-
1.
Conformiteitsbeoordelingsschema (verder aangeduid met schema): een gedocumenteerde en publiek beschikbare set aan eisen die het volgende vaststellen:
-
a.
het object van conformiteitsbeoordeling, d.w.z. product, proces, dienst, systeem, persoon dat/die op conformiteit beoordeeld wordt;
-
b.
de eisen waartegen conformiteit wordt beoordeeld;
-
c.
het mechanisme waarmee conformiteit wordt vastgesteld, bijvoorbeeld testen, examinering, inspectie of auditing en andere ondersteunende activiteiten om de blijvende conformiteit te verzekeren;
-
d.
eisen voor conformiteitsbeoordelingsinstanties (CBI’s), gesteld door de schemabeheerder, en eventuele specifieke toepassingen en interpretaties ervan, voor zover van toepassing.
-
2.
Schemabeheerder: identificeerbare organisatie die een schema heeft vastgesteld en verantwoordelijk is voor het ontwerp en beheer van het schema. Voorbeelden van schemabeheerders zijn:
-
a.
normalisatie instelling1Exclusief gevallen waarin het schema volledig is gedefinieerd in normen en de rol van het normalisatie-instelling is beperkt tot de productie van de norm.;
-
b.
CBI’s;
-
c.
organisaties die de diensten van CBI’s gebruiken;
-
d.
organisaties die producten kopen of verkopen die onderhevig zijn aan conformiteitsbeoordelingsactiviteiten;
-
e.
producenten of hun verenigingen die een schema hebben vastgesteld.
Een accreditatie-instantie kan geen schemabeheerder zijn. Indien een CBI de schemabeheerder en de enige gebruiker van het schema is, is dit document BR012 niet van toepassing.
-
3.
Eigen beoordeling van een schema: De beoordeling van een schema tegen de vereisten voor accreditatie door de schemabeheerder of door de CBI die het schema onder accreditatie wil gebruiken. De RvA accepteert uitsluitend een eigen beoordeling indien deze minimaal betrekking heeft op de vereisten die zijn toegelicht in RvA-T033, ‘Toelichting op de eisen aan schema’s voor conformiteitsbeoordelingen’.
-
4.
Schema-evaluatie: een onderzoek door de RvA dat tot doel heeft vast te stellen:
-
a.
of de schemabeheerder aan de voorwaarden zoals omschreven in Artikel 9 voldoet;
-
b.
of de vereisten voor accreditatie in de vorm van de norm en eventuele aanvullende vereisten die in het schema worden voorgeschreven passen bij de conformiteitsbeoordelingsactiviteiten in het schema;
-
c.
of met een eigen beoordeling van het schema aangetoond is dat met gebruik van het schema voldaan wordt aan de eisen voor accreditatie;
-
d.
welke accreditatievereisten niet in het schema zijn ingevuld en dus door de CBI zelf moeten worden ingevuld;
-
e.
op welke wijze de accreditatiebeoordelingen zullen worden uitgevoerd.
-
5.
Nationale accreditatie-instantie (NAI): de enige instantie in een lidstaat die door die staat aangewezen is accreditaties te verlenen volgens Verordening (EU)765/2008
-
6.
Nationaal schema: schema waarbij de CBI’s die accreditatie aanvragen in Nederland zijn gevestigd. In de regel zal ook de schemabeheerder in Nederland zijn gevestigd, maar in bepaalde situaties (zie de definitie van Huisaccreditatie-instantie (hAI)) kan het ook een buiten Nederland gevestigde entiteit zijn.
-
7.
Multinationaal schema: schema waarvoor CBI’s uit meerdere landen binnen de EA-regio2Tot de EA-regio worden de landen gerekend waarvan de accreditatie-instantie ondertekenaar is van de EA multilaterale of bilaterale erkenningsovereenkomst (EA-MLA of EA-BLA) voor de desbetreffende scope van accreditatie. Deze informatie is te vinden op de website van EA. de activiteiten onder accreditatie van de eigen NAI zullen uitvoeren en daarmee ook meerdere NAI’s betrokken zullen zijn bij de accreditatie voor het schema.
-
8.
IAF-erkend schema: Schema dat door IAF als ‘endorsed scheme’ is gepubliceerd in IAF-PR4.
-
9.
Schemaspecifieke eisen aan CBI’s: specifieke eisen aan CBI’s die door de schemabeheerder zijn gesteld.
-
10.
Huisaccreditatie-instantie (hAI): de lokale NAI die in het geval van een multinationaal schema de evaluatie uitvoert.
-
11.
Wettelijk schema: schema opgenomen in regelgeving zoals uitgelegd in hoofdstuk 5 van het Kabinetsstandpunt conformiteitsbeoordeling & accreditatie3Het kabinetstandpunt conformiteitsbeoordeling & accreditatie is per brief van 19 september 2016 aan de Tweede Kamer gestuurd. De rapportage ‘Het gebruik van conformiteitsbeoordeling en accreditatie in het overheidsbeleid’ is de bijlage bij deze brief. Hierin worden drie soorten conformiteitsbeoordeling onderscheiden:– conformiteitsbeoordeling zonder een relatie met regelgeving (hoofdstuk 3 van het rapport),– conformiteitsbeoordeling waarbij in het overheidstoezicht rekening mee gehouden wordt (toezichtsondersteuning, hoofdstuk 4)– conformiteitsbeoordeling opgenomen in regelgeving (hoofdstuk 5)..
-
12.
Lijst met schema’s waarvoor de RvA accreditatie kan verlenen: lijst gepubliceerd op de website van de RvA, zoals bedoeld in RvA-beleidsregel BR010, waarin schema’s zijn opgenomen waarvoor de RvA accreditatie kan verlenen.