Besluit van 7 december 2023, IENW/BSK-2023/355923 tot vaststelling van de Beleidsregel nadeelcompensatie Infrastructuur en Waterstaat 2024 (Beleidsregel nadeelcompensatie Infrastructuur en Waterstaat 2024)

Beleidsregel nadeelcompensatie Infrastructuur en Waterstaat 2024

De Minister van Infrastructuur en Waterstaat,

Besluit:

Hoofdstuk

1

Algemene bepalingen

Artikel

1

Begripsbepalingen en toepassingsbereik

Hoofdstuk

2

Procedurebepalingen

Artikel

2

Aanvraag

Artikel

3

Heffen recht

(gereserveerd)

Artikel

4

Normaal maatschappelijk risico

Artikel

5

De adviescommissie

Artikel

6

Het door de adviescommissie te verrichten onderzoek

Artikel

7

Bevoegdheden en verplichtingen informatie adviescommissie

Artikel

8

Procedure adviescommissie

Hoofdstuk

3

Slotbepalingen

Artikel

9

Voorschot

Artikel

11

Inwerkingtreding

Dit besluit treedt in werking met ingang van 1 januari 2024.

Artikel

12

Citeertitel

Deze beleidsregel wordt aangehaald als: Beleidsregel nadeelcompensatie Infrastructuur en Waterstaat 2024.

Dit besluit zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De Minister van Infrastructuur en Waterstaat, M.G.J. Harbers

Bijlage

als bedoeld in artikel 4, tweede lid, van de beleidsregel

Normaal maatschappelijk risico voor ondernemingen bij tijdelijke infrastructurele maatregelen

Artikel

1

Begripsomschrijvingen

In deze bijlage wordt verstaan onder:

  • infrastructurele maatregel: maatregel die verband houdt met de aanleg, de wijziging, het beheer en het onderhoud van waterstaatswerken, autowegen, autosnelwegen en vaarwegen in beheer bij het Rijk of de aanleg en wijziging van hoofdspoorwegen. Met inbegrip van de daarin gelegen kunstwerken en wat verder naar zijn aard daartoe behoort;

  • normale infrastructurele maatregel: infrastructurele maatregel die als een normale maatschappelijke ontwikkeling kan worden gezien;

  • normbrutowinstmarge: omzet minus de inkoopwaarde van de afzet op jaarbasis, uitgedrukt in een percentage van de omzet, dat naar redelijke verwachting behaald zou zijn, als de schadeveroorzakende gebeurtenis niet had plaatsgevonden;

  • normkosten: kosten op jaarbasis die naar redelijke verwachting gemaakt zouden zijn, als de schadeveroorzakende gebeurtenis niet had plaatsgevonden;

  • normomzet: omzet op jaarbasis die naar redelijke verwachting behaald zou zijn, als de schadeveroorzakende gebeurtenis niet had plaatsgevonden.

Artikel

2

Normaal maatschappelijk risico voor ondernemingen

Bij schade door infrastructurele maatregelen valt in ieder geval onder het normaal maatschappelijk risico, bedoeld in artikel 4:126, eerste lid, van de wet:

  • a.

    schade ten gevolge van een omzetdaling van maximaal 2% van de normomzet van een onderneming; dan wel

  • b.

    schade ten gevolge van een kostenstijging van maximaal 2% van de normkosten van een onderneming.

Artikel

3

Normaal maatschappelijk risico en tijdelijke omzetdaling door normale infrastructurele maatregelen

  • 1.

    Schade ten gevolge van een normale infrastructurele maatregel valt in ieder geval binnen het normaal maatschappelijk risico, bedoeld in artikel 4:126, eerste lid, van de wet, indien de schade het gevolg is van een tijdelijke omzetdaling die niet uitgaat boven de omzetdrempel, bedoeld in het tweede lid.

  • 2.

    De omzetdrempel is het bedrag van de normomzet vermenigvuldigd met het drempelpercentage omzetdaling. Het drempelpercentage omzetdaling bedraagt al naar gelang de hoogte van de normbrutowinstmarge van de onderneming van de aanvrager als volgt:

    0-36%

    13%

    36-65%

    11%

    65-100%

    8%

  • 3.

    Indien de omzetdaling de omzetdrempel, bedoeld in het tweede lid, overstijgt, wordt een forfait vastgesteld dat uitdrukking geeft aan het schadebedrag dat binnen het normaal maatschappelijk risico valt volgens de formule:

    forfait = (normomzet x normbrutowinstmarge) x n, waarin ‘n’ al naar gelang de hoogte van de normbrutowinstmarge van de onderneming van de aanvrager als volgt bedraagt:

    0-36%

    13%

    36-65%

    11%

    65-100%

    8%

Artikel

4

Normaal maatschappelijk risico en tijdelijke kostenverhoging door normale infrastructurele maatregelen

  • 1.

    Schade ten gevolge van een normale infrastructurele maatregel valt in ieder geval binnen het normaal maatschappelijk risico, bedoeld in artikel 4:126, eerste lid, van de wet, indien de schade het gevolg is van een tijdelijke kostenverhoging die niet uitgaat boven de kostendrempel, bedoeld in het tweede lid.

  • 2.

    De kostendrempel is het bedrag van de normkosten vermenigvuldigd met het drempelpercentage kostenverhoging. Het drempelpercentage kostenverhoging bedraagt al naar gelang de hoogte van de normbrutowinstmarge van de onderneming van de aanvrager als volgt:

    0-36%

    4%

    36-65%

    6%

    65-100%

    8%

  • 3.

    Indien de kostenverhoging de kostendrempel, bedoeld in het tweede lid, overstijgt, wordt een forfait vastgesteld dat uitdrukking geeft aan het schadebedrag dat binnen het normaal maatschappelijk risico valt volgens de formule:

    forfait = (normomzet x normbrutowinstmarge) x n, waarin ‘n’ al naar gelang de hoogte van de normbrutowinstmarge van de onderneming van de aanvrager als volgt bedraagt:

    0-36%

    13%

    36-65%

    11%

    65-100%

    8%

  • 4.

    In afwijking van artikel 1 wordt voor de toepassing van dit artikel onder normbrutowinstmarge verstaan: de omzet minus de som van de inkoopwaarde van de afzet plus de overige variabele kosten op jaarbasis, uitgedrukt in een percentage van de omzet, dat naar redelijke verwachting behaald zou zijn, als de schadeveroorzakende gebeurtenis niet had plaatsgevonden.

Artikel

5

Normaal maatschappelijk risico en tijdelijke omzetdaling of tijdelijke kostenverhoging door niet-normale infrastructurele maatregelen

Als de schade bedoeld in artikel 4:126 van de wet ten gevolge van een niet-normale infrastructurele maatregel het bedrag, bedoeld in artikel 2, onderdelen a en b, overstijgt, kan door de Minister ter bepaling van het normaal maatschappelijk risico een kortingspercentage worden gehanteerd ten aanzien van het deel van de schade dat dat bedrag overstijgt.

Artikel

6

Langdurige tijdelijke schade

  • 1.

    Als sprake is van langdurige schade als gevolg van een tijdelijke infrastructurele maatregel worden met ingang van het derde jaar waarin de schade wordt geleden door de Minister een lager drempelpercentage en een lager percentage ‘n’ dan genoemd in de artikelen 3 en 4 gehanteerd.

  • 2.

    Voor niet-normale infrastructurele maatregelen wordt met ingang van het derde jaar waarin schade wordt geleden door de Minister een lager percentage dan genoemd in artikel 2, onderdelen a en b, gehanteerd.