Regeling van de Minister van Infrastructuur en Waterstaat van 13 oktober 2025, nr. IENW/BSK-2025/254921, houdende regels in verband met de modernisering van het erkenningenstelsel (Regeling erkenningen wegverkeer)

Regeling erkenningen wegverkeer

Hoofdstuk

1

Algemene bepalingen

Artikel

1

Begripsbepalingen

In deze regeling wordt verstaan onder:

  • APK-keurmeester: natuurlijk persoon aan wie de bevoegdheid, bedoeld in artikel 14, vijfde lid, van het besluit is verleend;

  • besluit: Besluit erkenningen wegverkeer;

  • bevoegdheid APK-keurmeester: bevoegdheid bedoeld in artikel 14, vijfde lid, van het besluit;

  • bevoegdheid LPG-technicus: bevoegdheid bedoeld in artikel 16, tweede lid, van het besluit;

  • blanco-kentekenplaat: plaat, gebaseerd op een halffabricaat als bedoeld in de Regeling eisen goedkeuring kentekenplaten 2000, die geschikt is voor het produceren van een kentekenplaat;

  • Dienst Wegverkeer: dienst, genoemd in artikel 4a van de wet;

  • erkenning voor specifieke handelingen: erkenning als bedoeld in artikel 4aud, eerste lid, van de wet;

  • folie: folie geschikt voor het produceren van gele, lichtblauwe, lichtgroene of witte kentekenplaten volgens de modellen in de bijlage van de Regeling kenteken en kentekenplaten;

  • fabrikantenkeurmerk: door de fabrikant van de kentekenplaat aan te brengen merk volgens model M. 3 in de bijlage bij de Regeling kentekens en kentekenplaten;

  • foliefabrikant: bedrijf met een erkenning foliefabrikant;

  • foliefabrikantwaarmerk: door de foliefabrikant aan te brengen waarmerk als bedoeld in bijlage 5 van de Regeling eisen goedkeuring kentekenplaten 2000;

  • handelsregister: handelsregister, genoemd in artikel 2 van de Handelsregisterwet 2007;

  • hologram: hologram als bedoeld in artikel 2 van de Regeling kentekens en kentekenplaten;

  • kentekenplaat: een plaat die bestemd is om te worden gebruikt als kentekenplaat;

  • kentekenplaatfabrikant: bedrijf met een erkenning kentekenfabrikant;

  • keuringsplaats: perceel of enkele kadastraal aangrenzende percelen waarop een erkend bedrijf de keuring verricht met daarop een keuringsruimte. De ruimte kan bestaan uit één of meer besloten ruimten gelegen in één gebouw, dan wel in verscheidene belendende of nagenoeg belendende gebouwen, bedoeld om deel uit te maken van een keuringsplaats;

  • lamineercode: lamineercode als bedoeld in artikel 6, tweede lid, van de Regeling kentekens en kentekenplaten;

  • lamineerder: bedrijf met een erkenning lamineerder;

  • lamineerderswaarmerk: door de lamineerder aan te brengen waarmerk als bedoeld in bijlage 8 van de Regeling eisen goedkeuring kentekenplaten 2000;

  • LPG-technicus: natuurlijk persoon aan wie de bevoegdheid, bedoeld in artikel 16, tweede lid, van het besluit is verleend;

  • ombouwverklaring: bewijs volgens een door de Dienst Wegverkeer vastgesteld model dat de seriematige wijziging in de goedkeuring van een voertuig conform hoofdstuk 6 van de Regeling voertuigen is uitgevoerd;

  • seriematige wijziging: op een seriematige manier aangebrachte wijziging in de goedkeuring van voertuigen als bedoeld in hoofdstuk 6 van de Regeling voertuigen;

  • wet: Wegenverkeerswet 1994;

  • wijziging in de goedkeuring van voertuigen: wijziging als bedoeld in hoofdstuk 6 van de Regeling voertuigen.

Hoofdstuk

2

Basiserkenning

Artikel

2

Inschrijving handelsregister

Een rechtspersoon of de onderneming van de natuurlijke persoon die niet in Nederland is gevestigd en een basiserkenning uitsluitend aanvraagt met het oog op het verkrijgen van de erkenning foliefabrikant, de erkenning lamineerder of de erkenning wijziging goedkeuring voertuigen overlegt een met een bewijs van inschrijving in het handelsregister gelijkwaardig document, afgegeven in het land van vestiging.

Artikel

3

Termijn overleggen VOG

Het erkende bedrijf overlegt op verzoek van de Dienst Wegverkeer overeenkomstig artikel 4auc, tweede lid, van de wet binnen zes weken een verklaring omtrent het gedrag die niet ouder is dan twee maanden, indien daartoe naar het oordeel van deze dienst aanleiding bestaat als gevolg van:

  • a.

    een rechterlijke veroordeling;

  • b.

    de toetreding van een nieuw lid tot het bestuur van de onderneming; of

  • c.

    berichten en meldingen die doen vermoeden dat er in relatie tot de erkenning strafbare feiten zijn begaan.

Hoofdstuk

3

Erkenningen voor specifieke handelingen

§

3.1

Algemeen

Artikel

4

Bedrijfsgegevens

Artikel

5

Kenbaarheid erkende bedrijf

Vanaf de buitenkant van een bedrijf met een erkenning voor specifieke handelingen is op een door de Dienst Wegverkeer vastgestelde en in de Staatscourant gepubliceerde wijze kenbaar dat een erkenning is verleend.

Artikel

6

Communicatie langs elektronische weg

Artikel

7

Correctiemelding

Als een erkend bedrijf een onjuistheid constateert binnen de kaders van de erkenning, wordt dat binnen een door de Dienst Wegverkeer te bepalen termijn gemeld aan de Dienst Wegverkeer op een door de Dienst Wegverkeer te bepalen wijze.

Artikel

8

Aanvraag- en erkenningseisen

§

3.2

Erkenning bedrijfsvoorraad

Artikel

9

Aanvrager

Artikel

10

Eisen en voorwaarden erkenning

§

3.3

Erkenning tenaamstellen voertuigen voor derden

Artikel

11

Aanvrager

Bij de aanvraag wordt door de aanvrager zekerheid gesteld aan de Dienst Wegverkeer voor een bedrag ter grootte van de geschatte omzet van de te verlenen tenaamstellingen en schorsingen over twee maanden.

Artikel

12

Eisen en voorwaarden aan de erkenning

Artikel

13

Rapport van de registeraccountant

Het erkende bedrijf overlegt jaarlijks op een door de Dienst Wegverkeer te bepalen datum over het voorafgaande kalenderjaar een door een registeraccountant opgesteld rapport, waaruit blijkt dat het voldoet aan de eisen van artikel 12 van deze regeling.

§

3.4

Erkenning tenaamstellen voertuigen bedrijfsvoorraad of importeursvoorraad

Artikel

14

Aanvrager

Een erkenning tenaamstellen voertuigen bedrijfsvoorraad of importeursvoorraad kan op aanvraag worden verleend aan een natuurlijke persoon of rechtspersoon, die volgens het handelsregister exploitant is van een onderneming waar handelsactiviteiten met betrekking tot voertuigen worden verricht.

Artikel

15

Eisen en voorwaarden aan de erkenning

§

3.5

Erkenning inschrijven zonder onderzoek

Artikel

16

Aanvrager

Artikel

17

Eisen en voorwaarden aan erkenning

§

3.6

Erkenning inschrijven met onderzoek

Artikel

18

Aanvrager

Artikel

19

Eisen en voorwaarden aan erkenning

§

3.7

Erkenning handelaarskenteken

Artikel

20

Aanvrager

Een erkenning handelaarskenteken kan op aanvraag worden verleend aan:

  • a.

    een erkend bedrijf bedrijfsvoorraad;

  • b.

    een erkend bedrijf inschrijven zonder onderzoek;

  • c.

    een erkend bedrijf inschrijven met onderzoek; of

  • b.

    een natuurlijke persoon of rechtspersoon, die volgens het handelsregister exploitant is van een onderneming, waar voertuigen bedrijfsmatig voor derden worden hersteld, bewerkt of gereinigd.

Artikel

21

Eisen en voorwaarden aan de erkenning

Artikel

22

Bezitten handelaarskentekenplaten

§

3.8

Erkenning demontage

Artikel

23

Aanvrager

Artikel

24

Eisen en voorwaarden aan de erkenning

§

3.9

Erkenning export

Artikel

25

Aanvrager

Een erkenning export kan op aanvraag worden verleend aan een natuurlijke persoon of rechtspersoon, die exploitant is van een onderneming waar volgens het handelsregister bedrijfsmatig activiteiten worden verricht met betrekking tot het exporteren van tenaamgestelde voertuigen of daaraan gerelateerde handelingen ten behoeve van export, waardoor deze gerechtigd is aan de Dienst Wegverkeer te melden dat een voertuig dat in het kentekenregister is geregistreerd, voorgoed buiten Nederland wordt gebracht.

Artikel

26

Eisen en voorwaarden aan erkenning

Artikel

27

Verstrekken blanco documenten door de Dienst Wegverkeer

Ten behoeve van het melden dat voertuigen voorgoed buiten Nederland worden gebracht, verstrekt de Dienst Wegverkeer aan het erkende bedrijf blanco documenten om te worden gebruikt als kentekenbewijzen deel II welke bij de melding door het erkende bedrijf worden aangemaakt en verstrekt.

§

3.10

Erkenning foliefabrikant

Artikel

28

Aanvrager

De erkenning foliefabrikant kan op aanvraag worden verleend aan een natuurlijke persoon of een rechtspersoon die volgens het handelsregister of gelijkwaardig buitenlands register exploitant is van een productieplaats die geschikt is voor het fabriceren van folie die geschikt is voor de productie van kentekenplaten.

Artikel

29

Aanvraag

De aanvrager van een erkenning overlegt bij de aanvraag een testrapport van een door de Dienst Wegverkeer aangewezen onderzoeksinstelling, waaruit blijkt dat de aanvrager folie kan produceren die geschikt is voor de productie van kentekenplaten overeenkomstig de Regeling kentekens en kentekenplaten en de Regeling eisen goedkeuring kentekenplaten 2000.

Artikel

30

Eisen en voorwaarden aan de erkenning

§

3.11

Erkenning lamineerder

Artikel

31

Aanvrager

Artikel

32

Aanvraag

De aanvrager van een erkenning overlegt bij de aanvraag een testrapport van een door de Dienst Wegverkeer aangewezen onderzoeksinstelling, waaruit blijkt dat de aanvrager blanco-kentekenplaten kan produceren die voldoen aan de eisen gesteld in de Regeling kentekens en kentekenplaten en de Regeling eisen goedkeuring kentekenplaten 2000.

Artikel

33

Eisen en voorwaarden aan de erkenning

Artikel

34

Eisen en voorwaarden voor doorleveren blanco-kentekenplaten

§

3.12

Erkenning kentekenplaatfabrikant

Artikel

35

Aanvrager

Een erkenning kentekenplaatfabrikant kan op aanvraag worden verleend aan een natuurlijke persoon of rechtspersoon, die volgens het handelsregister exploitant is van een productieplaats die geschikt is voor het fabriceren van kentekenplaten worden uitgevoerd.

Artikel

36

Eisen en voorwaarden aan de erkenning

Artikel

37

Bescherming van blanco-kentekenplaten en kentekenplaten

Artikel

38

Vindplaats blanco-kentekenplaten en nog niet afgeleverde kentekenplaten

Het erkende bedrijf kan te allen tijde aangeven waar in ontvangst genomen blanco-kentekenplaten en de kentekenplaten die nog niet zijn afgeleverd, zich bevinden.

Artikel

39

Voorschriften productie

De uitoefening van de erkenning heeft slechts plaats vanaf de productieplaats waaraan de erkenning is toegekend.

Artikel

40

Ontvangst blanco-kentekenplaten

Artikel

41

Eindcontrole en afgekeurde blanco-kentekenplaten of kentekenplaten

Artikel

42

Bewaarplicht afgekeurde blanco-kentekenplaten of kentekenplaten

Het erkende bedrijf bewaart de twee helften van de afgekeurde blanco-kentekenplaten of kentekenplaten waarop de laatste tien meldingen, bedoeld in artikel 41, derde lid, betrekking hebben.

Artikel

43

Afgifte kentekenplaten

Artikel

44

Aantal af te geven kentekenplaten

Artikel

45

Omwisseling van kentekenplaten met lamineercode

Artikel

46

Omwisseling van kentekenplaten in verband met taxigebruik of beëindiging daarvan

Bij omwisseling van kentekenplaten in verband met het voorgenomen gebruik van het voertuig als taxi dan wel in verband met de beëindiging van zodanig gebruik, is artikel 45 van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat de omwisseling slechts kan plaatsvinden per twee kentekenplaten.

Artikel

47

Vervanging van kentekenplaten met lamineercode

Artikel

48

Registratie in verband met afgifte

Artikel

49

Doorleveren kentekenplaten

Artikel

50

Ontvangen doorgeleverde kentekenplaten

Artikel

51

Afgifte op andere locatie dan de productieplaats

§

3.13

Erkenning APK

§

3.13.1

Algemeen

Artikel

52

Begripsbepalingen

In deze paragraaf wordt verstaan onder:

  • adviespunt: in het kader van een keuring geconstateerd te verwachten gebrek;

  • afkeurpunt: in het kader van een keuring geconstateerd gebrek;

  • anonieme keuring: keuring als bedoeld in artikel 86a van de wet;

  • bevoegdheidspas: pas als bedoeld in artikel 111;

  • Regelgeving APK: via de website van de Dienst Wegverkeer bekendgemaakte Regelgeving Algemene Periodieke Keuring die door de Dienst Wegverkeer is vastgesteld en geldig is op het moment van de keuring;

  • erkenning APK: erkenning om keuringsrapporten af te geven voor motorrijtuigen en aanhangwagens, als bedoeld in artikel 14 van het besluit;

  • exameninstantie: door de Minister aangewezen instantie als bedoeld in artikel 115 van de wet;

  • keuring: periodieke keuring als bedoeld in artikel 75 van de wet;

  • keuringseisen: op de desbetreffende voertuigcategorie toepasselijke permanente eisen in de Regeling voertuigen;

  • keuringsinstelling: keuringsinstelling als bedoeld in artikel 8.1.1 van de Regeling voertuigen;

  • landbouw- en bosbouwtrekkers: landbouw- en bosbouwtrekkers op wielen met een maximumconstructiesnelheid van meer dan 40 km/h;

  • lichte voertuigen: motorrijtuigen of aanhangwagens met een toegestane maximummassa van minder dan of gelijk aan 3.500 kg;

  • onderzoeksgerechtigde: erkende onderneming of instelling als bedoeld in artikel 8.1.1 van de Regeling voertuigen;

  • reparatiepunt: in het kader van een keuring gerepareerd gebrek;

  • reparatieadviespunt: in het kader van een keuring geconstateerd gebrek ten aanzien van de controlepunten opgenomen in bijlage 1;

  • resultaat van de keuring: goedkeuring dan wel afkeuring, alsmede eventuele adviespunten, reparatieadviespunten, reparatiepunten, afkeurpunten en opmerkingen inzake de uitvoering van de keuring;

  • spelingsdetector: inrichting om de wielophanging te controleren zonder de as op te tillen;

  • steekproef: steekproefsgewijze herkeuring als bedoeld in artikel 86 van de wet;

  • voor de verbruiksmonitoring uit te lezen personenauto’s en lichte bedrijfsvoertuigen: nieuwe personenauto’s en nieuwe lichte bedrijfsvoertuigen, als bedoeld in artikel 2, eerste lid, onderdelen a en b, van Verordening (EU) 2019/631, die met ingang van 1 januari 2021 zijn geregistreerd en die zijn uitgerust met boordinstrumenten voor de meting van het brandstof- en/of elektriciteitsverbruik overeenkomstig artikel 4 bis van Verordening (EU) 2017/1151;

  • werkelijke gegevens: gegevens, als bedoeld in artikel 2, onderdeel c, van Uitvoeringsverordening (EU) 2021/392;

  • zware voertuigen: motorrijtuigen of aanhangwagens met een toegestane maximummassa van meer dan 3.500 kg.

§

3.13.2

Aanvrager

Artikel

53

Aanvrager

Artikel

54

Economische eenheid

§

3.13.3

Eisen en voorwaarden aan de erkenning

§

3.13.3.1

Gebouw en uitrusting

Artikel

55

Keuringsruimte

Artikel

56

Inspectieput en hefinrichting

Artikel

57

Aangewezen plaats voor controle afstelling dimlichten en mistvoorlichten

§

3.13.3.2

Apparatuur keuringsruimte

Artikel

58

Apparatuur algemeen

In de keuringsruimte is de volgende apparatuur aanwezig:

  • a.

    een doelmatige krik die voldoende draagvermogen heeft om van de voertuigen van de groep waarvoor de erkenning is verleend, de wielen van de voorste as gelijktijdig en de wielen van de achterste as afzonderlijk op zodanige wijze te kunnen heffen, dat deze vrij kunnen draaien;

  • b.

    een dubbel geïsoleerde veiligheidslooplamp dan wel een zaklantaarn, al dan niet voorzien van een oplaadbare accu, die enerzijds een zodanige lichtsterkte heeft dat ook moeilijk bereikbare onderdelen van een voertuig voldoende helder kunnen worden verlicht om een nauwkeurige inspectie van een voertuig mogelijk te maken en die anderzijds zodanig is afgeschermd dat degene die de keuring uitvoert niet door het uitgestraalde licht wordt verblind;

  • c.

    een meetband met een minimale nauwkeurigheidsklasse III van:

    • i.

      ten minste 12,00 meter voor het afgeven van keuringsbewijzen voor lichte voertuigen;

    • ii

      ten minste 20,00 meter voor het afgeven van keuringsbewijzen voor zware voertuigen of landbouw- of bosbouwtrekkers.

    Als een erkend bedrijf uitsluitend keuringsbewijzen afgeeft voor voertuigen met een beperkte lengte, heeft de meetband tenminste dezelfde lengte als de toegestane voertuiglengte;

  • d.

    een doelmatige schuifmaat die is voorzien van een meetstift voor dieptemeting;

  • e.

    basisgereedschap voor de controle op het vastzitten van nagels en bouten en andere verbindingen, te weten een set steek- en ringsleutels, schroevendraaiers en een hamer, alsmede een bolkophamertje voor de controle op corrosie;

  • f.

    een doelmatige bandenspanningsmeter en een doelmatige bandenpomp;

  • g.

    hulpmiddelen om speling in voertuigonderdelen zichtbaar te maken, zoals een bandijzer, wielbewegingsapparaat of een koevoet;

  • h.

    een rollenremtestbank of platenremtestbank, die voldoet aan de in artikel 64 gestelde eisen. Voor APK landbouw- en bosbouwtrekkers is een rollenrembanktest of een zelfregistrerende remvertragingsmeter aanwezig. Voor APK zware voertuigen is in elk geval een rollenremtestbank aanwezig. Het draagvermogen van een rollenremtestbank of platenremtestbank is voldoende voor de groep voertuigen waarvoor de erkenning wordt of is verleend;

  • i.

    een doelmatige bandenprofieldieptemeter, met verende meetstift en een meetnauwkeurigheid van 0,1 mm.

Artikel

59

Apparatuur voor specifieke groep voertuigen

Naast de in artikel 58 genoemde apparatuur is, afhankelijk van de groep voertuigen waarvoor de erkenning voor de betrokken keuringsplaats wordt of is verleend, tevens de volgende apparatuur aanwezig die voldoet aan de in artikel 60 gestelde eisen:

  • a.

    voor zware voertuigen en lichte voertuigen:

    • 1°.

      een koplamptestapparaat;

    • 2°.

      een pedaalkrachtmeter; deze is niet verplicht in geval van een vóór 1 maart 2000 afgegeven erkenning voor het eigen wagenpark en in geval van een erkenning die uitsluitend geldt voor het keuren van voertuigen die zijn voorzien van een druklucht-remsysteem;

    • 3°.

      een apparaat om LPG-, CNG- of LNG-lekkages op te sporen;

    • 4°.

      een universele toerenteller; en

    • 5°.

      een hulpstuk waarmee de speling op de sluiting van 2 inch koppelingsschotels meetbaar gemaakt kan worden;

  • b.

    voor zware voertuigen:

    • 1°.

      twee manometers met slangen en aansluitstukken voor drukmeetpunten alsmede aansluitkoppen voor aanhangwagenremsystemen, waarmee de druk in drukluchtremsystemen en in gasveersystemen kan worden gemeten;

    • 2°.

      een stalen rei met een lengte van ten minste 0,90 m;

    • 3°.

      een hulpstuk waarmee de speling op de sluiting van 2 inch koppelingsschotels meetbaar gemaakt kan worden; en

    • 4°.

      een spelingsdetector;

  • c.

    voor lichte voertuigen:

    • 1°.

      een uitleesapparaat ten behoeve van het uitlezen van het emissiegerelateerd diagnostisch boordsysteem;

    • 2°.

      een apparaat om verbinding te maken met de elektronische voertuiginterface, ten behoeve van het uitlezen van de werkelijke gegevens en het voertuigidentificatienummer.

  • d.

    voor landbouw- en bosbouwtrekkers:

    • 1°.

      de apparatuur genoemd in onderdeel a, onder 1°, 2° en 3°;

    • 2°.

      de apparatuur genoemd in onderdeel b, onder 1°, 2° en 4°;

    • 3°.

      een hydraulische manometer met slangen en aansluitstukken voor drukmeetpunten alsmede aansluitkoppen voor hydraulische aanhangwagenremsystemen, waarmee de druk in hydraulische remsystemen kan worden gemeten;

  • e.

    voor motorrijtuigen met een verbrandingsmotor met compressie-ontsteking die niet is voorzien van een roetfilter, niet zijnde landbouw- of bosbouwtrekkers: een roetmeter en olietemperatuurmeter;

  • f.

    voor motorrijtuigen met een verbrandingsmotor met compressie-ontsteking die is voorzien van een roetfilter, niet zijnde landbouw- of bosbouwtrekkers: een deeltjesteller;

  • g.

    voor motorrijtuigen die zijn voorzien van een verbrandingsmotor met elektrische ontsteking, niet zijnde landbouw- of bosbouwtrekkers: een uitlaatgastester met lambda-bepaling;

  • h.

    voor lichte bedrijfsauto’s die zijn voorzien van een drukluchtremsysteem en een vangmuilkoppeling ten behoeve van een aanhangwagen: de apparatuur, genoemd in onderdeel b, onder 1°.

  • i.

    voor lichte bedrijfsauto’s die zijn voorzien van een drukluchtremsysteem en een schotelkoppeling ten behoeve van een aanhangwagen: de apparatuur, genoemd in onderdeel b, onder 1° tot en met 3°.

Artikel

60

Eisen aan apparatuur

Artikel

61

Deugdelijkheid en goede staat apparatuur

De apparatuur, bedoeld in de artikelen 58 en 59, is deugdelijk en verkeert in een goede staat van onderhoud.

§

3.13.3.3

Inrichting

Artikel

62

Kenbaarheid erkend bedrijf APK

De eis van kenbaarheid van het erkende bedrijf, bedoeld in artikel 5, geldt niet voor keuringsplaatsen waarvan in het erkenningsbesluit is vastgelegd dat de erkenning alleen geldt voor voertuigen die behoren tot het eigen wagenpark.

Artikel

63

Verplaatsing apparatuur

§

3.13.3.4

Voorschriften ten aanzien van de rapportage aan de Dienst Wegverkeer

Artikel

64

Doorgeven tellerstand

Aan een op grond van artikel 23k van het Besluit voertuigen bestaande verplichting wordt gevolg gegeven door de tellerstand van een motorrijtuig te verstrekken aan de Dienst Wegverkeer door middel van de voorziening, bedoeld in artikel 55, zevende lid.

Artikel

65

Uitlezen voertuigidentificatienummer en werkelijke gegevens gebruik

§

3.13.3.5

Voorschriften administratie en bescheiden

Artikel

66

Administratie en bescheiden

§

3.13.3.6

Doorgeven wijzigingen

Artikel

67

Wijzigingen

§

3.13.4

Voorschriften keuringen

§

3.13.4.1

Algemene keuringsvoorschriften

Artikel

68

Algemene keuringsvoorschriften

§

3.13.4.2

Voorschriften keuring, steekproef en anonieme keuring

Artikel

69

Keuring

Artikel

70

Resultaat van de keuring en keuringsrapport

Artikel

71

Afmelden voertuig en afgegeven keuringsrapport

Artikel

72

Aantal steekproeven

Het aantal voertuigen, bedoeld in artikel 86, eerste lid, van de wet, dat na een verrichte keuring steekproefsgewijs aan een herkeuring wordt onderworpen, bedraagt ten minste zevenentwintig van elke duizend voertuigen.

Artikel

73

Verplichtingen bij een steekproef

Artikel

74

Voertuig dat keuringsruimte verlaat tijdens steekproef

§

3.13.5

Toezicht

Artikel

75

Bonus- en strafpunten

Artikel

76

Anonieme keuringen

De Dienst Wegverkeer kan steekproefsgewijs anonieme keuringen uitvoeren door middel van het ter keuring aanbieden van een voertuig, in het kader van het toezicht op de erkenning en het verrichten van keuringen.

Artikel

77

Reikwijdte wijziging, schorsing of intrekking erkenning

Artikel

78

Wijziging, schorsing of intrekking voor bepaalde groep voertuigen

De in artikel 4auh, zesde lid van de wet bedoelde wijziging, schorsing of intrekking van de erkenning kan, als de erkenningseis of het erkenningsvoorschrift waaraan niet wordt voldaan slechts betrekking heeft op het keuren van een bepaalde groep voertuigen, beperkt blijven tot het keuren van die desbetreffende groep voertuigen.

§

3.14

Erkenning wijziging goedkeuring voertuigen

Artikel

79

Begripsbepalingen

  • werkplaats: perceel of enkele kadastraal aangrenzende percelen waarop een erkend bedrijf wijziging goedkeuring voertuigen zijn werkzaamheden verricht met daarop een werkruimte. De werkruimte kan bestaan uit één of meer besloten ruimten gelegen in één gebouw, dan wel in verscheidene belendende of nagenoeg belendende gebouwen, bedoeld om deel uit te maken van een werkplaats.

§

3.14.1

Aanvrager van de erkenning

Artikel

80

Aanvrager

§

3.14.2

Eisen aan de erkenning

§

3.14.2.1

Seriematige wijziging

Artikel

81

Seriematige wijziging

Artikel

82

Elementen seriematige wijziging

Artikel

83

Verlening toestemming seriematige wijziging

§

3.14.2.2

Eisen aan de werkplaats

Artikel

84

Werkplaats

Artikel

85

Apparatuur

§

3.14.2.3

Erkenningsvoorschriften

Artikel

86

Maatregelen en procedures voor effectieve controle

Artikel

87

Technische verandering in seriematige wijziging

Wanneer een erkend bedrijf voornemens is een technische verandering aan te brengen in de seriematige wijziging waarvoor toestemming is verleend, moet deze hiervan vooraf melding doen aan de Dienst Wegverkeer. De Dienst Wegverkeer beoordeelt vervolgens of er voor de seriematige wijziging opnieuw toestemming, als bedoeld in artikel 80, tweede lid, onder b, dient te worden verkregen door het erkende bedrijf.

Artikel

88

Uitvoeren van wijzigingen in goedkeuring voertuig

Het erkende bedrijf dient voor elk gewijzigd voertuig vast te stellen dat aangebrachte wijzigingen, als bedoeld in hoofdstuk 6 van de Regeling voertuigen, geheel overeenstemmen met de seriematige wijziging waarvoor toestemming is verleend.

Artikel

89

Ombouwverklaring

§

3.14.2.4

Administratie

Artikel

90

Administratie

§

3.15

Erkenning gasinstallaties

Artikel

91

Begripsbepalingen

§

3.15.1

Aanvrager erkenning gasinstallaties

Artikel

92

Aanvrager erkenning

Een erkenning gasinstallaties kan op aanvraag worden verleend aan een natuurlijke persoon of rechtspersoon, die exploitant is van een of meer keuringsplaatsen.

§

3.15.2

Eisen en voorwaarden aan de erkenning

§

3.15.2.1

Keuringsruimte en uitrusting

Artikel

93

Keuringsruimte

Artikel

94

Inspectieput of hefinrichting

Op de keuringsruimte bestemd voor het keuren van gasinstallaties zijn de artikelen 56, eerste, tweede en vierde lid, en 57 van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat onder APK-keurmeester, bedoeld in artikel 56, wordt verstaan: LPG-technicus.

§

3.15.2.2

Apparatuur

Artikel

95

Apparatuur keuringsruimte

§

3.15.2.3

Algemene voorschriften

Artikel

96

Erkenningsvoorschriften

Artikel

97

Doorgeven tellerstand

Aan de verplichting als bedoeld in artikel 23k van het Besluit voertuigen, wordt gevolg gegeven door de tellerstand van een motorrijtuig te verstrekken aan de Dienst Wegverkeer zoals voorgeschreven in artikel 6.

§

3.15.3

Voorschriften met betrekking tot de keuring

Artikel

98

Aanwezigheid documenten

Artikel

99

Keuringsvoorschriften

Artikel

100

Controle op lekkage

Het voertuig wordt onmiddellijk na binnenkomst in de keuringsruimte op lekkage gecontroleerd.

Artikel

101

Keuringsvereisten

Artikel

102

Afmelden

§

3.15.4

Toezicht

Artikel

103

Toezicht

Artikel

104

Bonus- en strafpunten

§

3.16

Erkenning voorbehoud en verplichtingen

Artikel

105

Aanvrager

Een erkenning voorbehoud en verplichtingen kan op aanvraag worden verleend aan een natuurlijke persoon of een rechtspersoon die zich volgens het handelsregister richt op lease of financiering van voertuigen.

Artikel

106

Eisen en voorwaarden

Artikel

107

Tijdelijk document

Een erkend bedrijf kan een tijdelijk document aanvragen voor de voertuigen die het op naam heeft, of voertuigen die het in eigendom heeft waarover een aantekening als bedoeld in artikel 17, eerste lid, onderdeel b, van het besluit, in het kentekenregister is opgenomen. Zolang deze aantekening in het kentekenregister is opgenomen, wordt het tijdelijk document enkel gezonden aan het erkende bedrijf.

Hoofdstuk

4

Bevoegdheden

§

4.1

Eisen en voorwaarden aan bevoegdheden

Artikel

108

Bevoegdheden APK-keurmeester en LPG-technicus

Artikel

109

Examen diploma APK-keurmeester en LPG-technicus

Artikel

110

Verlenging bevoegdheid APK-keurmeester en LPG-technicus

Artikel

111

Bevoegdheidspas

Artikel

112

Datacommunicatie

De APK-keurmeester en de LPG-technicus dragen er zorg voor dat zij bij datacommunicatie met de Dienst Wegverkeer gebruikmaken van een door die Dienst voorgeschreven authenticatiemethode en dat een ander niet namens hen de datacommunicatie kan verrichten.

§

4.2

Toezicht op bevoegdheden

Artikel

113

Sancties bevoegdheid

Artikel

114

Schorsing bevoegdheid

§

4.3

Exameninstantie APK-keurmeester en LPG-technicus

Artikel

115

Aanwijzing exameninstantie

Het exameninstituut IBKI van de Stichting VAM is de exameninstantie voor de examens, bedoeld in artikel 109, eerste lid, en de toetsen, bedoeld in artikel 110, eerste en tweede lid.

Artikel

116

Taken exameninstantie

Artikel

117

Eisen aan exameninstantie

De exameninstantie voldoet aan de volgende eisen:

  • a.

    de exameninstantie is onafhankelijk en onpartijdig en neemt bij de uitvoering van de werkzaamheden het examenreglement in acht;

  • b.

    de exameninstantie neemt afdoende maatregelen om fraude, voor, tijdens en na het examen te voorkomen.

Hoofdstuk

5

Handhaving

Artikel

118

Handhaving

In de artikelen 2 tot en met 114 zijn de voorwaarden opgenomen, bedoeld in de artikelen 21 en 22 van het besluit.

Hoofdstuk

6

Wijziging en intrekking van andere ministeriële regelingen

Artikel

119

Wijziging Aanwijzing keuringsinstelling meetmiddelen Voertuigreglement

Wijzigt de Aanwijzing keuringsinstelling meetmiddelen Voertuigreglement.

Artikel

120

Wijziging Regeling gegevensverstrekking kentekenregister 2008

Wijzigt de Regeling gegevensverstrekking kentekenregister 2008.

Artikel

121

Wijziging Regeling gegevensverstrekking uit het rijbewijzenregister

Wijzigt de Regeling gegevensverstrekking uit het rijbewijzenregister.

Artikel

122

Wijziging Regeling indicatieve vaststelling reikwijdte Dienstenwet

Wijzigt de Regeling indicatieve vaststelling reikwijdte Dienstenwet.

Artikel

123

Wijziging van de Regeling kentekens en kentekenplaten

Wijzigt de Regeling kentekens en kentekenplaten.

Artikel

124

Wijziging Regeling legitimatievoorschriften tenaamstelling en kentekenplaten

Wijzigt de Regeling legitimatievoorschriften tenaamstelling en kentekenplaten.

Artikel

125

Wijziging Regeling schorsing geldigheid tenaamstelling

Wijzigt de Regeling schorsing geldigheid tenaamstelling.

Artikel

126

Wijziging Regeling tachografen

Wijzigt de Regeling tachografen.

Artikel

127

Wijziging Regeling taken Dienst Wegverkeer

Wijzigt de Regeling taken Dienst Wegverkeer.

Artikel

128

Wijziging Regeling tenaamstelling en kentekenbewijzen

Wijzigt de Regeling tenaamstelling en kentekenbewijzen.

Artikel

129

Wijziging Regeling transitokentekens

Wijzigt de Regeling transitokentekens.

Artikel

130

Wijziging Regeling voertuigen

Wijzigt de Regeling voertuigen.

Artikel

131

Intrekking andere ministeriële regelingen

De volgende regelingen worden ingetrokken:

  • a.

    Erkenningsregeling fabrikanten kentekenplaten;

  • b.

    Erkenningsregeling foliefabrikanten;

  • c.

    Erkenningsregeling lamineerders;

  • d.

    Regeling erkenning bedrijfsvoorraad;

  • e.

    Regeling erkenning exportdienstverlening;

  • f.

    Regeling erkenning tenaamstelling;

  • g.

    Regeling aanpassing voertuigen;

  • i.

    Regeling erkenning en keuringsbevoegdheid APK;

  • j.

    Regeling handelaarskentekens en -kentekenbewijzen.

Hoofdstuk

6*

Slotbepalingen

Artikel

132

Overgangsrecht

De datum waarop de verklaring omtrent het gedrag, bedoeld in artikel 186c, derde lid onderdeel a, van de wet, wordt overlegd, wordt door de Dienst Wegverkeer bepaald.

Artikel

133

Inwerkingtreding

Deze regeling treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet van 10 mei 2023 tot wijziging van de Wegenverkeerswet 1994 in verband met de modernisering van het erkenningenstelsel, het verbeteren van de handhaafbaarheid en enkele andere wijzigingen van technische aard (Stb. 2023, 195) in werking treedt.

Artikel

134

Citeertitel

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling erkenningen wegverkeer.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De Minister van Infrastructuur en Waterstaat, R. Tieman

Bijlage

1

behorende bij artikel 68, vijfde lid

Reparatieadviespunten bij APK

1.

De waarschuwingsinrichting van het airbagsysteem, gordelspansysteem of gordelkrachtbegrenzing-systeem van motorvoertuigen, in gebruik genomen voor 1 januari 2018, mag geen defect aangeven.

Visuele en auditieve controle. Wanneer na het starten van de motor een optisch of akoestisch waarschuwingssignaal wordt afgegeven dat het airbagsysteem, gordelspansysteem of gordelkrachtbegrenzingsysteem niet goed functioneert, wordt dit vermeld op het keuringsrapport. Indien het een motorvoertuig met een toegestane maximummassa van niet meer dan 3.500 kg betreft, wordt in geval van twijfel een rijproef uitgevoerd.

2.

Onderdelen van motorvoertuigen en aanhangwagens, in gebruik genomen voor 1 januari 2018, niet zijnde onderdelen van het brandstofsysteem, het remsysteem, de stuurbekrachtiging of het veersysteem, mogen behalve water geen overmatige vloeistoflekkage vertonen.

Visuele controle, terwijl het voertuig, met uitzondering van een landbouw- of bosbouwtrekker, zich boven een inspectieput of op een hefinrichting bevindt. In geval van overmatige vloeistoflekkage behalve water, wordt dit vermeld op het keuringsrapport.

3.

De waarschuwingsinrichting van het stabilisatiecontrolesysteem van motorvoertuigen, in gebruik genomen voor 1 januari 2018, mag geen defect aangeven.

Visuele en auditieve controle. Wanneer na het starten van de motor een optisch of akoestisch waarschuwingssignaal wordt afgegeven dat het stabilisatiecontrolesysteem niet goed functioneert, wordt dit vermeld op het keuringsrapport. Indien het een motorvoertuig met een toegestane maximummassa van niet meer dan 3.500 kg betreft, wordt in geval van twijfel een rijproef uitgevoerd.

4.

De waarschuwingsinrichting van het controlesysteem voor de bandenspanning van motorvoertuigen, in gebruik genomen voor 1 januari 2018, mag geen defect aangeven.

Visuele en auditieve controle. Wanneer na het starten van de motor een optisch of akoestisch waarschuwingssignaal wordt afgegeven dat het controlesysteem voor de bandenspanning niet goed functioneert, wordt dit vermeld op het keuringsrapport. Indien het een motorvoertuig met een toegestane maximummassa van niet meer dan 3.500 kg betreft, wordt in geval van twijfel een rijproef uitgevoerd.

5.

De waarschuwingsinrichting van de elektronische stuurbekrachtiging van motorvoertuigen, in gebruik genomen voor 1 januari 2018, mag geen defect aangeven.

Visuele en auditieve controle. Wanneer na het starten van de motor een optisch of akoestisch waarschuwingssignaal wordt afgegeven dat de elektronische stuurbekrachtiging niet goed functioneert, wordt dit vermeld op het keuringsrapport. Indien het een motorvoertuig met een toegestane maximummassa van niet meer dan 3.500 kg betreft, wordt in geval van twijfel een rijproef uitgevoerd.

6.

De waarschuwingsinrichting van het antiblokkeersysteem van motorvoertuigen, in gebruik genomen voor 1 januari 2018, mag geen defect aangeven.

Visuele en auditieve controle. Wanneer na het starten van de motor een optisch of akoestisch waarschuwingssignaal wordt afgegeven dat het antiblokkeersysteem niet goed functioneert, wordt dit vermeld op het keuringsrapport. Indien het een motorvoertuig met een toegestane maximummassa van niet meer dan 3.500 kg betreft, wordt in geval van twijfel een rijproef uitgevoerd.

7.

De waarschuwingsinrichting van het elektronisch remsysteem van motorvoertuigen, in gebruik genomen voor 1 januari 2018, mag geen defect aangeven.

Visuele en auditieve controle. Wanneer na het starten van de motor een optisch of akoestisch waarschuwingssignaal wordt afgegeven dat het elektronisch remsysteem niet goed functioneert, wordt dit vermeld op het keuringsrapport. Indien het een motorvoertuig met een toegestane maximummassa van niet meer dan 3.500 kg betreft, wordt in geval van twijfel een rijproef uitgevoerd.