Partijen,
het land Aruba, te dezen vertegenwoordigd door de minister van Onderwijs en Sport, de heer E.J.H. Croes, hierna te noemen: ‘Aruba’,
en
het land Curaçao, te dezen vertegenwoordigd door de minister van Onderwijs, Wetenschap, Cultuur en Sport, de heer S. van Heydoorn, hierna te noemen: ‘Curaçao’,
en
het land Sint Maarten, te dezen vertegenwoordigd door de minister van Onderwijs, Cultuur, Jeugd en Sport, de heer R. Samuel, namens deze de plaatsvervangend Gevolmachtigde Minister, de heer R. Panneflek, hierna te noemen: Sint Maarten,
en
de Staat der Nederlanden, te dezen, vertegenwoordigd door de minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, de heer R.H. Dijkgraaf, hierna te noemen: ‘Nederland’,
hierna gezamenlijk te noemen: ‘de Koninkrijkslanden’.
Overwegende dat:
-
•
de onderwijsministers van de Koninkrijkslanden elkaar periodiek in het Ministerieel Vierlandenoverleg Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW) treffen om gezamenlijke lijnen in de onderwijssamenwerking te bepalen en uit te zetten, en de daarover gemaakte afspraken te monitoren;
-
•
de Koninkrijkslanden in het Ministerieel Vierlandenoverleg OCW hebben bekrachtigd, zich meerjarig in te zetten voor een stabiele en toekomstbestendige structuur voor de organisatie van het gezamenlijke programma voor Strategic Education Alliance (hierna: SEA) en daartoe het ‘implementatieplan SEA’ hebben vastgesteld;
-
•
uit onderzoeken, onder andere van de Nationale ombudsman, blijkt, dat er breedgedragen behoefte is aan verbetering van de overgang tussen het voortgezet onderwijs en het hoger onderwijs van het Caribisch deel van het Koninkrijk, naar Nederland.
Komen het volgende overeen: