Besluit van 22 april 2025, houdende vaststelling van regels over afwijkend gebruik van frequentieruimte (Besluit afwijkend gebruik frequentieruimte)

Besluit afwijkend gebruik frequentieruimte

Wij Willem-Alexander, bij de gratie Gods, Koning der Nederlanden, Prins van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.
Op de voordracht van Onze Minister van Economische Zaken en Klimaat van 30 november 2022, nr. WJZ / 22518489;
De Afdeling advisering van de Raad van State gehoord (advies van 25 januari 2023, nr. W18.22.00184/IV);
Gezien het nader rapport van Onze Minister van Economische Zaken van 17 april 2025, nr. WJZ / 98210353;

Hebben goedgevonden en verstaan:

Hoofdstuk

1

Algemene bepalingen

Artikel

1.1

Begripsbepalingen

Artikel

1.2

Reikwijdte

Afwijkend gebruik van frequentieruimte ter bestrijding van onbemande mobiele objecten is toegestaan:

Artikel

1.3

Eisen aan apparatuur

Artikel

1.4

Bevoegdheid tot gebruik apparatuur

Hoofdstuk

2

Eisen aan afwijkend gebruik ter bestrijding van onbemande mobiele objecten

Artikel

2.1

Voorwaarden voor bestrijding door afwijkend gebruik

Afwijkend gebruik van frequentieruimte in een bepaalde frequentieband ter bestrijding van onbemande mobiele objecten geschiedt uitsluitend:

  • a.

    nadat een onbemand mobiel object is waargenomen;

  • b.

    indien er sprake is van een ernstige, acute en herkenbare dreiging van de veiligheid, en

  • c.

    indien er geen andere, minder ingrijpende toereikende middelen zijn om de dreiging te stoppen.

Artikel

2.2

Doelmatig afwijkend gebruik van frequentieruimte

Artikel

2.3

Bevoegdheid tot inzet en impactanalyse

Hoofdstuk

3

Slotbepalingen

Artikel

3.1

Citeertitel

Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit afwijkend gebruik frequentieruimte.

Artikel

3.2

Inwerkingtreding

Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin het wordt geplaatst.

Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.

’s-Gravenhage
Willem-Alexander
De Minister van Economische Zaken, D.S. Beljaarts
De Minister van Justitie en Veiligheid, D.M. van Weel