Regeling van de Minister van Justitie en Veiligheid van 23 januari 2023, nr. 4381549, houdende regels omtrent het aanstellen van politieambtenaren (Regeling aanstellingseisen politie 2023)

Regeling aanstellingseisen politie 2023

Hoofdstuk

1

Algemene bepalingen

Artikel

1

Definities

In deze regeling wordt verstaan onder:

Artikel

2

Minimumleeftijd

De minimumleeftijd voor aanstelling bedraagt 18 jaar.

Artikel

3

Rijbewijs

Artikel

4

Opleidingsniveau

Artikel

5

Werk- en denkniveau

De kandidaat ambtenaar in opleiding of de kandidaat vrijwillige ambtenaar in opleiding voldoet ten minste aan het werk- en denkniveau opgenomen in de functiebeschrijving, bedoeld in de Regeling vaststelling LFNP, van de functie waarin de ambtenaar in opleiding of kandidaat vrijwillige ambtenaar in opleiding na het voltooien van de politieopleiding wordt ingezet.

Artikel

6

Geschiktheidsonderzoek

Hoofdstuk

2

Mentale geschiktheid

Artikel

7

Taalvaardigheid

Artikel

8

Cognitieve capaciteiten

Artikel

9

Psychologisch profiel

Hoofdstuk

3

Fysieke geschiktheid

Artikel

10

Fysiek motorisch onderzoek

Hoofdstuk

4

Medische geschiktheid

Artikel

11

Medisch onderzoek

Hoofdstuk

5

Uitkomst onderzoeken en mogelijkheid tot herkansing

Artikel

12

Mededeling en geldigheid uitkomst

Artikel

13

Herbeoordeling psychologisch onderzoek

Artikel

14

Herkansing fysiek motorisch onderzoek

Artikel

15

Herkeuring medisch onderzoek

Artikel

16

Gevolg negatieve uitkomst

Niet tot aanstelling kan worden overgegaan indien de kandidaat:

  • a.

    op een van de voor de kandidaat vereiste onderdelen van het onderzoek naar de mentale geschiktheid het minimale vereiste niveau niet heeft behaald,

  • b.

    binnen het fysiek motorisch onderzoek niet aan de minimale normen heeft voldaan, of

  • c.

    bij het medisch onderzoek niet aan de vereisten heeft voldaan.

Hoofdstuk

6

Slotbepalingen

Artikel

18

Inwerkingtreding

Deze regeling treedt in werking met ingang van 31 januari 2023.

Artikel

19

Citeertitel

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling aanstellingseisen politie 2023.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De Minister van Justitie en Veiligheid, D. Yeşilgöz-Zegerius

Bijlage

1

Politieopleiding NLQF 4

Stressbestendigheid

Blijft effectief presteren onder hoge werk- en tijdsdruk, bij tegenspel en druk door anderen en in onzekere omstandigheden. Relativeert en herstelt zijn/haar motivatie na teleurstelling of tegenslag, toont zich evenwichtig.

Minimaal 3

Oordeelsvorming

Weegt (nieuwe) gegevens en mogelijke handelwijzen tegen elkaar af in het licht van relevante criteria en komt tot een realistische, verantwoorde en onderbouwde beoordeling.

Minimaal 3

Zelfreflectie

Laat blijken eigen gedrag en standpunten kritisch te evalueren en open te staan voor evaluatie door anderen. Toont te leren van deze evaluaties door wijziging van eigen gedrag of de standpunten.

Minimaal 2

Samenwerken

Heeft oog voor het groepsbelang, stelt zich collegiaal op en draagt actief bij aan het realiseren van het gemeenschappelijke resultaat.

Minimaal 2

Sociale Vaardigheid

Beweegt zich tactvol en gemakkelijk in contacten met anderen. Is in staat met zijn optreden emoties en de sociale interactie te beïnvloeden.

Minimaal 2

Gezag

Maakt een stevige en betrouwbare eerste indruk op anderen, handhaaft deze en handelt met impact.

Minimaal 2

Initiatief

Signaleert kansen. Handelt ernaar en durft daarbij risico’s te nemen om uiteindelijk een bepaald herkenbaar voordeel voor de organisatie te behalen. Begint liever uit zichzelf dan passief af te wachten.

Minimaal 2

Politieopleiding NLQF 5-6-7 – Vakgebied GGP (inclusief Wijkagent)

Stressbestendigheid

Blijft effectief presteren onder hoge werk- en tijdsdruk, bij tegenspel en druk door anderen en in onzekere omstandigheden. Relativeert en herstelt zijn/haar motivatie na teleurstelling of tegenslag, toont zich evenwichtig

Minimaal 3

Oordeelsvorming

Weegt (nieuwe) gegevens en mogelijke handelwijzen tegen elkaar af in het licht van relevante criteria en komt tot een realistische, verantwoorde en onderbouwde beoordeling.

Minimaal 3

Leervermogen

Is alert op nieuwe informatie. Maakt zich actief meester van nieuwe kennis en past deze effectief toe voor de eigen functie. Kan op zichzelf en eigen handelen reflecteren

Minimaal 3

Netwerkvaardigheid

Ontwikkelt en onderhoudt relaties, allianties en coalities zowel binnen als buiten de eigen organisatie en benut deze voor het verkrijgen van informatie, steun en medewerking.

Minimaal 2

Coachen

Verkent de ontwikkelbehoeften van anderen en stimuleert, motiveert en coacht hen om hun vakbekwaamheid op een hoger niveau te brengen en de ander zo verder te ontwikkelen.

Minimaal 3

Initiatief

Signaleert kansen. Handelt ernaar en durft daarbij risico’s te nemen om uiteindelijk een bepaald herkenbaar voordeel voor de organisatie te behalen. Begint liever uit zichzelf dan passief af te wachten.

Minimaal 2

Overtuigingskracht

Toont gedrag dat er op is gericht om anderen te overtuigen van een bepaald standpunt en instemming te krijgen met bepaalde plannen of ideeën.

Minimaal 2

Politieopleiding NLQF 5-6-7 – Vakgebied Tactische Opsporing

Stressbestendigheid

Blijft effectief presteren onder hoge werk- en tijdsdruk, bij tegenspel en druk door anderen en in onzekere omstandigheden. Relativeert en herstelt zijn/haar motivatie na teleurstelling of tegenslag, toont zich evenwichtig.

Minimaal 3

Oordeelsvorming

Weegt (nieuwe) gegevens en mogelijke handelwijzen tegen elkaar af in het licht van relevante criteria en komt tot een realistische, verantwoorde en onderbouwde beoordeling.

Minimaal 3

Leervermogen

Is alert op nieuwe informatie. Maakt zich actief meester van nieuwe kennis en past deze effectief toe voor de eigen functie. Kan op zichzelf en eigen handelen reflecteren

Minimaal 2

Creativiteit

Bekijkt vraagstukken vanuit verschillende invalshoeken. Komt tot originele, oorspronkelijke en vernieuwende ideeën of oplossingen voor problemen die met de functie verband houden.

Minimaal 2

Kwaliteitsgerichtheid

Stelt hoge eisen aan de kwaliteit van het eigen werk. Is voortdurend op zoek naar mogelijkheden om de kwaliteit te verbeteren.

Minimaal 2

Netwerkvaardigheid

Ontwikkelt en onderhoudt relaties, allianties en coalities zowel binnen als buiten de eigen organisatie en benut deze voor het verkrijgen van informatie, steun en medewerking

Minimaal 3

Overtuigingskracht

Toont gedrag dat er op is gericht om anderen te overtuigen van een bepaald standpunt en instemming te krijgen met bepaalde plannen of ideeën.

Minimaal 2

Politieopleiding NLQF 5-6-7 – Vakgebied Leiding

Stressbestendigheid

Blijft effectief presteren onder hoge werk- en tijdsdruk, bij tegenspel en druk door anderen en in onzekere omstandigheden. Relativeert en herstelt zijn/haar motivatie na teleurstelling of tegenslag, toont zich evenwichtig.

Minimaal 3

Oordeelsvorming

Weegt (nieuwe) gegevens en mogelijke handelwijzen tegen elkaar af in het licht van relevante criteria en komt tot een realistische, verantwoorde en onderbouwde beoordeling.

Minimaal 3

Zelfreflectie

Laat blijken eigen gedrag en standpunten kritisch te evalueren en open te staan voor evaluatie door anderen. Toont te leren van deze evaluaties door wijziging van eigen gedrag of de standpunten.

Minimaal 3

Mensgericht leidinggeven

Geeft richting en sturing aan de taakvervulling van individuele medewerkers en groepen vanuit een mensgerichte en betrokken houding. Stelt doelen en verbindt mensen met oog voor ieders kwaliteiten om zo doeltreffende samenwerkings- verbanden tot stand te brengen en een basis te leggen voor een inclusieve en veilige werksfeer.

Minimaal 3

Sociale vaardigheid

Beweegt zich tactvol en gemakkelijk in contacten met anderen. Is in staat met zijn optreden emoties en de sociale interactie te beïnvloeden.

Minimaal 2

Verandergerichtheid

Gaat effectief om met onzekerheid en veranderingen in de organisatie, de omgeving en zichzelf. Beschouwt verandering als vanzelfsprekend en noodzakelijk. Zet veranderingen in vanuit een duidelijke visie en persoonlijke overtuiging.

Minimaal 2

Overtuigingskracht

Toont gedrag dat erop is gericht om anderen te overtuigen van een bepaald standpunt en instemming te krijgen met bepaalde plannen of ideeën.

Minimaal 2

Bijlage

2

Voor het fysiek motorisch onderzoek moet de kandidaat een circuit met hindernissen afleggen waarbij de volgende minimale normtijden gelden:

Vrouwen

Leeftijd

17–24

25–29

30–34

35–39

40–44

45–49

50–54

55–59

60 en ouder

3:45

3:46

3:52

4:00

4:07

4:13

4:25

4:40

4:50

Mannen

Leeftijd

17–24

25–29

30–34

35–39

40–44

45–49

50–54

55–59

60 en ouder

3:08

3:10

3:13

3:19

3:24

3:30

3:38

3:53

4:00

Het circuit bevat de volgende onderdelen:

  • Het overbruggen van een kast (zowel in lengte- als breedterichting)

  • Het springen over banken

  • Het duwen en trekken van een verzwaarde kar

  • Het verplaatsen van medicine ballen

Het circuit wordt uitgezet in een binnenruimte met een minimale afmeting van 9 x 18 meter waarbij aan alle kanten een vrije ruimte aanwezig is van minimaal 0,5 meter.

Gesommeerd over het gehele circuit rent en sprint de kandidaat 226,5 meter, duwt deze een kar van 200 kilogram over 18 meter (verdeeld over 3 rondes) en trekt hij/zij deze kar 12 meter (verdeeld over 2 rondes). Verder wordt tillend een gewicht van 5 kilogram over een afstand van ± 3 meter per keer verplaatst (verdeeld over 3 rondes met een frequentie van 6 maal per ronde).

Bijlage

3

De kandidaat aspirant en de kandidaat vrijwilliger-aspirant worden onderworpen aan een medische keuring, gerelateerd aan de te verrichten taken en werkzaamheden.

Taken/werkzaamheden

In de uitvoering van het zorgen voor een daadwerkelijke handhaving van de rechtsorde en het verlenen van hulp aan hen die dit behoeven (artikel 3 Politiewet 2012) zijn de volgende elementen te onderscheiden:

  • Surveillance: hierbij moet vaak gedurende lange tijd eenzelfde houding worden aangenomen

  • Achtervolging: hierbij moet veel en vaak hard en soepel worden gelopen, gekropen, geklommen, gesprongen en gezwommen

  • Aanhouding: hierbij moeten verdachte personen worden achtervolgd, aangehouden en – zo nodig met geweld – worden overmeesterd, waarbij niet te snel gebruik mag worden gemaakt van (vuur)wapens

De diensten zijn onregelmatig (dag-, avond-, weekend- en nachtdiensten). De diensten worden te voet, per (motor)rijwiel of per auto verricht en moeten onder alle weersomstandigheden doorgang vinden.

Expositie aan gevaarlijke stoffen – ook radioactieve – komt voor. Het dragen van een helm, beschermende kleding en een gasmasker is soms noodzakelijk.

Ten aanzien van de energetische belastbaarheid is voor politieambtenaren die zijn aangesteld voor de uitvoering van de politietaak het fysiek motorisch onderzoek maatgevend. De ergometrie dient om relevante cardiovasculaire pathologie uit te sluiten en de bepaalde VO2max dient als bevestiging bij het fysiek motorisch onderzoek. In de uitzonderlijke situatie dat de keuring plaatsvindt zonder voorafgaand fysiek motorisch onderzoek of bij het niet gehaald hebben van de minimumnorm tijdens de selectie, geldt de minimale norm voor de VO2max. Deze norm is voor leeftijd en geslacht minus 10% in de bijlage gecorrigeerd.

Onderzoeksmethode en normering bij de verschillende onderdelen:

Klauteren en klimmen

– geen beperkingen van de bovenste ledematen

– geen beperkingen van de onderste ledematen

– een belastbaarheid van minimaal 8 MET’s, overeenkomend met een VO2-max van tenminste 28 ml/min/kg1

– longfunctie: FEV1 en (F)VC: tenminste de voorspelde waarde minus 1,6 × standaarddeviatie (FEV1 en (F)VC ≥80% en: FEV1/FVC (Tiffenau) >70%); zijn FEV1 en (F)VC lager, dan is aanvullend longfunctieonderzoek nodig

Geen duidelijke cardiale beperkingen zoals:

– decompensatio cordis vanaf NYHA-klasse 2 (= probleemloos in rust maar normale fysieke activiteit resulteert in vermoeidheid, hartkloppingen, dyspnoe of angineuze pijn)

– angina pectoris vanaf NYHA-klasse 3 (= klachten bij normale dagelijkse activiteiten)

– ritmestoornissen

Geen bewustzijnsdalingen of evenwichtsstoornissen. De volgende specifieke eisen zijn in dit opzicht van belang:

– bij type I diabetes: een goede instelling blijkend uit de HbA1c-waarde, zelfcontrole, ziekte-inzicht, hypo-herkenning, de vaardigheid om de insulinedosering aan te passen

– bij epilepsie: minimaal twee jaar aanvalsvrij

– geen gebruik van psychofarmaca die het bewustzijn kunnen beïnvloeden

– geen syndroom of ziekte van Menière

– visus met eventuele correctie, van beide ogen tezamen ≥ 0,8 D1

Energetische belasting

– geen hoogtevrees in de anamnese

– een goede functie van het cardiorespiratoir systeem (afhankelijk van de daadwerkelijk vereiste belasting betekent dit meestal een belastbaarheid van minimaal 10 MET ofwel een VO2-max van minimaal 35 ml/kg/min)*

– afwezigheid van aandoeningen die deze functie kunnen verminderen, zoals hartfalen, sommige hartritmestoornissen, astma en COPD, overgewicht

Scherp zien op afstand

Ongestoorde visuele waarneming van objecten op een afstand van meer dan 60 centimeter:

– visus met correctie: binoculair ≥ 1,0, slechtste oog ≥ 0,5*

– visus zonder correctie: beste oog ≥ 0,25

– geen diplopie

– gezichtsvelden: binoculair, horizontaal tot 90° temporaal beiderzijds

– schemerzien

– bij brilgebruik bij visus ≥ -2D dient bril met brilveren gebruikt te worden

Kleuren zien en onderscheiden

Het kunnen onderscheiden van die kleuren die voor de functie van belang zijn: goede score op HRR-test of Ishihara-test; bij twijfel de Farnsworth D15-test

Horen

Het kunnen waarnemen van geluid (menselijke spraak en andere vormen van geluid) dat informatie bevat die essentieel is voor een goede en veilige taakuitoefening:

– voor het verstaan van spraak: voor het slechtste oor een gehoorverlies voor spraak in ruis van minder dan 3 dB (in S/N ratio)

– voor het horen van waarschuwingssignalen: voor het slechtste oor een verlies voor tonen van maximaal 40 dB voor de frequenties van 500 t/m 4.000 Hz, en het kunnen lokaliseren van een geluid binnen 45 graden

– Gebruik van gehoortoestellen is contra-indicatie vanwege risico op verlies bij een geweldsincident en problemen bij zwemmen

Verhoogde waakzaamheid en oordeelsvermogen

– geen klachten over concentratievermogen: bijvoorbeeld geen chronische toxische encephalopathie (CTE, ook wel OPS genoemd) vanaf type 2

– geen bewustzijnsdalingen of klachten hiervan:

- geen pathologische hypersomnolentie door slaapapnoesyndroom

- geen narcolepsie

– bij type I diabetes: een goede instelling blijkend uit de HbA1c-waarde, zelfcontrole, ziekte-inzicht, hypo-herkenning, en vaardigheid om de insulinedosering aan te passen

– bij epilepsie: de eisen te stellen conform de groep 2 eisen in de Regeling Eisen Geschiktheid CBR (wordt ook gebruikt bij andere veiligheidsfuncties):

- Na een eerste epileptische aanval: permanent ongeschikt met als uitzondering: indien na één insult die niet behandeld wordt met medicatie, en er geen duidbare oorzaak is gevonden en geen epileptische EEG afwijkingen worden gevonden op het standaard-EEG, het slaaponthoudings-EEG en het slaap-EEG, is er sprake van ongeschiktheid tot twee jaar na de aanval.

- Na meer dan een aanval: permanent ongeschikt met als uitzondering: indien de medicatie is gestaakt en er na het staken van de medicatie geen epileptische EEG afwijkingen worden gevonden op het standaard-EEG, het slaaponthoudings-EEG en het slaap-EEG, is er sprake van ongeschiktheid tot vijf jaar na het staken van de medicatie minimaal twee jaar aanvalsvrij

– geen gebruik van psychofarmaca die de waakzaamheid of het oordeelsvermogen beïnvloeden

– geen levensbedreigende ritmestoornissen of andere risico’s op plotseling hartfalen

– psychische belastbaarheid: geen psychiatrische contra-indicaties (DSM4 criteria, depressie, gestoorde waarneming, verminderde zelfkritiek, hyperventilatie)

– geen alcohol- of drugsverslaving

Fysieke piekbelasting houdings- en bewegingsapparaat

– geen beperkingen van de bovenste ledematen

– geen beperkingen van de onderste ledematen

– gedurende de laatste vijf jaar geen langdurige rugklachten (langer dan drie maanden) of frequent voorkomende rugklachten

1 Bij overlappende belastbaarheideisen van de diverse functie-eisen belastbaarheideisen moet de zwaarste eis als beoordelingscriterium genomen worden.