Besluit van 11 oktober 2024 nr. 2024002244, houdende aanwijzing tot ‘verboden plaatsen’

Besluit aanwijzing tot ‘verboden plaatsen’

Wij Willem-Alexander, bij de Gratie Gods, Koning der Nederlanden, Prins van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.
Op de voordracht van Onze Minister-President, Minister van Algemene Zaken, van 4 oktober 2024, nr. 4420506;

HEBBEN GOEDGEVONDEN EN VERSTAAN:

Artikel

1

Als ‘verboden plaats’ in de zin van artikel 1 van de Wet bescherming staatsgeheimen wordt met ingang van 1 november 2024 aangewezen:

  • a.

    de ruimten op de achtste, twaalfde en dertiende etage van de zuidtoren van het gebouw Turfmarkt 147 te ’s-Gravenhage;

  • b.

    de ruimte Z04-423a in de zuidtoren van het gebouw Turfmarkt 147 te ’s-Gravenhage;

  • c.

    de ruimte Z07-418 in de zuidtoren van het gebouw Turfmarkt 147 te ’s-Gravenhage;

  • d.

    het datacenter in het gebouw Buitenhof 34 te ’s-Gravenhage;

  • e.

    het Catshuis, Adriaan Goekooplaan 10 te ’s-Gravenhage;

  • f.

    de ruimten in gebruik bij de Toetsingscommissie Inzet bevoegdheden (TIB) in het gebouw van de Nationale Politie, Nieuwe Uitleg 1 te ‘s-Gravenhage;

  • g.

    de ruimten in gebruik bij de Commissie van Toezicht op de Inlichtingen- en Veiligheidsdiensten (CTIVD) in het gebouw van de Raad van State, Kneuterdijk 22 te ’s-Gravenhage.

Artikel

2

De krachtens artikel 1 aangewezen ‘verboden plaatsen’ worden als zodanig aangegeven op de deuren toegang gevende tot de in artikel 1 genoemde ruimten, vermeldende: ‘Verboden toegang voor onbevoegden – Verboden plaats ingevolge de Wet bescherming staatsgeheimen’.

Onze Minister-President, Minister van Algemene Zaken, is belast met de uitvoering van dit besluit.

’s-Gravenhage
Wilem-Alexander
De Minister-President, Minister van Algemene Zaken, H.W.M. Schoof