Beleidsregel verloskunde

Gelet op artikel 57, eerste lid, onderdelen b en c, van de Wet marktordening gezondheidszorg (Wmg), stelt de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) beleidsregels vast met betrekking tot het uitoefenen van de bevoegdheid om tarieven en prestatiebeschrijvingen vast te stellen.
Gelet op artikel 52 aanhef en onderdeel e Wmg, worden tarieven die uit de voorliggende beleidsregel voortvloeien ambtshalve vastgesteld door de NZa.
Gelet op artikel 59 aanhef en onderdeel b Wmg heeft de Minister van VWS met brieven van 21 juli 2011, kenmerk MC-U-3073018, en van 16 december 2011, kenmerk MC-U-3093364, ten behoeve van de voorliggende beleidsregel aanwijzingen op grond van artikel 7 Wmg aan de NZa gegeven.

Artikel

1

Begripsbepalingen

Artikel

2

Doel van de beleidsregel

Het doel van deze beleidsregel is om vast te leggen op welke wijze de NZa gebruik maakt van haar bevoegdheid om tarieven en prestatiebeschrijvingen vast te stellen op het gebied van geneeskundige zorg, zoals verloskundigen en huisartsen die bieden.

Artikel

3

Reikwijdte

Deze beleidsregel is van toepassing op geneeskundige zorg, zoals verloskundigen en huisartsen die bieden, als omschreven bij of krachtens de Zorgverzekeringswet (Zvw).

Voor zover geen sprake is van zorg als omschreven in vorige zin, is deze beleidsregel van toepassing op handelingen1Het betreft hier de handelingen bedoeld in artikel 1 lid 1 onderdeel b, onder 2° Wmg. of werkzaamheden2Het betreft hier de werkzaamheden bedoeld in artikel 2, eerste lid, onderdeel c, van het Besluit uitbreiding en beperking werkingssfeer Wmg op het terrein van de geneeskundige zorg, zoals verloskundigen en huisartsen die bieden, uitgevoerd door of onder verantwoordelijkheid van personen, ingeschreven in een register als bedoeld in artikel 3, van de Wet op de beroepen in de individuele gezondheidszorg (Wet BIG) of door personen als bedoeld in artikel 34 Wet BIG.

Artikel

4

Prestaties

In het kader van deze beleidsregel worden de volgende prestaties als basis verloskundige zorg onderscheiden:

  • volledige verloskundige zorg;

  • volledige prenatale zorg;

  • volledige natale zorg;

  • volledige postnatale zorg;

  • prenatale zorg bij miskraam of verwijzing van de cliënt naar het ziekenhuis/de medisch specialistische zorg;

  • prenatale zorg bij overdracht van de cliënt aan andere zorgaanbieder tijdens de zwangerschap.

Daarnaast worden in deze beleidsregel ook de overige (aanvullende) verloskundige zorgprestaties onderscheiden:

  • termijnecho om vast te stellen hoe lang iemand zwanger is;

  • specifieke diagnose echo;

  • echo ter controle van de ligging van een IUD (spiraaltje);

  • het van buitenaf draaien van het ongeboren kind van stuitligging naar hoofdligging;

  • consult voor vrouw met kinderwens of anticonceptievraag;

  • IUD (spiraaltje) of etonogestrel implantatiestaafje aanbrengen/implanteren of verwijderen;

  • Cardiotocogram (ctg) bij minder leven, naderende serotiniteit en het van buitenaf draaien van het ongeboren kind van stuitligging naar hoofdligging.

De navolgende toeslagen kunnen in rekening worden gebracht:

  • toeslag opslagwijken;

  • toeslag Regeling Medische zorg Asielzoekers (RMA) in centrale opvang;

  • toeslag structureel verminderde beschikbaarheid of bereikbaarheid van de tweede lijn;

  • toeslag 1e lijns geboortecentrum;

  • toeslag 1e lijns geboortecentrum met beschikbaarheid lachgas;

  • toeslag integrale geboortezorg;

  • tijdelijke toeslag inzet tolk per 15 minuten;

  • tijdelijke toeslag interactieve prenatale groepszorg.

Tenslotte wordt in deze beleidsregel de prestatie onderlinge dienstverlening onderscheiden.

Artikel

5

Onderdelen ter vaststelling van de tariefopbouw

In dit artikel worden de onderdelen voor de vaststelling van de tariefopbouw weergegeven.

  • 1.

    Basis verloskundige zorgprestaties

    • a.

      Arbeidskostencomponent

      De arbeidskostencomponent van het tarief bedraagt € 144.668 (definitief niveau 2024).

    • b.

      Praktijkkostenbestanddeel

      Het praktijkkostenbestanddeel van het tarief bedraagt € 74.294 (definitief niveau 2024). Het praktijkkostenbestanddeel is opgebouwd uit de volgende elementen:

      • personeelskosten € 34.559

      • overige kosten € 39.734

    • c.

      Rekennorm

      De rekennorm bedraagt 106,6 zorgeenheden per jaar.

  • 2.

    Overige (aanvullende) verloskundige zorgprestaties

    • a.

      Termijnecho om vast te stellen hoe lang iemand zwanger is/specifieke diagnose echo/echo ter controle van de ligging van een IUD (spiraaltje)

      Het rekeninkomen bedraagt € 2.987 (definitief niveau 2024). In de berekening van het rekeninkomen voor de echo wordt uitgegaan van het inkomensbestanddeel van het maximumtarief per bevalling. Dit zijn 261 werkbare dagen van 8 uur, 15 minuten meerwerk van de verloskundige per echo en 172 echo's per verloskundige (143 eerste echo's en 29 tweede en volgende echo's).

      De rekenkosten bedragen € 5.606 (definitief niveau 2024). In de berekening van de rekenkosten voor de echo (investeringskosten en de materiaalkosten) is uitgegaan van één echoapparaat per 2,5 verloskundigen.

      De rekennorm bedraagt 143 abonnementen per jaar.

    • b.

      Het van buitenaf draaien van het ongeboren kind van stuitligging naar hoofdligging

      De arbeidskostencomponent van het tarief bedraagt € 144.668 (definitief niveau 2024).

      Het praktijkkostenbestanddeel van het tarief bedraagt € 74.294 (definitief niveau 2024). Het praktijkkostenbestanddeel is opgebouwd uit de volgende elementen:

      • personeelskosten € 34.559

      • overige kosten € 39.734

      De rekennorm bedraagt 1.540 werkbare uren.

    • c.

      Cardiotocogram (ctg) bij minder leven, naderende serotiniteit en het van buitenaf draaien van het ongeboren kind van stuitligging naar hoofdligging.

      De arbeidskostencomponent van het tarief bedraagt 14,32% van de arbeidskostencomponent zoals bedoeld in artikel 5.1.a.

      Het praktijkkostenbestanddeel van het tarief bedraagt € 50.571 (definitief niveau 2024). Het praktijkkostenbestanddeel is opgebouwd uit de volgende elementen:

      • personeelskosten: € 5.073

      • overige kosten: € 45.498

      De rekennorm bedraagt 250 ctg’s per jaar.

  • 3.

    Indexatie van inkomens- en praktijkkostenbestanddeel ter vaststelling van de tariefopbouw

    Jaarlijks vindt een aanpassing (indexering) van zowel het inkomens- als het praktijkkostenbestanddeel plaats. De wijze van indexeren is geregeld in de Beleidsregel indexering.

Artikel

6

Totstandkoming (maximum)tarieven

Artikel

7

Intrekken oude beleidsregel

Gelijktijdig met de inwerkingtreding van deze beleidsregel wordt de Beleidsregel verloskunde, met kenmerk BR/REG-24109, ingetrokken.

Artikel

8

Toepasselijkheid voorafgaande beleidsregel

De Beleidsregel verloskunde met kenmerk BR/REG-24109 blijft van toepassing op besluiten en aangelegenheden die hun grondslag vinden in die beleidsregel en die betrekking hebben op de periode waarvoor die beleidsregel gold.

Artikel

10

Citeertitel

Deze beleidsregel wordt aangehaald als: Beleidsregel verloskunde.