Onder verwijzing naar artikel 58 van de Wmg, is in de voorliggende beleidsregel een experiment opgenomen. De daartoe vereiste aanwijzing van 17 juli 2023 met kenmerk 3613517-1050013-PZO, bedoeld in artikel 59, aanhef en onder f, van de Wmg, is door de Minister voor Langdurige Zorg met brief van 17 juli 2023, met kenmerk 3613517-10500013-PZo, aan de NZa gegeven. Deze aanwijzing is gepubliceerd in de Staatscourant onder nummer 2023,20725, d.d. 25 juli 2023.
Artikel
1
Begripsbepalingen
In deze beleidsregel wordt, tenzij anders vermeld, verstaan onder:
dag: een dag betreft een kalenderdag.
declaratie: het in rekening brengen van de verrichte prestatie(s) door de zorgaanbieder aan de cliënt of de zorgverzekeraar.
kwartaal: een kwartaal betreft de periode januari t/m maart, april t/m juni, juli t/m september of oktober t/m december.
Het doel van deze beleidsregel is zorgaanbieders en zorgverzekeraars de mogelijkheid te bieden een experiment aan te gaan waarbij kan worden afgeweken van de reguliere bekostiging van verpleging en verzorging.
Artikel
3
Reikwijdte
Deze beleidsregel is van toepassing op verpleging en verzorging zoals omschreven in artikel 1 van deze beleidsregel.
Artikel
4
Prestatiebeschrijvingen experiment
Het experiment kent de volgende prestatiebeschrijvingen:
a.
Verpleging en verzorging, integraal uurtarief;
b.
Verpleging en verzorging, integraal dagtarief;
c.
Verpleging en verzorging, integraal weektarief;
d.
Verpleging en verzorging, integraal maandtarief;
e.
Verpleging en verzorging, integraal kwartaaltarief;
Een prestatiebeschrijving kan alleen in rekening worden gebracht als hiervoor een schriftelijke overeenkomst is gesloten tussen de zorgaanbieder en zorgverzekeraar van de cliënt.
3
Dubbele bekostiging
Dubbele bekostiging van dezelfde zorg voor dezelfde cliënt op hetzelfde moment is niet toegestaan. Dat betekent onder meer dat de zorg die gedeclareerd wordt door middel van een prestatiebeschrijving binnen het experiment:
–
niet nogmaals mag worden gedeclareerd;
–
niet ook nog mag worden gedeclareerd door middel van een prestatiebeschrijving binnen de reguliere bekostiging (Beleidsregel verpleging en verzorging).
4
Individueel toewijsbare verpleging en verzorging
Het experiment mag alleen individueel toewijsbare verpleging en verzorging omvatten.
5
Geen nadeliger positie cliënten
Cliënten aan wie zorg wordt verleend in het kader van verpleging en verzorging, komen door dit experiment niet in een nadeliger positie te verkeren, dan wanneer het experiment niet zou plaatsvinden.
Artikel
6
Start en einde van het experiment
1
Het experiment is gestart op 1 januari 2024, en is, na een gewijzigde aanwijzing (zie artikel 10), gewijzigd. De looptijd van het experiment blijft ongewijzigd.
2
In ieder geval eindigt het experiment vijf jaar na de start daarvan, overeenkomstig artikel 58, vijfde lid, van de Wmg. Als partijen bij het experiment een eerdere datum overeenkomen, eindigt hun experiment op de overeengekomen datum.
3
De NZa kan besluiten de gevolgen van het experiment geheel of gedeeltelijk in stand te laten tot het einde van het boekjaar volgend op het boekjaar waarin het experiment is geëindigd. In de Beleidsregel tijdelijke instandlating gevolgen experimenten staat vermeld aan welke voorwaarden experimenten moeten voldoen om in aanmerking te komen voor instandlating van de gevolgen.
Naast het evalueren van het experiment zal de NZa expliciet de risico's op administratieve lasten, onderbehandeling, risicoselectie en upcoding monitoren alsmede de uitgaven van verpleging en verzorging. Hiervan zal ook monitoring van het hanteren van vrije tarieven in combinatie met een contractvereiste onderdeel uitmaken.
3
De NZa werkt samen met het veld uit hoe de evaluatie en monitoring van het gewijzigde experiment vormgegeven zal worden. Onderdeel daarvan is in ieder geval de voortgang van het onderzoek naar de mogelijkheden om het experiment om te zetten in reguliere bekostiging.
De beleidsregel ligt ter inzage bij de NZa en is te raadplegen op www.nza.nl.
Citeertitel
Deze beleidsregel wordt aangehaald als: Beleidsregel experiment integrale prestaties verpleging en verzorging.
Artikel
10
Voorbehoud
Deze beleidsregel wordt door de NZa vastgesteld onder voorbehoud van het ontvangen van een gewijzigde aanwijzing van de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (of diens rechtsopvolger) inzake het experiment integrale prestaties verpleging en verzorging. Overeenkomstig de voorhangbrief van de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport aan de Eerste en Tweede Kamer betreffende ‘Voorhangbrief wijziging experiment bekostiging’ van 1 juli 2024 met kenmerk 3875196-1068358-PZo en op grond van artikel 8 van de Wmg zal tot het geven van een aanwijzing niet eerder worden overgegaan dan nadat dertig dagen zijn verstreken na verzending van deze brief.
Indien de aanwijzing afwijkt van hetgeen in deze beleidsregel is vastgelegd, zal de NZa een gewijzigde beleidsregel vaststellen die de onderhavige beleidsregel zal vervangen. Indien de NZa geen gewijzigde beleidsregel heeft vastgesteld die de onderhavige beleidsregel vervangt, dan treedt de onderhavige beleidsregel in werking met ingang van 1 januari 2025.