Beleidsregel quota publieke media-instellingen 2023

I

Begripsbepalingen en reikwijdte

Artikel

1

Begripsbepalingen

In deze beleidsregel wordt verstaan onder:

  • a.

    wet: de Mediawet 2008;

  • b.

    besluit: het Mediabesluit 2008;

  • c.

    regeling: Mediaregeling 2008;

  • d.

    catalogus: de ordening van het audiovisueel media-aanbod in een databank die audiovisueel media-aanbod voor de gebruiker toegankelijk maakt;

  • e.

    Europese producties: producties als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder n en artikel 1, tweede, derde en vierde lid van de Richtlijn;

  • f.

    Richtlijn: Richtlijn 2010/13/EU van 10 maart 2010 betreffende de coördinatie van bepaalde wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen in de lidstaten inzake het aanbieden van audiovisuele media- diensten;

  • g.

    onafhankelijke producent: de producent van een onafhankelijke productie als bedoeld in artikel 2.120, eerste lid van de wet;

  • h.

    ondertiteling: Nederlands-of Friestalig programma-aanbod voorzien van Nederlandstalige onderti- teling;

  • i.

    producent: degene die programma-aanbod vervaardigt;

  • j.

    programma-aanbod: televisieprogramma-aanbod;

  • k.

    programmakanaal: televisieprogrammakanaal;

  • l.

    themakanaal: een themakanaal op televisie;

  • m.

    recente productie: een onafhankelijke productie die niet ouder is dan vijf jaar.

Artikel

2

Europese producties

Artikel

3

Onafhankelijke producties

II

Europese producties

Artikel

4

Berekeningswijze aandeel Europese, onafhankelijke en recente producties programmakanalen

Artikel

5

Berekeningswijze aandeel Europese producties audiovisueel media-aanbod op aanvraag

Artikel

6

Aandacht Europese producties audiovisuele mediadiensten op aanvraag

Het onder de aandacht brengen van Europese producties als bedoeld in artikel 2.115, derde lid, van de wet kan onder meer worden verzekerd door:

  • a.

    het voorzien in een vanaf de startpagina van de dienst toegankelijke aan Europese producties gewijde sectie;

  • b.

    de mogelijkheid om in de als onderdeel van die dienst beschikbare zoekfunctie naar Europese producties te zoeken; of

  • c.

    het gebruik van Europese producties in de campagnes van die dienst of een minimum percentage Europese producties die in de catalogus van die dienst worden aanbevolen, bijvoorbeeld door gebruik van banners of vergelijkbare instrumenten.

Artikel

7

Ontheffing aandeel Europese producties lage omzet en klein publiek

Artikel

8

Ontheffing Europese producties audiovisueel media-aanbod op aanvraag

III

Nederlands- of Friestalige producties

Artikel

9

Oorspronkelijk Nederlands- of Friestalige producties

Als oorspronkelijk Nederlands- of Friestalige productiesals bedoeld in artikel 2.122, eerste lid van de wet wordt mede aangemerkt:

  • a.

    programma-aanbod dat Nederlands- of Friestalig is ingesproken;

  • b.

    programma-aanbod dat onderdelen van niet oorspronkelijk Nederlands- of Friestalige producties bevat, dat voorzien is van een Nederlands- of Friestalige voice-over.

Artikel

10

Berekeningswijze aandeel oorspronkelijk Nederlands- of Friestalige producties programmakanalen

Voor de vaststelling van het behaalde aandeel oorspronkelijk Nederlands- of Friestalige producties, als bedoeld in artikel 2.122, eerste lid, van de wet wordt uitgegaan van het totale programma-aanbod per programmakanaal en per kalenderjaar met uitzondering van het programma-aanbod als bedoeld in artikel 2.122, tweede lid, van de wet. Herhalingen van programma’s worden meegeteld.

Artikel

11

Ontheffing oorspronkelijk Nederlands- en Friestalige producties programmakanalen

Artikel

12

Ondertiteling oorspronkelijk Nederlandstalige producties programmakanalen

Als oorspronkelijk Nederlandstalige producties die voorzien zijn van ondertiteling ten behoeve van personen met een auditieve beperking zoals bedoeld in artikel 15 van het besluit, worden aangemerkt oorspronkelijk Nederlandstalige producties:

  • a.

    die Nederlandstalig zijn ingesproken;

  • b.

    die onderdelen van niet oorspronkelijk Nederlandstalige producties bevatten, die voorzien zijn van een Nederlands- of Friestalige voice-over dan wel Nederlands- of Friestalig zijn ingesproken en die voorzien zijn van ondertiteling overeenkomstig artikel 18a van de regeling.

Artikel

13

Berekeningswijze percentage ondertiteling landelijke publieke mediadiensten

Artikel

14

Ontheffing percentage ondertiteling programmakanalen

IV

Rapportageverplichting en inhoud verslag

Artikel

15

Rapportageverplichting quota

Artikel

16

Verslag programmakanalen NPO met uitzondering van de themakanalen

Artikel

17

Verslag themakanalen NPO en programmakanalen van de regionale media-instellingen

Artikel

18

Verslag aanbodkanalen NPO en regionale media-instellingen

V

Slotbepaling

Artikel

19

Citeertitel en inwerkingtreding

Commissariaat voor de Media, A. Asante voorzitter
P. Eijsvoogel commissaris