Beleidsregel beschikbaarheidbijdrage kapitaallasten academische zorg 2024–2043, Nederlandse Zorgautoriteit

Beleidsregel beschikbaarheidbijdrage kapitaallasten academische zorg 2024–2043

Gelet op artikel 57, eerste lid, onderdeel e, van de Wet marktordening gezondheidszorg (Wmg), stelt de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) beleidsregels vast met betrekking tot het uitoefenen van de bevoegdheidtot het toekennen van een beschikbaarheidbijdrage als bedoeld in artikel 56a van de Wmg.
Gelet op artikel 59, onderdeel e, van de Wmg, heeft de Minister van VWS met brief van 10 maart 2020, met kenmerk 1642169-201362-CZ ten behoeve van de voorliggende beleidsregel, een aanwijzing op grond van artikel 7 Wmg aan de NZa gegeven. Deze aanwijzing dateert van 10 maart en heeft als kenmerk 1642169-201362-CZ. Deze aanwijzing is gepubliceerd in de Staatscourant onder nummer 15715.
Op de beschikbaarheidbijdrage is titel 4.2 Algemene wet bestuursrecht (‘subsidies’) van toepassing.

Artikel

1

Reikwijdte

Deze beleidsregel is van toepassing op academische zorg die betrekking heeft op medisch specialistische zorg geleverd door universitaire medische centra en het Antoni van Leeuwenhoek ziekenhuis.

Artikel

2

Doel van de beleidsregel

Doel van deze beleidsregel is het bekostigen van kapitaallasten in verband met academische zorg die betrekking heeft op medisch specialistische zorg.

Artikel

3

Begripsbepalingen

In deze beleidsregel wordt, tenzij anders vermeld, verstaan onder:

  • Besluit: Besluit Beschikbaarheidbijdrage WMG van 24 augustus 2012, Staatsblad 2012, nr. 396.

  • Academische zorg: Hieronder wordt verstaan het uitvoeren van topreferente zorg en innovatieve zorg, en de ontwikkeling van nieuw vormen van diagnostiek en behandeling. De uitgebreide omschrijving van academische zorg is opgenomen in onderdeel B van de bijlage bij het Besluit.

  • DHAZ-convenant: Het tussen de ministeries van VWS, OC&W en de NFU overeengekomen convenant Decentralisatie Huisvesting Academische Ziekenhuizen (DHAZ).

    Op grond van dit convenant, dat geldt sinds 2004, konden en kunnen de universitaire medische centra beschikken over een jaarlijks investeringskader (voor instandhoudinginvesteringen en vervangende nieuwbouw).

  • Beschikbaarheidbijdrage: Een bijdrage als genoemd in artikel 56a Wmg.

  • Minister: De Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport.

Artikel

4

Algemeen

Artikel

5

Hoogte van de beschikbaarheidbijdrage

Artikel

6

Voorwaarden, voorschriften en beperkingen

Artikel

7

Intrekking

Gelijktijdig met inwerkingtreding van deze beleidsregel wordt de beleidsregel ‘Beschikbaarheidbijdrage kapitaallasten academische zorg 2020–2023’, met kenmerk BR/REG-20155, ingetrokken.

Artikel

8

Overgangsbepaling

De beleidsregel ‘Beschikbaarheidbijdrage kapitaallasten academische zorg 2020–2023’ (kenmerk BR/REG-20155) blijft van toepassing op besluiten en aangelegenheden die hun grondslag vinden in die beleidsregel en die betrekking hebben op de periode waarvoor die beleidsregel gold.

Artikel

9

Inwerkingtreding en citeerregel

Deze beleidsregel treedt in werking met ingang 1 januari 2024 en vervalt met ingang van 1 januari 2044.

Ingevolge artikel 5, aanhef en onder e, van de Bekendmakingswet, zal deze beleidsregel in de Staatscourant worden geplaatst.

De beleidsregel ligt ter inzage bij de NZa en is te raadplegen op www.nza.nl

Deze beleidsregel wordt aangehaald als: ‘Beleidsregel beschikbaarheidbijdrage kapitaallasten academische zorg 2024–2043’.