Regeling van de Minister voor Langdurige Zorg en Sport van 3 augustus 2023, kenmerk 3638565-1051255-PZo, houdende regels voor het subsidiëren van patiënten- en gehandicaptenorganisaties 2024–2028 (Subsidieregeling pg-organisaties 2024–2028)

Subsidieregeling patiënten- en gehandicaptenorganisaties 2024–2028

De Minister voor Langdurige Zorg en Sport,

Besluit:

Hoofdstuk

1

Algemene bepalingen

Artikel

1.1

Begripsbepalingen

In deze regeling wordt verstaan onder:

  • aandoening: een ziekte, beperking, handicap of psychische kwetsbaarheid zoals beschreven in de ICD dan wel in de DSM;

  • aandoeningsoverstijgend: betrekking hebbend op aspecten van het leven met een aandoening, die voor meerdere aandoeningen tegelijkertijd van toepassing kunnen zijn;

  • backoffice taken: taken die worden verricht ter ondersteuning van de primaire activiteiten van pg-organisaties of federatieve samenwerkingsverbanden;

  • belangenbehartiging: activiteiten van en voor leden van pg-organisaties inzake het behartigen van de belangen van de leden van pg-organisaties;

  • collectieve ervaringsdeskundigheid: een bundeling van inzichten van individuele ervaringskennis van een doelgroep die boven het individuele niveau uitstijgt en wordt verbonden met kennis van de werking van het zorgstelsel of andere domeinen;

  • de-minimisverklaring: verklaring als bedoeld in artikel 6, eerste lid, van de Verordening (EU) nr. 1407/2013 van de Commissie van 18 december 2013 betreffende de toepassing van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie op de-minimissteun (PbEU 2013, L 352/1);

  • doelgroep: een groep mensen met een aandoening, hun naasten of wettelijk vertegenwoordiger wiens belangen worden behartigd door een pg-organisatie;

  • DSM: de meest recente editie van de Diagnostic and Statistical Manual of Mental Disorders;

  • federatief samenwerkingsverband: een vereniging met volledige rechtsbevoegdheid, niet zijnde een landelijke pg-koepel, die zich primair richt op het ondersteunen van ten minste vijf reeds gesubsidieerde pg-organisaties en hun doelgroep;

  • ICD: de meest recente editie van de International Statistical Classification of Diseases and Related Health Problems;

  • Ieder(in): de vereniging Ieder(in);

  • landelijke pg-koepels: MIND, PFN en Ieder(in);

  • lotgenotencontact: georganiseerd contact tussen mensen met een aandoening, hun naasten of wettelijk vertegenwoordigers, gericht op onderlinge ondersteuning en het delen van kennis en ervaringen omtrent het leven met een aandoening;

  • MIND: Vereniging MIND Landelijk Platform Psychische Gezondheid;

  • minister: de Minister voor Langdurige Zorg en Sport;

  • nieuwe toetreder: een pg-organisatie of federatief samenwerkingsverband waaraan de minister geen instellingssubsidie heeft verstrekt in het boekjaar voorafgaand aan het boekjaar waarvoor de instellingssubsidie wordt aangevraagd;

  • PFN: Vereniging Patiëntenfederatie Nederland;

  • pg-organisatie: een stichting of vereniging, niet zijnde een federatief samenwerkingsverband, met volledige rechtsbevoegdheid, die zich primair richt op de belangen van mensen met één of meerdere aandoeningen of daaraan gerelateerde aandoeningsoverstijgende thema’s of op de belangen van hun naasten of wettelijke vertegenwoordigers;

  • reeds gesubsidieerd federatief samenwerkingsverband: een federatief samenwerkingsverband dat in het boekjaar voorafgaand aan het boekjaar waarvoor een instellingssubsidie wordt aangevraagd reeds een instellingssubsidie heeft ontvangen op grond van deze subsidieregeling;

  • reeds gesubsidieerde pg-organisatie: een pg-organisatie die in het boekjaar voorafgaand aan het boekjaar waarvoor een instellingssubsidie wordt aangevraagd reeds een instellingssubsidie heeft ontvangen op grond van deze subsidieregeling of op grond van het Besluit vaststelling beleidskader inzake subsidiëring van patiënten- en gehandicaptenorganisaties 2019–2023;

  • uitbesteden van backoffice taken: het door één of meerdere bij de Kamer van Koophandel geregistreerde externe partijen laten uitvoeren van backoffice taken.

Artikel

1.3

Reikwijdte subsidieregeling

Deze regeling heeft betrekking op het verstrekken van:

  • a.

    instellingssubsidies aan pg-organisaties;

  • b.

    projectsubsidies aan pg-organisaties ten behoeve van het verbeteren van de impact en het bereik van de pg-organisaties;

  • c.

    instellingssubsidies aan federatieve samenwerkingsverbanden; of

  • d.

    een instellingssubsidie aan MIND, PFN en Ieder(in).

Artikel

1.4

Niet-subsidiabele activiteiten

Subsidie wordt niet verstrekt voor activiteiten in het kader van het verrichten van wetenschappelijk onderzoek naar aandoeningen, behandelingen of medische hulpmiddelen.

Artikel

1.5

Subsidiabele kosten

Hoofdstuk

2

Instellingssubsidie voor pg-organisaties

Artikel

2.1

Subsidiabele activiteiten

De minister kan jaarlijks op aanvraag een instellingssubsidie verstrekken aan een pg-organisatie voor de volgende activiteiten:

  • a.

    belangenbehartiging, waaronder het vergaren en inzetten van collectieve ervaringsdeskundigheid;

  • b.

    informatievoorziening voor doelgroepen;

  • c.

    de organisatie van lotgenotencontact; of

  • d.

    het verrichten of uitbesteden van backoffice taken.

Artikel

2.2

Subsidievoorwaarden

Artikel

2.3

Aanvullende voorwaarden nieuwe toetreder

Artikel

2.4

Afbouw reeds gesubsidieerde pg-organisatie

Artikel

2.5

Subsidiebedrag

Artikel

2.6

Subsidieplafond en wijze van verdeling

Artikel

2.7

Aanvraag tot subsidieverlening

Artikel

2.8

Subsidieverplichtingen

Hoofdstuk

3

Projectsubsidie ter verbetering van impact en bereik van pg-organisaties

Artikel

3.1

Subsidiabele activiteiten

Artikel

3.2

Subsidiebedrag

De projectsubsidie, bedoeld in hoofdstuk 3, bedraagt ten hoogste € 124.999 per pg-organisatie.

Artikel

3.3

Subsidieplafond en wijze van verdeling

Artikel

3.4

Aanvraag tot subsidieverlening

Hoofdstuk

4

Instellingssubsidie voor federatieve samenwerkingsverbanden

Artikel

4.1

Activiteiten

De minister kan jaarlijks aan een federatief samenwerkingsverband op aanvraag een instellingssubsidie verstrekken voor ten minste drie van de volgende activiteiten die betrekking hebben op:

  • a.

    aandoeningsoverstijgende belangenbehartiging gericht op de groep aandoeningen die wordt vertegenwoordigd, waaronder het vergaren en inzetten van collectieve ervaringsdeskundigheid;

  • b.

    aandoeningsoverstijgend lotgenotencontact;

  • c.

    aandoeningsoverstijgende informatievoorziening; of

  • d.

    het faciliteren en ondersteunen van de als lid aangesloten pg-organisaties, het bevorderen van inhoudelijke samenwerking of het uitbesteden van backoffice taken ten behoeve van deze pg-organisaties.

Artikel

4.2

Subsidievoorwaarden

Een instellingssubsidie wordt uitsluitend verstrekt aan een federatief samenwerkingsverband dat:

  • a.

    zich blijkens de statuten primair en rechtstreeks richt op het ondersteunen van pg-organisaties en hun doelgroepen;

  • b.

    ten minste vijf reeds gesubsidieerde pg-organisaties als lid heeft, van wie de instellingssubsidie niet wordt afgebouwd op grond van artikel 2.4;

  • c.

    per kalenderjaar ten minste:

    • 1°.

      € 2.000 aan contributie ontvangt per aangesloten reeds gesubsidieerde pg-organisatie; of

    • 2°.

      € 500 aan contributie ontvangt van overige aangesloten organisaties;

  • d.

    gedurende ten minste 12 maanden voorafgaand aan het boekjaar waarop de subsidieaanvraag betrekking heeft, zelfstandig heeft gefunctioneerd zonder subsidie op grond van deze subsidieregeling of het Besluit vaststelling beleidskader inzake subsidiëring van patiënten- en gehandicaptenorganisaties 2019–2023;

  • e.

    geen leden met een winstoogmerk heeft;

  • f.

    een overzicht van aangesloten organisaties heeft;

  • g.

    een gedragscode met interne regels voor omgangsvormen heeft;

  • h.

    een regeling heeft waarin de invloed en zeggenschap van leden, donateurs, stakeholders of derde partijen transparant is vastgelegd en waarin is vastgelegd dat de aangesloten pg-organisaties meer dan de helft van de stemrechten in de algemene ledenvergadering bezitten.

Artikel

4.3

Subsidiebedrag

De instellingssubsidie, bedoeld in hoofdstuk 4, bedraagt € 20.000 per aangesloten en reeds gesubsidieerde pg-organisatie, tot een maximum van € 300.000 per federatief samenwerkingsverband.

Artikel

4.4

Subsidieplafond en wijze van verdeling

Artikel

4.5

Aanvraag tot subsidieverlening

Artikel

4.6

Subsidieverplichtingen

De informatievoorziening voor doelgroepen:

  • a.

    wordt op toegankelijke wijze en kosteloos beschikbaar gesteld voor het algemeen publiek;

  • b.

    is in lijn met de stand van de wetenschap, medische praktijk of collectieve ervaringskennis; en

  • c.

    wordt in ieder geval aangeboden in de Nederlandse taal.

Hoofdstuk

5

Instellingssubsidie voor de drie landelijke pg-koepels

Artikel

5.1

Activiteiten

De minister kan jaarlijks aan de landelijke pg-koepels op aanvraag een instellingssubsidie verstrekken voor activiteiten die betrekking hebben op:

  • a.

    collectieve aandoeningsoverstijgende belangenbehartiging;

  • b.

    aandoeningsoverstijgende informatievoorziening;

  • c.

    bevorderen van de ontwikkeling en inzet van collectieve ervaringsdeskundigheid alsmede het realiseren van een infrastructuur ter ontsluiting daarvan; en

  • d.

    faciliteren van goede samenwerking tussen de landelijke pg-koepels, federatieve samenwerkingsverbanden en pg-organisaties of andere stakeholders, op landelijk en regionaal niveau.

Artikel

5.2

Subsidiebedrag

De instellingssubsidie, bedoeld in hoofdstuk 5, bedraagt jaarlijks voor:

  • a.

    MIND maximaal € 1.866.666,66;

  • b.

    Patiëntenfederatie Nederland maximaal € 2.466.666,66; en

  • c.

    Ieder(in) maximaal € 3.666.666,66.

Artikel

5.3

Aanvraag tot subsidieverlening

Artikel

5.4

Subsidieverplichtingen

De informatievoorziening voor doelgroepen:

  • a.

    wordt op toegankelijke wijze en kosteloos beschikbaar gesteld voor het algemeen publiek;

  • b.

    is in lijn met de stand van de wetenschap, medische praktijk of collectieve ervaringskennis; en

  • c.

    wordt in ieder geval aangeboden in de Nederlandse taal.

Hoofdstuk

6

Slotbepalingen

Artikel

6.2

Hardheidsclausule

De minister kan een of meer bepalingen van deze regeling buiten toepassing laten of daarvan afwijken voor zover toepassing gelet op het belang dat de desbetreffende bepaling beoogt te beschermen, zal leiden tot een onbillijkheid van overwegende aard.

Artikel

6.3

Inwerkingtreding en vervaldatum

Artikel

6.4

Citeertitel

Deze regeling wordt aangehaald als: Subsidieregeling patiënten- en gehandicaptenorganisaties 2024–2028.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De Minister voor Langdurige Zorg en Sport, C. Helder