Wet van 8 oktober 2025, houdende regels over onafhankelijke bijstand en individuele oordeelsvorming bij discriminatie en tot wijziging van de Algemene wet gelijke behandeling en enige andere wetten in verband met de invoering van regels inzake gelijke behandeling in Bonaire, Sint Eustatius en Saba (Wet bescherming tegen discriminatie op de BES)

Wet bescherming tegen discriminatie op de BES

Wij Willem-Alexander, bij de gratie Gods, Koning der Nederlanden, Prins van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.
Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:
Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het wenselijk is om de in het Europese deel van Nederland geldende regels inzake gelijke behandeling mede van toepassing te verklaren in het Caribisch deel van Nederland teneinde uitvoering te geven aan het discriminatieverbod van artikel 1 van de Grondwet, aldaar te voorzien in onafhankelijke bijstand bij discriminatie en de mogelijkheid tot individuele oordeelsvorming door het College voor de rechten van de mens;

Zo is het, dat Wij, de Afdeling advisering van de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

Artikel

I

Voorziening voor onafhankelijke bijstand bij discriminatie

Artikel

II

Wijzigt de Algemene wet gelijke behandeling.

Artikel

III

Wijzigt het Burgerlijk Wetboek BES Boek 7a.

Artikel

IV

Wijzigt de Wet College voor de rechten van de mens.

Artikel

V

Wijzigt de Wet gelijke behandeling op grond van handicap of chronische ziekte.

Artikel

VI

Wijzigt de Wet gelijke behandeling op grond van leeftijd bij de arbeid.

Artikel

VII

Wijzigt de Wet gelijke behandeling van mannen en vrouwen.

Artikel

VIII

Wijzigt de Wijzigingswet Burgerlijk Wetboek en Ambtenarenwet ivm verbod tot maken van onderscheid tussen werknemers naar arbeidsduur.

Artikel

IX

Wijzigt de Uitvoeringswet EU-richtlijn 1999/70/EG (raamovereenkomst door het EVV, de UNICE en het CEEP inzake arbeidsovereenkomsten voor bepaalde tijd).

Artikel

X

Evaluatie

Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties zendt, in overeenstemming met Onze Ministers die het mede aangaat, binnen drie jaar na de inwerkingtreding van deze wet aan de Staten-Generaal een verslag over de doeltreffendheid en de effecten van deze wet in de praktijk.

Artikel

XI

Inwerkingtreding

Deze wet treedt in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip, dat voor de verschillende artikelen of onderdelen daarvan verschillend kan worden vastgesteld.

Artikel

XII

Citeertitel

Deze wet wordt aangehaald als: Wet bescherming tegen discriminatie op de BES.

Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren die zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.

Gegeven te

’s-Gravenhage
Willem-Alexander
De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, F. Rijkaart
De Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, J.N.J. Nobel
De Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, K.M. Becking
De Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, A.C.L. Rutte
De Staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, E. van Marum
De Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, J.Z.C.M. Tielen
De Minister van Justitie en Veiligheid, F. van Oosten