afdeling advisering van de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

Artikel

I

Wijzigt de Mijnbouwwet.

Artikel

II

Wijzigt de Wet op de economische delicten.

Artikel

III

Wijzigt het Burgerlijk Wetboek Boek 6.

Artikel

IV

Wijzigt deze wet.

Artikel

V

Wijzigt deze wet.

Artikel

VI

Wijzigt kst. 35462.

Artikel

VII

Wijzigt kst. 35462.

Artikel

VIII

Wijzigt de Mijnbouwwet.

Artikel

VIIIa

Onze Minister van Economische Zaken en Klimaat zendt binnen drie jaar na de inwerkingtreding van deze wet aan de Staten-Generaal een verslag over de doeltreffendheid en de effecten van deze wet in de praktijk.

Artikel

IX

Deze wet treedt in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip, dat voor verschillende artikelen en onderdelen daarvan verschillend kan worden vastgesteld.

Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren die zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.

Gegeven te

’s-Gravenhage
Willem-Alexander
De Staatssecretaris van Economische Zaken en Klimaat, J.A. Vijlbrief
De Minister van Justitie en Veiligheid, D. Yeşilgöz-Zegerius