Artikel
1
Voor de behandeling van enkelvoudige strafzaken die aanhangig zijn gemaakt bij de rechtbank Oost-Brabant, wordt de rechtbank Zeeland-West-Brabant aangewezen als rechtbank waarvan de zittingsplaatsen onderscheidenlijk overige zittingsplaatsen tijdelijk mede worden aangemerkt als zittingsplaatsen onderscheidenlijk overige zittingsplaatsen van de rechtbank Oost-Brabant, als bedoeld in artikel 46a, eerste lid, van de Wet op de rechterlijke organisatie.