1
De inspecteur-generaal der mijnen wordt aangewezen als bevoegde instantie als bedoeld in de artikelen 12, 14 tot en met 17 van de methaanverordening, voor zover het methaanemissies betreft van:
-
a.
de exploratie en productie van olie en gas;
-
b.
het winnen en verwerken van gas;
-
c.
de ondergrondse opslag van gas;
-
d.
een transmissiesysteem voor gas;
-
e.
een distributiesysteem voor gas;
-
f.
een interconnectorsysteem voor gas; en
-
g.
een gesloten systeem voor gas.
2
De Omgevingsdienst Groningen en DCMR Milieudienst Rijnmond worden aangewezen als bevoegde instantie als bedoeld in de artikelen 12, 14 tot en met 17 van de methaanverordening, voor zover het methaanemissies betreft van LNG-installaties.
3
De aanwijzing bedoeld in het eerste en tweede lid geldt uitsluitend voor handelingen ter uitvoering van de artikelen 5, tweede en vierde lid, 10, 12, met uitzondering van het zesde lid, laatste alinea, 14, eerste lid, eerste tot en met derde alinea, negende lid, tweede alinea, tiende lid, tweede alinea, eerste zin, elfde lid, veertiende lid, eerste alinea, 15, vierde, zesde en achtste lid, met uitzondering van laatste zin, en 16, van de methaanverordening.