Beleidsregel macrobeheersinstrument zintuiglijk gehandicaptenzorg 2024

Grondslag

Gelet op artikel 57, eerste lid, onderdeel d, van de Wet marktordening gezondheidszorg (Wmg), stelt de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) beleidsregels vast met betrekking tot het uitoefenen van de bevoegdheid om een grens vast te stellen op grond van artikel 50, tweede lid van de Wmg.
Gelet op artikel 50, tweede lid, van de Wmg, worden grenzen die uit deze beleidsregel voortvloeien ambtshalve door de NZa vastgesteld.
Gelet op artikel 59, aanhef, en onder c, van de Wmg heeft de Minister van VWS (hierna: de minister) met brief van 14 juli 2014, met kenmerk 642422-123511-MC, ten behoeve van de voorliggende beleidsregel een aanwijzing op grond van artikel 7, eerste lid, onder b, van de Wmg, aan de NZa heeft gegeven.

Besluit:

Artikel

1

Begripsbepalingen

In deze beleidsregel wordt, tenzij anders vermeld, verstaan onder:

Artikel

2

Doel van de beleidsregel

Het doel van deze beleidsregel is om vast te leggen op welke wijze de NZa gebruik maakt van haar bevoegdheid om uitvoering te geven aan de in de aanwijzing van 14 juli 2014, met kenmerk 642422-123511-MC, neergelegde opdracht van de minister om op basis van artikel 50, tweede lid, aanhef en onder c, van de Wmg een instrument te ontwikkelen waarmee met ingang van 2015 het integraal macrobudget voor zintuiglijk gehandicaptenzorg kan worden beheerst.

Artikel

3

Reikwijdte

Deze beleidsregel is van toepassing op zintuiglijk gehandicaptenzorg als omschreven bij of krachtens de Zorgverzekeringswet (Zvw).

Artikel

4

Vaststelling bovengrens

Artikel

5

Onderschrijding van de bovengrens

Indien en nadat de minister aan de NZa heeft meegedeeld dat de in het vorige artikel genoemde landelijke bovengrens niet is overschreden, stelt de NZa voor alle zorgaanbieders in een collectief tariefbesluit de bovengrens per individuele zorgaanbieder vast op het niveau van de door die zorgaanbieder gerealiseerde omzet over het desbetreffende jaar.

Artikel

6

Overschrijding van de bovengrens

Artikel

7

Opbouw individuele omzet

De individuele omzet van een zorgaanbieder, die onder meer noodzakelijk is voor de in artikel 6, derde lid, bedoelde toerekening bestaat uit de omzet van de prestaties zoals omschreven in de Beleidsregel zintuiglijk gehandicaptenzorg, te weten:

  • Zorg in verband met een visuele beperking;

    • V11 K/J Kortdurende behandeling

    • V12 K/J Diagnostiek

    • V13 K/J Verdiepende diagnostiek

    • V14 K/J Uitgebreide behandeling

    • V21 Volwassenen Kortdurende behandeling

    • V22 Volwassenen Diagnostiek

    • V23 Volwassenen Verdiepende diagnostiek

    • V24 Volwassenen Uitgebreide behandeling

    • V31 Verblijf Observatie met verblijf

    • V32 Verblijf Intensieve behandeling met verblijf

    • V41 IVB Intermitterende visuele behandeling

    • V51 VEC Visuele expert consultatie

    • V52 VEC Uitgebreide visuele expert consultatie

  • Zorg in verband met een auditieve beperking en zorg in verband met een communicatieve beperking als gevolg van een taalontwikkelingsstoornis;

    • AC10 Intake en zorgtoewijzing (voor prestaties AC21 t/n AC42)

    • AC21 0–<5 jaar D/SH Behandeling individueel excl. groep

    • AC22 0–<5 jaar D/SH Behandeling individueel incl. groep

    • AC31 0–<5 jaar TOS Behandeling individueel excl. groep

    • AC32 0–<5 jaar TOS Behandeling individueel incl. groep

    • AC33 0–<5 jaar TOS Behandeling individueel zonder groep

    • AC41 >5 jaar Diagnostiek en behandelcoördinatie

    • AC42 >5 jaar Behandeling

  • Reistoeslag zorgverlener.

Bij de omzetbepaling wordt rekening gehouden met een eventuele bijstelling van de omzet om aansluiting te vinden bij de verrekening tussen zorgverzekeraar en zorgaanbieder.

Artikel

8

Informatieverplichting

Artikel

10

Toepasselijkheid voorafgaande beleidsregel, bekendmaking, inwerkingtreding, terugwerkende kracht en citeertitel

Toepasselijkheid voorafgaande beleidsregel

De Beleidsregel macrobeheersinstrument zintuiglijk gehandicaptenzorg 2023 met kenmerk BR/REG-23124, blijft van toepassing op besluiten en aangelegenheden die hun grondslag vinden in die beleidsregel en die betrekking hebben op de periode waarvoor die beleidsregel gold.

Inwerkingtreding/Bekendmaking

Deze beleidsregel treedt in werking met ingang van 1 januari 2024.

Ingevolge artikel 5, aanhef en onder e, van de Bekendmakingswet, zal deze beleidsregel in de Staatscourant worden geplaatst.

De beleidsregel ligt ter inzage bij de NZa en is te raadplegen op www.nza.nl.

Citeertitel

Deze beleidsregel wordt aangehaald als: Beleidsregel macrobeheersinstrument zintuiglijk gehandicaptenzorg 2024.