Regeling van de Minister van Infrastructuur en Waterstaat, van 25 april 2024, nr. IENW/BSK-2024/125958, houdende vaststelling van regels ter uitvoering van de Wet vrachtwagenheffing (Regeling vrachtwagenheffing)

Regeling vrachtwagenheffing

De Minister van Infrastructuur en Waterstaat,

BESLUIT:

Artikel

1

(begripsbepalingen)

Voor de toepassing van deze regeling wordt verstaan onder:

Artikel

2

(begin en einde wegvakken)

Artikel

3

(termijn bij niet naar behoren werkende en ontvreemde boordapparatuur)

De termijn, bedoeld in artikel 4, derde lid, van de wet, waarbinnen een houder niet behoeft te voldoen aan de verplichtingen, bedoeld in artikel 4, tweede lid, van de wet, is 3 uur.

Artikel

4

(termijn sluiten dienstverleningsovereenkomst indien dienstaanbieder zijn diensten niet meer levert)

De termijn, bedoeld in artikel 4, vierde lid, van de wet, waarbinnen een houder in de gelegenheid wordt gesteld een dienstverleningsovereenkomst te sluiten met een andere dienstaanbieder, is 72 uur vanaf het moment dat de houder kennis heeft genomen of redelijkerwijze kennis had kunnen nemen van het feit dat de dienstaanbieder waarmee hij een overeenkomst had gesloten ten behoeve van het voldoen van de vrachtwagenheffing, zijn diensten niet meer levert.

Artikel

5

(tabellen bedragen vrachtwagenheffing)

Artikel

5a

Ingangsdatum vrachtwagenheffing

De vrachtwagenheffing wordt geheven met ingang van 1 juli 2026.

Artikel

7

(citeertitel)

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling vrachtwagenheffing.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De Minister van Infrastructuur en Waterstaat, M.G.J. Harbers