Artikel
1
(definities)
In dit besluit en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:
-
–
achterban: de natuurlijke personen die handelen voor doeleinden die geen verband houden met hun handels-, bedrijfs-, ambachts- of beroepsactiviteit, tot bescherming van wier collectieve belangen een stichting of vereniging met volledige rechtsbevoegdheid met zetel in Nederland rechtsvorderingen wil instellen in een andere lidstaat van de Europese Unie of een andere staat die partij is bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische ruimte;
-
–
bevoegde instantie: bevoegde instantie als bedoeld in artikel 4, derde lid, van de Richtlijn;
-
–
grensoverschrijdende representatieve vorderingen: een rechtsvordering ter bescherming van een belang als bedoeld in artikel 2, eerste lid, van de Richtlijn die een stichting of vereniging instelt in een andere lidstaat van de Europese Unie of een andere staat die partij is bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische ruimte dan die waarin zij werd aangewezen;
-
–
lijst: de lijst, bedoeld in artikel 5, eerste lid, van de Richtlijn;
-
–
Onze Minister: Onze Minister voor Rechtsbescherming;
-
–
Richtlijn: Richtlijn (EU) 2020/1828 van het Europees Parlement en de Raad van 25 november 2020 betreffende representatieve vorderingen ter bescherming van de collectieve belangen van consumenten en tot intrekking van Richtlijn 2009/22/EG (PbEU 2020, L 409);
- –