Wet van 18 juni 2025, houdende regels omtrent de instelling van het Adviescollege toetsing regeldruk (Instellingswet Adviescollege toetsing regeldruk)

Instellingswet Adviescollege toetsing regeldruk

Wij Willem-Alexander, bij de gratie Gods, Koning der Nederlanden, Prins van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.
Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:
Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het wenselijk is om een onafhankelijk adviescollege in te stellen dat voorgenomen regelgeving toetst op de regeldrukeffecten en daarover adviseert en dat het in verband met artikel 79 van de Grondwet noodzakelijk is daartoe wettelijke bepalingen vast te stellen;

Zo is het, dat Wij, de Afdeling advisering van de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

Hoofdstuk

1

Begripsbepalingen

Artikel

1

Begripsbepalingen

In deze wet en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:

  • adviescollege: Adviescollege toetsing regeldruk, bedoeld in artikel 2;

  • ervaren regeldruk: niet-kwantificeerbare regeldruk die voortvloeit uit de werkbaarheid van wet- en regelgeving in de praktijk, de samenhang of opeenstapeling van toepasselijke wet- en regelgeving, alsmede de mate waarin die wet- en regelgeving naar verwachting van degenen voor wie de wet- of regelgeving gaat gelden het beoogde doel zal bereiken in relatie tot de verplichtingen en de baten of toegevoegde waarde, waaronder het ervaren nut, van die wet- of regelgeving;

  • ontwerp van een EU-wetgevingshandeling: ontwerp van een wetgevingshandeling als bedoeld in artikel 2 van Protocol 1 bij het Verdrag betreffende de Europese Unie en het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie;

  • Onze Minister: Onze Minister van Economische Zaken en Klimaat;

  • regeldrukeffecten: investeringen en inspanningen die bedrijven, instellingen zonder winstoogmerk, burgers, vrijwilligers, en beroepsbeoefenaren in onder meer de sectoren zorg, onderwijs, veiligheid en sociale zekerheid, moeten doen respectievelijk verrichten om zich aan wet- en regelgeving te houden, bestaande uit regeldrukkosten en ervaren regeldruk;

  • regeldrukkosten: kosten die voortvloeien uit informatieverplichtingen en inhoudelijke verplichtingen, waaronder aan toezicht gerelateerde verplichtingen, op basis van wet- en regelgeving.

Hoofdstuk

2

Adviescollege toetsing regeldruk

Artikel

2

Instelling

Er is een Adviescollege toetsing regeldruk.

Artikel

3

Kerntaken

Artikel

4

Overige bevoegdheden

Tenzij hierdoor afbreuk wordt gedaan aan de uitvoering van de kerntaken, genoemd in artikel 3, kan het adviescollege tevens:

  • a.

    de regering adviseren over knelpunten door regeldrukeffecten van bestaande regelgeving en van beleidsregels die zijn opgesteld door uitvoeringsorganisaties of toezichthouders, naar aanleiding van signalen uit de samenleving;

  • b.

    de regering adviseren over knelpunten door regeldrukeffecten van beleidsregels en overige regels ten behoeve van de handhaving en uitvoering, in samenspraak met de organisatie die deze regels heeft opgesteld;

  • c.

    de regering adviseren over de juistheid en volledigheid van de bij de evaluatie van bestaande wet- en regelgeving of beleidsregels gemaakte inschatting van regeldrukeffecten;

  • d.

    op verzoek van een gemeente, provincie, waterschap of een van de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius of Saba de desbetreffende organisatie adviseren over de regeldrukeffecten van hun regelgeving.

Artikel

5

Aard regeldruktoets

Artikel

6

Samenstelling

Het adviescollege bestaat uit een voorzitter en ten minste twee en ten hoogste vier andere leden.

Artikel

7

Onafhankelijkheid

Indien blijkt dat een lid direct of indirect betrokken is bij een ontwerp of voorstel dat voor advies is voorgelegd, onthoudt dit lid zich van enige bemoeienis met de adviesaanvraag.

Hoofdstuk

3

Werkwijze

Artikel

8

Voorleggen stukken

Artikel

9

Termijnen

Bij regeling van Onze Minister, handelende in overeenstemming met het gevoelen van de ministerraad, worden termijnen gesteld:

  • a.

    waarbinnen stukken met betrekking tot voorgenomen regelgeving aan het adviescollege voor advies worden voorgelegd;

  • b.

    waarbinnen het adviescollege advies uitbrengt;

  • c.

    waarbinnen het adviescollege een aanvullende zienswijze geeft.

Hoofdstuk

4

Slotbepalingen

Artikel

10

Evaluatieverplichting

Onze Minister zendt in overeenstemming met het gevoelen van de ministerraad binnen twee jaar na de inwerkingtreding van deze wet, en vervolgens na twee jaar en dan telkens na vier jaar, aan de Staten-Generaal een verslag over de doeltreffendheid en de effecten van deze wet in de praktijk.

Artikel

11

Inwerkingtreding

De artikelen van deze wet treden in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip, dat voor de verschillende artikelen of onderdelen daarvan verschillend kan worden vastgesteld.

Artikel

12

Citeertitel

Deze wet wordt aangehaald als: Instellingswet Adviescollege toetsing regeldruk.

Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren die zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.

Gegeven te

’s-Gravenhage
Willem-Alexander
De Minister van Economische Zaken, V.P.G. Karremans
De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, J.J.M. Uitermark
De Minister van Justitie en Veiligheid, D.M. van Weel