Regeling van de Staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties van 15 februari 2024, houdende regels voor de toekenning van een specifieke uitkering aan gemeenten en provincies ten behoeve van innovatie in de digitale dienstverlening (Regeling specifieke uitkering verbetering digitale dienstverlening)

Regeling specifieke uitkering verbetering digitale dienstverlening

De Staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties,

Besluit:

Artikel

1

Begripsbepalingen

In deze regeling wordt verstaan onder:

  • hoofdaanvrager: gemeente of provincie die mede namens een of meer andere publiekrechtelijke rechtspersonen een aanvraag indient;

  • minister: Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties;

  • ministerie: Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties.

Artikel

2

Specifieke uitkering

Artikel

3

Uitkeringsplafond

Het uitkeringsplafond bedraagt voor het jaar 2024 € 4.000.000. Voor de daaropvolgende jaren stelt de minister het bedrag vast tot ten hoogste het bedrag dat uit de begroting van het ministerie blijkt.

Artikel

4

Aanvraag

Artikel

5

Beoordeling aanvragen

Artikel

6

Selectiecommissie

Artikel

7

Werkwijze selectiecommissie

Artikel

8

Besluit tot verlening

Artikel

9

Besluit tot weigering

De aanvraag om een uitkering wordt afgewezen, indien:

  • a.

    de aanvraag niet mede namens een of meer andere overheidsorganisaties is ingediend;

  • b.

    de activiteit waarvoor een uitkering wordt aangevraagd geen activiteit als bedoeld in artikel 2 is;

  • c.

    de minister het onaannemelijk acht dat de activiteit binnen een jaar kan worden voltooid;

  • d.

    aannemelijk is dat de activiteiten ook zonder specifieke uitkering zonder belangrijke vertraging zouden worden uitgevoerd;

  • e.

    de aanvraag onvoldoende informatie bevat om deze te beoordelen; of

  • f.

    door verlening van de uitkering het uitkeringsplafond zou worden overschreden.

Artikel

10

Voorschot

De minister verstrekt de hoofdaanvrager een voorschot van 80% van de specifieke uitkering.

Artikel

11

Coördinatie

De hoofdaanvrager coördineert:

  • a.

    de uitvoering van het plan van aanpak, waaronder de verdeling van middelen en de rapportage aan de minister over de voortgang van de uitvoering van de activiteiten en de besteding van middelen;

  • b.

    de verantwoording van de besteding van de specifieke uitkering met het oog op de vaststelling; en

  • c.

    de evaluatie van de effectiviteit van de besteding van de gelden, bedoeld in artikel 17.

Artikel

12

Verplichtingen ontvanger

Artikel

13

Informatieplicht

De hoofdaanvrager doet zo spoedig mogelijk schriftelijk mededeling aan de minister van omstandigheden die van belang kunnen zijn voor een beslissing tot wijziging of intrekking van een specifieke uitkering. Daarbij worden de relevante stukken overgelegd.

Artikel

14

Vaststelling

Artikel

15

Ambtshalve vaststelling

In afwijking van artikel 14, derde lid, kan de minister een uitkering geheel of gedeeltelijk ambtshalve vaststellen, indien de beschikking tot verlening van de uitkering of tot vaststelling van de uitkering wordt ingetrokken of ten nadele van de gemeente of provincie waaraan de uitkering is verleend, wordt gewijzigd.

Artikel

16

Onverschuldigde betaling

De minister kan onverschuldigd uitgekeerde bedragen terugvorderen.

Artikel

17

Evaluatie

Artikel

18

Inwerkingtreding

Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte in de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst en werkt terug tot en met 1 januari 2024.

Artikel

19

Citeertitel

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling specifieke uitkering verbetering digitale dienstverlening.

De regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De Staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, A.C. van Huffelen